Pure willekeur in zaterdag 5E
Zaterdag 5E is een competitie die mij elk seizoen weer triggert. Niet vanwege het hoge niveau of een meeslepende titelgevecht, maar omdat ik in deze klasse regelmatig als verslaggever langs de lijn sta. Het is een competitie van bekenden, van praatjes bij het hek en van spelers die op maandag weer gewoon naar hun werk gaan. Je verwacht zelden spektakel, maar de gezelligheid maakt veel goed.

Juist daarom doet het pijn om te zien hoe deze competitie dit seizoen is verworden tot het lelijke eendje van district Noord. Door een veelvoud aan afgelastingen moeten zeven clubs nog maar liefst vijftien (!) van de vierentwintig wedstrijden spelen. Een krankzinnig aantal, zeker als je bedenkt dat op 23 en 24 mei het reguliere programma afgerond moet zijn. Daarna wacht immers de nacompetitie, die volgens de planning van de KNVB geen vertraging mag oplopen.
De consequentie laat zich raden: een overvolle agenda. Doordeweekse wedstrijden zijn geen uitzondering meer, maar regel. April dreigt voor veel voetballers in zaterdag 5E een maand te worden waarin werk, gezin en voetbal elkaar in moordend tempo afwisselen. Voor amateurs. Voor spelers die geen fysio en geen herstelprogramma hebben, maar gewoon spierpijn.
Tegen die achtergrond valt één wedstrijd in het bijzonder op: Kloosterburen tegen Zeester, ingepland op dinsdag 10 maart. Op het eerste gezicht niets bijzonders. Een inhaalwedstrijd, zoals er zoveel zijn. Maar wie het speelschema in de app Voetbal.nl nauwkeurig bekijkt, ziet iets opmerkelijks.
Kloosterburen speelt in april slechts één keer doordeweeks, op 28 april tegen KRC. In totaal komt de ploeg dan op vijf wedstrijden in die maand. Druk, maar overzichtelijk. Zeester daarentegen speelt op dinsdag 14 april thuis tegen Eenrum maar heeft op zaterdag 11 april een regulier vrij weekend. Daardoor komt Zeester in april uit op vier wedstrijden.
Met andere woorden: er was ruimte. Ruimte om Kloosterburen – Zeester gewoon in april te plannen. Bijvoorbeeld op paasmaandag 6 april. Een uitstekende optie. Beide ploegen beschikbaar, geen extreme belasting en geen kunstgrepen nodig.
Toch werd gekozen voor 10 maart. Een datum waarop Kloosterburen moet uitwijken naar een complex met lichtmasten, omdat spelen op het eigen sportpark Westerklooster in de avond niet mogelijk is. Extra geregel, extra kosten….en niet onbelangrijk minder omzet in de kantine . En dat terwijl er later in het seizoen voldoende speelruimte is.
Waarom dan toch 10 maart?
Kijkend naar de stand in de eerste periode in 5E wordt het nog opmerkelijker. Rood Zwart Baflo gaat aan kop met 11 wedstrijden en 31 punten. ZEC volgt met 9 wedstrijden en 22 punten. Zeester staat op 9 wedstrijden en 21 punten.
Een simpel rekensommetje leert dat Zeester geen rol van betekenis meer kan spelen in het winnen van de eerste periode. Zelfs bij twee zeges is het gat in verliespunten simpelweg te groot om nog echt druk te zetten. De periode is uit zicht.
Dat maakt de vroege inplanning van Kloosterburen – Zeester des te vreemder. Er is geen sportieve noodzaak. Geen periode die beslist moet worden. Geen competitiebelang dat schreeuwt om spoed. Het duel had probleemloos in april gespeeld kunnen worden, zonder dat het enige invloed had op de stand van zaken.
Hier wringt het.
Want wat resteert, is de indruk van pure willekeur. In een competitie die toch al uit zijn voegen barst van de inhaalwedstrijden, wordt een duel naar voren gehaald zonder duidelijke reden.
Het probleem is niet dat er ingehaald moet worden. Dat is onvermijdelijk na een winter vol afgelastingen. Het probleem is het ontbreken van logica. Als je clubs vraagt flexibel te zijn, dan moet je als bond zelf ook laten zien dat je zorgvuldig plant. Dat je kijkt naar belasting, naar stand, naar praktische haalbaarheid.
Zaterdag 5E verdient beter dan dit. Geen voorkeursbehandeling, geen speciale status. Maar wel een planning die uitlegbaar is. Een planning die recht doet aan de realiteit van het amateurvoetbal. Want als zelfs in de krochten van het district het gevoel ontstaat dat besluiten willekeurig worden genomen, dan tast dat het vertrouwen aan. En dat is misschien nog wel schadelijker dan een overvolle aprilmaand. Pure willekeur. Dat is wat blijft hangen. En dat is onnodig.

