Vuurwerk hoort niet in een voetbalstadion!
Voetbal noemt zichzelf graag een familiesport. Clubs schermen ermee in commercials, in beleidsplannen en in campagnes waarin lachende kinderen hand in hand met hun helden het veld oplopen. “Samen beleven.” “Voor jong en oud.” “Veilig voetbal.” Mooie woorden. Totdat de spelers uit de tunnel komen en het stadion verandert in een oorlogsgebied van rook, knallen en explosies. Dan blijkt ineens hoe ongelooflijk hypocriet de voetbalwereld werkelijk is.

Want donderdagavond werd opnieuw zichtbaar hoe krankzinnig normaal vuurwerk inmiddels is geworden in het betaald voetbal. Bij FC Utrecht – Heerenveen, door mijn gesprekken met Jan ten Caat ben ik het betaald voetbal iets meer gaan volgen, liepen kinderen mee het veld op. Kinderen! Met oordopjes in. Niet omdat er een vliegtuig ging opstijgen. Niet omdat ze naast een drilboor stonden. Nee, omdat de club zélf vuurwerk ging afsteken bij de opkomst van de spelers. Lees die zin nog eens rustig terug.
Kinderen krijgen bescherming tegen gehoorschade omdat volwassenen per se explosies willen horen tijdens een voetbalwedstrijd. En niemand binnen die club lijkt zich af te vragen hoe absurd dat eigenlijk is. Wat is er in hemelsnaam gebeurd met normaal doen?
Voetbal draait om passie, sfeer, spanning en emotie. Dat heeft het spel al meer dan honderd jaar zonder vuurwerk gedaan. De Kuip kolkt ook zonder rookpotten. De Galgenwaard leefde vroeger ook zonder explosieven. De Adelaarshorst stond in brand van sfeer zonder dat er letterlijk iets hoefde te ontploffen en wat ook geldt voor de Euroborg. Supporters maakten sfeer met zang, clubliefde en fanatisme. Niet met knalwerk dat thuishoort bij een oudejaarsnacht maar niet bij een sportwedstrijd.
Maar ergens onderweg is de voetbalwereld verslaafd geraakt aan uiterlijk vertoon. Alles moet harder, groter en extremer. Opkomstshows, lichtshows, rookgordijnen en explosies. Alsof een voetbalwedstrijd tegenwoordig een slechte imitatie van een Amerikaanse worstelshow moet zijn. Het spel zelf lijkt soms bijzaak geworden.
En ondertussen blijft men maar doen alsof vuurwerk “bij de beleving hoort”. Nee, is dan mijn antwoord: Het hoort bij de verloedering van de voetbalcultuur.
Want laten we ophouden met dat romantiseren van vuurwerk in stadions. Het veroorzaakt overlast, schade, angst en gevaar. Elk seizoen opnieuw zijn er gewonden. Stewards die geraakt worden. Supporters met gehoorschade. Wedstrijden die worden stilgelegd. Spelers die zich kapot ergeren aan rook op het veld. Kinderen die huilend op de tribune zitten omdat er weer een idioot een cobra afsteekt. En het ergste? We zijn het bijna normaal gaan vinden omdat ook clubs aan deze asociale onzin meedoen. En dat is misschien nog wel het meest trieste van alles.
Wanneer een club kinderen oordopjes moet geven vanwege de eigen sfeeractie, dan is de grens overschreden. Dan ben je ook als club compleet de weg kwijt. Dan ben je als club niet bezig met veiligheid of voetbalbeleving, maar met het faciliteren van een cultuur waarin herrie om je hooligans te pleasen belangrijker is geworden dan gezond verstand. Want laten we eerlijk zijn: welk probleem lost vuurwerk precies op?
Wordt het voetbal er beter van? Nee.
Wordt de sfeer er gezelliger van? Nee.
Worden gezinnen er sneller door aangetrokken? Zeker niet.
Wordt het stadion veiliger? Absoluut niet.
Het enige wat vuurwerk toevoegt, is risico.
En ja, er zullen altijd supporters zijn die zeggen dat “de sfeer geweldig is”. Dat het “bij ultras hoort”. Dat “voetbal emotie moet zijn”. Prima. Maar emotie hoeft niet gepaard te gaan met explosieven. Een stadion dat echt leeft, heeft geen rookpotten nodig om indruk te maken. De beste voetbalavonden ontstaan door passie op de tribunes en strijd op het veld.
