Louis Koorenhof – een icoon dat groter is dan een club gun je een goed herstel
Er zijn dingen die je liever niet leest. Niet omdat ze onwaar zijn, maar omdat je ze iemand eenvoudigweg niet gunt. Zeker niet iemand als Louis Koorenhof. Een aimabele mensenmens, een trainer in hart en nieren, en bovenal een van die zeldzame figuren die het amateurvoetbal zo mooi maken
Sinds enkele weken maak ik met extra aandacht werk van de rubriek Clubiconen. Mensen die ik associeer met een club, omdat ze er veel voor betekend hebben, of dat, in welke vorm dan ook, nog steeds doen. Maar daarnaast zijn er ook personen die boven het clubbelang uitstijgen. Mensen die zó verweven zijn met het amateurvoetbal, dat je ze gerust iconen mag noemen van een hele regio.
Louis Koorenhof is zo iemand. En een titel die de inmiddels 84-jarige meer dan verdient.
Het is alweer een aantal jaren geleden dat we elkaar voor het laatst spraken. Zoals altijd ging het gesprek al snel over voetbal. Over trainers, clubs, jeugd. En toen zei hij, terloops maar veelzeggend:
“Johan, als je hoort dat ze ergens nog een trainer zoeken voor een jeugdteam, mogen ze mij bellen.”
Hij was toen de 75 al gepasseerd. Die ene opmerking typeert Louis Koorenhof misschien wel beter dan duizend woorden. Altijd bezig willen zijn met het spel. Met het amateurvoetbal dat hij zo lief heeft. Niet voor status, niet voor eer, maar uit pure betrokkenheid.
Ik herinner me een interview bij hem thuis voor de Ommelander Courant. Het werd een middag zoals iedereen die Louis ooit meemaakte zal herkennen. Een onafgebroken stroom aan anekdotes, namen, clubs en herinneringen. Maar bovenal: warmte. Liefde voor het spel. Respect voor vrijwilligers, trainers, spelers en clubs die samen het fundament vormen van het amateurvoetbal.
Wonend tegenover het sportcomplex van Lewenborg was hij jarenlang kind aan huis bij FC Lewenborg. Altijd aanwezig, altijd betrokken. De laatste tijd werd dat, door zijn gezondheid, vanzelfsprekend minder. Maar loslaten? Dat deed hij nooit.
Want wie, zoals Louis, eenmaal besmet is met het amateurvoetbalvirus, raakt daar nooit meer van genezen. Nog altijd volgt hij het amateurvoetbal op de voet. Met interesse. Met kennis. Met datzelfde vuur dat hem decennialang dreef langs de velden van Groningen en daarbuiten.
Juist daarom was het schrikken om te horen welk fysiek ongemak hem recent heeft getroffen, met een gebroken nek als tragisch dieptepunt.
Dat gun je niemand. Maar een mensen-mens-trainer als Louis Koorenhof – ik vergelijk hem in dat opzicht graag met Leo Beenhakker – al helemaal niet. Voor nu rest vooral hoop. Hoop op herstel. Hoop op betere dagen. Voor een man die zijn leven in dienst stelde van het amateurvoetbal.
En voor iemand die dat samen met zijn echtgenote Janny meer dan honderd procent verdient.
Louis Koorenhof is geen icoon van één club. Hij is het Groninger amateurvoetbal.
En daarmee heeft hij, zonder enige twijfel, een vaste plek verdiend in mijn Hall of Fame op Puurvoetbalonline
Sinds enkele weken maak ik met extra aandacht werk van de rubriek Clubiconen. Mensen die ik associeer met een club, omdat ze er veel voor betekend hebben, of dat, in welke vorm dan ook, nog steeds doen. Maar daarnaast zijn er ook personen die boven het clubbelang uitstijgen. Mensen die zó verweven zijn met het amateurvoetbal, dat je ze gerust iconen mag noemen van een hele regio.
Louis Koorenhof is zo iemand. En een titel die de inmiddels 84-jarige meer dan verdient.
Het is alweer een aantal jaren geleden dat we elkaar voor het laatst spraken. Zoals altijd ging het gesprek al snel over voetbal. Over trainers, clubs, jeugd. En toen zei hij, terloops maar veelzeggend:
“Johan, als je hoort dat ze ergens nog een trainer zoeken voor een jeugdteam, mogen ze mij bellen.”
Hij was toen de 75 al gepasseerd. Die ene opmerking typeert Louis Koorenhof misschien wel beter dan duizend woorden. Altijd bezig willen zijn met het spel. Met het amateurvoetbal dat hij zo lief heeft. Niet voor status, niet voor eer, maar uit pure betrokkenheid.
Ik herinner me een interview bij hem thuis voor de Ommelander Courant. Het werd een middag zoals iedereen die Louis ooit meemaakte zal herkennen. Een onafgebroken stroom aan anekdotes, namen, clubs en herinneringen. Maar bovenal: warmte. Liefde voor het spel. Respect voor vrijwilligers, trainers, spelers en clubs die samen het fundament vormen van het amateurvoetbal.
Wonend tegenover het sportcomplex van Lewenborg was hij jarenlang kind aan huis bij FC Lewenborg. Altijd aanwezig, altijd betrokken. De laatste tijd werd dat, door zijn gezondheid, vanzelfsprekend minder. Maar loslaten? Dat deed hij nooit.
Want wie, zoals Louis, eenmaal besmet is met het amateurvoetbalvirus, raakt daar nooit meer van genezen. Nog altijd volgt hij het amateurvoetbal op de voet. Met interesse. Met kennis. Met datzelfde vuur dat hem decennialang dreef langs de velden van Groningen en daarbuiten.
Juist daarom was het schrikken om te horen welk fysiek ongemak hem recent heeft getroffen, met een gebroken nek als tragisch dieptepunt.
Dat gun je niemand. Maar een mensen-mens-trainer als Louis Koorenhof – ik vergelijk hem in dat opzicht graag met Leo Beenhakker – al helemaal niet. Voor nu rest vooral hoop. Hoop op herstel. Hoop op betere dagen. Voor een man die zijn leven in dienst stelde van het amateurvoetbal.
En voor iemand die dat samen met zijn echtgenote Janny meer dan honderd procent verdient.
Louis Koorenhof is geen icoon van één club. Hij is het Groninger amateurvoetbal.
En daarmee heeft hij, zonder enige twijfel, een vaste plek verdiend in mijn Hall of Fame op Puurvoetbalonline