Mooi voetbal is geen luxe, maar een keuze – ook in het amateurvoetbal

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

 

Je leest het steeds vaker: in het amateurvoetbal lijkt het bij veel trainers niet te draaien om mooi voetbal, kansen creëren en spelers beter maken. Zeker op de lagere niveaus lijkt de angst om te verliezen soms groter dan de ambitie om iets op te bouwen. Zelfs in de vierde en vijfdeklasse wordt de speelwijze aangepast aan de tegenstander, worden risico's zoveel mogelijk vermeden en krijgt resultaat de voorkeur boven ontwikkeling. Maar is dat werkelijk waar voetbal om draait?
Voetbal is toch veel meer dan alleen de uitslag op het scorebord? Of je nu op het hoogste niveau speelt of op zaterdagmiddag in bijvoorbeeld de vierde klasse, de essentie van het spel blijft hetzelfde: samen proberen iets moois neer te zetten, het publiek vermaken en spelers helpen om zich te ontwikkelen. Dat zou op ieder niveau het uitgangspunt moeten zijn.
Als trainer heb je daarin een verantwoordelijkheid. Je bent je supporters iets verschuldigd. Zij komen niet alleen naar het sportpark om te zien of hun club drie punten pakt, maar ook om zich te vermaken, spanning te beleven en mooie aanvallen, goede combinaties en doelpunten te zien. Natuurlijk hoort winnen bij voetbal, maar niemand kan garanderen dat je iedere wedstrijd wint. Wat je wél kunt bepalen, is de manier waarop je jouw ploeg laat spelen. Daarnaast heb je als trainer de taak om spelers beter te maken. Dat geldt voor de talentvolle jeugdspeler die droomt van een profcarrière, maar net zo goed voor de voetballer die op zaterdag of zondag zijn hobby beoefent op een lager niveau. Ook die speler wil leren, stappen maken en met vertrouwen het veld opgaan. Waarom zouden we hem dan niet uitdagen om aanvallend te voetballen, oplossingen te zoeken en verantwoordelijkheid te nemen aan de bal? Winnen is onderdeel van ons doel. De manier waarop we willen winnen, zegt wie we als team zijn. Dat is een gedachte die veel meer trainers als uitgangspunt zouden mogen nemen.

logo

Lef tonen en vasthouden aan je visie

De kern van het bovenstaande bericht kreeg ik deze week van een trainer die werkzaam is in de bovenbouw van een jeugdafdeling. Zijn verhaal sprak me aan, juist omdat het laat zien dat het ook anders kan. Zijn team speelde tegen de gedoodverfde favoriet van de klasse en won met 4-2. Niet door de tegenstander angstvallig af te wachten of de eigen speelwijze overboord te gooien, maar door vast te houden aan een duidelijke voetbalvisie.

De uitgangspunten waren helder:
  • Aanvallend voetballen en proberen zelf het initiatief te nemen.
  • De tegenstander voor keuzes stellen, in plaats van de eigen speelwijze voortdurend aan te passen.
  • Fouten mogen maken, omdat fouten onderdeel zijn van het leer- en ontwikkelingsproces
Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar in de praktijk blijkt het vaak een stuk moeilijker. Want wat gebeurt er wanneer je een paar wedstrijden achter elkaar verliest? Hoeveel trainers durven dan nog vast te houden aan hun oorspronkelijke plannen? Hoe snel wordt de opbouw van achteruit ingeruild voor de lange bal? En hoe vaak verdwijnt de ambitie om verzorgd voetbal te spelen zodra de druk van de omgeving toeneemt? Juist op zulke momenten wordt duidelijk of een trainer werkelijk in zijn visie gelooft. Een speelwijze uitdragen wanneer alles goed gaat, is niet zo moeilijk. Er trouw aan blijven wanneer het tegenzit, vraagt overtuiging, geduld en lef. Dat het team na afloop zelfs complimenten kreeg van de staf van de tegenstander, maakt het verhaal alleen maar mooier. Niet alleen vanwege de 4-2 overwinning, maar vooral omdat de ploeg liet zien dat je met een duidelijke aanvallende intentie resultaat kunt boeken zonder je principes te verloochenen.

Angst is een slechte raadgever

Toch zien we in het amateurvoetbal regelmatig het tegenovergestelde gebeuren. Trainers roepen vooraf dat ze aantrekkelijk willen spelen, dat ze verzorgd voetbal belangrijk vinden en dat spelers fouten mogen maken. Maar na een slechte seizoenstart verandert de toon. De angsthaas komt naar boven. De druk om punten te halen neemt toe en plotseling lijkt alles ondergeschikt aan het resultaat. De oplossing wordt dan gezocht in een steeds defensievere speelwijze, waarbij vooral wordt gekeken naar wat de tegenstander kan en zo min mogelijk naar de eigen mogelijkheden. Het doel is niet langer om zelf het spel te maken, maar vooral om te voorkomen dat de tegenstander scoort. Daarmee dreigt het voetbal zijn schoonheid te verliezen. Natuurlijk heeft iedere ploeg een verdedigende organisatie nodig en is tactiek een belangrijk onderdeel van het spel. Niemand pleit ervoor om naïef te voetballen of de ogen te sluiten voor de kwaliteiten van de tegenstander. Maar er bestaat een wezenlijk verschil tussen verstandig verdedigen en vanuit angst je eigen voetbalideeën opgeven.

Het catenaccio, dat vooral bekend werd door de Italiaanse voetbalcultuur en een trainer als Helenio Herrera, staat symbool voor een uitgesproken defensieve benadering. Tactisch kan daar veel over worden gezegd, maar het wordt problematisch wanneer een defensieve instelling niet voortkomt uit een bewuste voetbalkeuze, maar uit de angst om fouten te maken of punten te verliezen. Want wat leer je spelers wanneer iedere fout direct wordt afgestraft en ieder risico wordt vermeden? Dat veiligheid belangrijker is dan ontwikkeling? Dat initiatief nemen gevaarlijk is? En dat de uitslag uiteindelijk zwaarder weegt dan de manier waarop je als team groeit?

Een diploma maakt nog geen goede voetbaltrainer

Ook de discussie over trainersdiploma's is in dat licht interessant. Natuurlijk zijn opleidingen belangrijk. Ze bieden kennis, structuur en hulpmiddelen om spelers en teams beter te begeleiden. Maar een KNVB-diploma alleen maakt iemand nog niet tot een trainer met een heldere visie, net zoals het trainerschap bij een vierdeklasser niet betekent dat je genoegen moet nemen met minder ambitie. Goed trainerschap begint bij weten wat je wilt bereiken. In het amateurvoetbal hoeft niet alles te draaien om promotie of degradatie. Een promotie kan zelfs een last worden wanneer de verwachtingen vervolgens te hoog oplopen, terwijl de pijn van een degradatie soms na enkele weken alweer naar de achtergrond verdwijnt.

Durf spelers en supporters meer te geven

Het bericht van deze trainer stemde me positief. Het laat zien dat er trainers zijn die verder kijken dan de eerstvolgende uitslag en die begrijpen dat voetbal ook een leerproces en een vorm van entertainment is. En als dat dan ook nog eens leidt tot een 4-2 overwinning op de gedoodverfde favoriet, is dat een prachtige bevestiging dat lef en resultaat elkaar helemaal niet hoeven uit te sluiten.