Bovendien is het onderscheid tussen “gecontroleerd vuurwerk” van clubs en illegaal vuurwerk van supporters flinterdun geworden. Clubs geven namelijk zelf het signaal af dat vuurwerk blijkbaar onderdeel van voetbal is. Dat het stoer is. Dat het sfeer brengt. En vervolgens zijn ze verbaasd wanneer supporters nóg een stap verder gaan. Welke geloofwaardigheid heb je als club nog wanneer je aan de ene kant boetes uitdeelt voor vuurwerk op de tribune, maar aan de andere kant zelf een show organiseert bij de spelersopkomst? Precies: geen enkele.
Het betaald voetbal roept voortdurend dat veiligheid prioriteit heeft. Maar veiligheid blijkt in de praktijk vooral belangrijk zolang het de entertainmentwaarde niet in de weg zit. Zodra vuurwerk “mooi op beeld” oogt, blijken principes ineens flexibel. Dat is laf beleid.
En ondertussen zitten we opgescheept met stadions waar kinderen beschermd moeten worden tegen de sfeeracties van hun eigen club. Dat zou toch iedereen wakker moeten schudden? Hoe kun je enerzijds campagnes voeren tegen agressie en overlast, terwijl je anderzijds explosies verheerlijkt als onderdeel van de voetbalervaring?Voetbal heeft een keuze te maken.
Wil het een sport blijven waar gezinnen zich welkom voelen? Waar veiligheid serieus genomen wordt? Waar sfeer ontstaat vanuit clubliefde in plaats van uit sensatiezucht? Of wil het doorgaan op deze weg, waarin alles extremer moet totdat er opnieuw iemand zwaargewond raakt?
Want laten we ook daar niet naïef over doen: het is wachten op de volgende grote ramp. Vuurwerk in volle stadions blijft spelen met risico’s. Eén verkeerde beweging. Eén projectiel de verkeerde kant op. Eén paniekreactie in een volle tribune. Dan praten we niet meer over “sfeer”, maar over drama. En dan zal iedereen weer roepen dat “dit nooit had mogen gebeuren”. Terwijl de signalen al jaren overduidelijk zijn.
De conclusie is daarom simpel: vuurwerk hoort niet in een voetbalstadion. Niet op het veld en ook niet illegaal op de tribunes. Wie echt van voetbal houdt, heeft geen explosies nodig om sfeer te voelen. De bal, de spanning en de supporters zijn meer dan genoeg….

Want donderdagavond werd opnieuw zichtbaar hoe krankzinnig normaal vuurwerk inmiddels is geworden in het betaald voetbal. Bij FC Utrecht – Heerenveen, door mijn gesprekken met Jan ten Caat ben ik het betaald voetbal iets meer gaan volgen, liepen kinderen mee het veld op. Kinderen! Met oordopjes in. Niet omdat er een vliegtuig ging opstijgen. Niet omdat ze naast een drilboor stonden. Nee, omdat de club zélf vuurwerk ging afsteken bij de opkomst van de spelers. Lees die zin nog eens rustig terug.
Kinderen krijgen bescherming tegen gehoorschade omdat volwassenen per se explosies willen horen tijdens een voetbalwedstrijd. En niemand binnen die club lijkt zich af te vragen hoe absurd dat eigenlijk is. Wat is er in hemelsnaam gebeurd met normaal doen?
Voetbal draait om passie, sfeer, spanning en emotie. Dat heeft het spel al meer dan honderd jaar zonder vuurwerk gedaan. De Kuip kolkt ook zonder rookpotten. De Galgenwaard leefde vroeger ook zonder explosieven. De Adelaarshorst stond in brand van sfeer zonder dat er letterlijk iets hoefde te ontploffen en wat ook geldt voor de Euroborg. Supporters maakten sfeer met zang, clubliefde en fanatisme. Niet met knalwerk dat thuishoort bij een oudejaarsnacht maar niet bij een sportwedstrijd.
Maar ergens onderweg is de voetbalwereld verslaafd geraakt aan uiterlijk vertoon. Alles moet harder, groter en extremer. Opkomstshows, lichtshows, rookgordijnen en explosies. Alsof een voetbalwedstrijd tegenwoordig een slechte imitatie van een Amerikaanse worstelshow moet zijn. Het spel zelf lijkt soms bijzaak geworden.