Juist daarom doet het pijn om te zien hoe deze competitie dit seizoen is verworden tot het lelijke eendje van district Noord. Door een veelvoud aan afgelastingen moeten zeven clubs nog maar liefst vijftien (!) van de vierentwintig wedstrijden spelen. Een krankzinnig aantal, zeker als je bedenkt dat op 23 en 24 mei het reguliere programma afgerond moet zijn. Daarna wacht immers de nacompetitie, die volgens de planning van de KNVB geen vertraging mag oplopen.
De consequentie laat zich raden: een overvolle agenda. Doordeweekse wedstrijden zijn geen uitzondering meer, maar regel. April dreigt voor veel voetballers in zaterdag 5E een maand te worden waarin werk, gezin en voetbal elkaar in moordend tempo afwisselen. Voor amateurs. Voor spelers die geen fysio en geen herstelprogramma hebben, maar gewoon spierpijn.
Tegen die achtergrond valt één wedstrijd in het bijzonder op: Kloosterburen tegen Zeester, ingepland op dinsdag 10 maart. Op het eerste gezicht niets bijzonders. Een inhaalwedstrijd, zoals er zoveel zijn. Maar wie het speelschema in de app Voetbal.nl nauwkeurig bekijkt, ziet iets opmerkelijks.
Kloosterburen speelt in april slechts één keer doordeweeks, op 28 april tegen KRC. In totaal komt de ploeg dan op vijf wedstrijden in die maand. Druk, maar overzichtelijk. Zeester daarentegen speelt op dinsdag 14 april thuis tegen Eenrum maar heeft op zaterdag 11 april een regulier vrij weekend. Daardoor komt Zeester in april uit op vier wedstrijden.
Met andere woorden: er was ruimte. Ruimte om Kloosterburen – Zeester gewoon in april te plannen. Bijvoorbeeld op paasmaandag 6 april. Een uitstekende optie. Beide ploegen beschikbaar, geen extreme belasting en geen kunstgrepen nodig.
Toch werd gekozen voor 10 maart. Een datum waarop Kloosterburen moet uitwijken naar een complex met lichtmasten, omdat spelen op het eigen sportpark Westerklooster in de avond niet mogelijk is. Extra geregel, extra kosten….en niet onbelangrijk minder omzet in de kantine . En dat terwijl er later in het seizoen voldoende speelruimte is.
Waarom dan toch 10 maart?
Kijkend naar de stand in de eerste periode in 5E wordt het nog opmerkelijker. Rood Zwart Baflo gaat aan kop met 11 wedstrijden en 31 punten. ZEC volgt met 9 wedstrijden en 22 punten. Zeester staat op 9 wedstrijden en 21 punten.
Een simpel rekensommetje leert dat Zeester geen rol van betekenis meer kan spelen in het winnen van de eerste periode. Zelfs bij twee zeges is het gat in verliespunten simpelweg te groot om nog echt druk te zetten. De periode is uit zicht.
Dat maakt de vroege inplanning van Kloosterburen – Zeester des te vreemder. Er is geen sportieve noodzaak. Geen periode die beslist moet worden. Geen competitiebelang dat schreeuwt om spoed. Het duel had probleemloos in april gespeeld kunnen worden, zonder dat het enige invloed had op de stand van zaken.
Hier wringt het.
Want wat resteert, is de indruk van pure willekeur. In een competitie die toch al uit zijn voegen barst van de inhaalwedstrijden, wordt een duel naar voren gehaald zonder duidelijke reden.
Het probleem is niet dat er ingehaald moet worden. Dat is onvermijdelijk na een winter vol afgelastingen. Het probleem is het ontbreken van logica. Als je clubs vraagt flexibel te zijn, dan moet je als bond zelf ook laten zien dat je zorgvuldig plant. Dat je kijkt naar belasting, naar stand, naar praktische haalbaarheid.
Zaterdag 5E verdient beter dan dit. Geen voorkeursbehandeling, geen speciale status. Maar wel een planning die uitlegbaar is. Een planning die recht doet aan de realiteit van het amateurvoetbal. Want als zelfs in de krochten van het district het gevoel ontstaat dat besluiten willekeurig worden genomen, dan tast dat het vertrouwen aan. En dat is misschien nog wel schadelijker dan een overvolle aprilmaand. Pure willekeur. Dat is wat blijft hangen. En dat is onnodig.