En ondertussen blijft men maar doen alsof vuurwerk “bij de beleving hoort”. Nee, is dan mijn antwoord: Het hoort bij de verloedering van de voetbalcultuur.
Want laten we ophouden met dat romantiseren van vuurwerk in stadions. Het veroorzaakt overlast, schade, angst en gevaar. Elk seizoen opnieuw zijn er gewonden. Stewards die geraakt worden. Supporters met gehoorschade. Wedstrijden die worden stilgelegd. Spelers die zich kapot ergeren aan rook op het veld. Kinderen die huilend op de tribune zitten omdat er weer een idioot een cobra afsteekt. En het ergste? We zijn het bijna normaal gaan vinden omdat ook clubs aan deze asociale onzin meedoen. En dat is misschien nog wel het meest trieste van alles.
Wanneer een club kinderen oordopjes moet geven vanwege de eigen sfeeractie, dan is de grens overschreden. Dan ben je ook als club compleet de weg kwijt. Dan ben je als club niet bezig met veiligheid of voetbalbeleving, maar met het faciliteren van een cultuur waarin herrie om je hooligans te pleasen belangrijker is geworden dan gezond verstand. Want laten we eerlijk zijn: welk probleem lost vuurwerk precies op?
Wordt het voetbal er beter van? Nee.
Wordt de sfeer er gezelliger van? Nee.
Worden gezinnen er sneller door aangetrokken? Zeker niet.
Wordt het stadion veiliger? Absoluut niet.
Het enige wat vuurwerk toevoegt, is risico.
En ja, er zullen altijd supporters zijn die zeggen dat “de sfeer geweldig is”. Dat het “bij ultras hoort”. Dat “voetbal emotie moet zijn”. Prima. Maar emotie hoeft niet gepaard te gaan met explosieven. Een stadion dat echt leeft, heeft geen rookpotten nodig om indruk te maken. De beste voetbalavonden ontstaan door passie op de tribunes en strijd op het veld.
Bovendien is het onderscheid tussen “gecontroleerd vuurwerk” van clubs en illegaal vuurwerk van supporters flinterdun geworden. Clubs geven namelijk zelf het signaal af dat vuurwerk blijkbaar onderdeel van voetbal is. Dat het stoer is. Dat het sfeer brengt. En vervolgens zijn ze verbaasd wanneer supporters nóg een stap verder gaan. Welke geloofwaardigheid heb je als club nog wanneer je aan de ene kant boetes uitdeelt voor vuurwerk op de tribune, maar aan de andere kant zelf een show organiseert bij de spelersopkomst? Precies: geen enkele.
Het betaald voetbal roept voortdurend dat veiligheid prioriteit heeft. Maar veiligheid blijkt in de praktijk vooral belangrijk zolang het de entertainmentwaarde niet in de weg zit. Zodra vuurwerk “mooi op beeld” oogt, blijken principes ineens flexibel. Dat is laf beleid.
En ondertussen zitten we opgescheept met stadions waar kinderen beschermd moeten worden tegen de sfeeracties van hun eigen club. Dat zou toch iedereen wakker moeten schudden? Hoe kun je enerzijds campagnes voeren tegen agressie en overlast, terwijl je anderzijds explosies verheerlijkt als onderdeel van de voetbalervaring?Voetbal heeft een keuze te maken.
Wil het een sport blijven waar gezinnen zich welkom voelen? Waar veiligheid serieus genomen wordt? Waar sfeer ontstaat vanuit clubliefde in plaats van uit sensatiezucht? Of wil het doorgaan op deze weg, waarin alles extremer moet totdat er opnieuw iemand zwaargewond raakt?
Want laten we ook daar niet naïef over doen: het is wachten op de volgende grote ramp. Vuurwerk in volle stadions blijft spelen met risico’s. Eén verkeerde beweging. Eén projectiel de verkeerde kant op. Eén paniekreactie in een volle tribune. Dan praten we niet meer over “sfeer”, maar over drama. En dan zal iedereen weer roepen dat “dit nooit had mogen gebeuren”. Terwijl de signalen al jaren overduidelijk zijn.
De conclusie is daarom simpel: vuurwerk hoort niet in een voetbalstadion. Niet op het veld en ook niet illegaal op de tribunes. Wie echt van voetbal houdt, heeft geen explosies nodig om sfeer te voelen. De bal, de spanning en de supporters zijn meer dan genoeg….