Fouten maken mag maar ze erkennen moet.

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns


In de amateurwereld van het voetbal draait het vaak om plezier, passie en betrokkenheid. Vrijwilligers staan week in week uit klaar, clubs doen hun uiterste best om alles draaiende te houden en scheidsrechters proberen wedstrijden in goede banen te leiden. Dat verdient respect. Altijd. Maar respect betekent niet dat fouten niet benoemd mogen worden. Zeker niet wanneer zo’n fout directe gevolgen heeft voor een speler.

johan 1
Het was vandaag dat ik het bericht kreeg over een verkeerd genoteerde gele kaart. Op het eerste gezicht misschien een detail, iets wat snel vergeten wordt. Maar in dit geval had het grote gevolgen. Een speler werd namelijk ten onrechte geschorst doordat een scheidsrechter na afloop van een duel een gele kaart op de verkeerde naam had gezet.

Heel eerlijk: de scheidsrechter van dienst tijdens het duel tussen Rood Zwart Baflo en Eenrum scoort bij mij geen voldoende. En dat heeft niet alleen met die foutieve administratie te maken, maar vooral met de manier waarop daarna met de situatie werd omgegaan.

Laat ik vooropstellen dat ik veel respect heb voor de meeste scheidsrechters in het amateurvoetbal. Het is een moeilijke taak waarbij je in negentig minuten tientallen beslissingen moet nemen onder druk van spelers, trainers en publiek. Dat besef ik als geen ander. In mijn achttien seizoenen als verslaggever heb ik talloze arbiters meegemaakt die op uitstekende wijze een wedstrijd leiden en ook na afloop openstonden voor kritiek of een discussie. Maar soms kom je situaties tegen waarbij je je afvraagt waarom iemand niet gewoon kan zeggen: “Ik heb een fout gemaakt.”

Het noteren van gele kaarten in een wedstrijdverslag is overigens iets wat ik zelden uitgebreid doe. Wanneer je een echte kaartenstrooier treft, ben je anders al snel de helft van je beschikbare woorden kwijt aan administratieve mededelingen. Toch houd ik de kaarten tijdens wedstrijden wel degelijk bij. Simpelweg om overzicht te houden. Want wanneer een speler een tweede gele kaart ontvangt, volgt immers automatisch rood.

Tijdens het duel tussen Rood Zwart Baflo en Eenrum was ik er van overtuigd dat de nummer 9 van Eenrum een gele kaart had gekregen voor een licht vergrijp. Een moment dat op zich weinig ophef veroorzaakte. Tot vandaag, 15 mei, bleek dat niet de nummer 9, maar de nummer 7 van Eenrum op het wedstrijdformulier als bestrafte speler stond vermeld. En dat terwijl die speler in de verste verte niet bij de situatie betrokken was.

Dat is geen klein foutje meer. Dat is een administratieve blunder met sportieve gevolgen. Want doordat die kaart achter de verkeerde naam terechtkwam, moet een speler nu onterecht een wedstrijd missen. Een duel waarin hij niets liever had gedaan dan zijn ploeg helpen op het veld, beleeft hij nu als toeschouwer langs de lijn.

Wat het extra wrang maakt, is dat de arbiter volgens betrokkenen bleef vasthouden aan zijn versie van het verhaal. Geen ruimte voor twijfel, geen poging om de situatie opnieuw te bekijken en vooral geen erkenning dat er misschien simpelweg een fout was gemaakt.

Iedereen maakt fouten. Spelers missen kansen, trainers maken verkeerde wissels en verslaggevers schrijven soms ook iets op wat achteraf niet helemaal klopt. Dat hoort bij sport én bij het leven. Maar de kracht zit juist in het erkennen van een fout wanneer blijkt dat je verkeerd zat. Dat maakt iemand niet zwak, maar juist geloofwaardig.

Helaas zie ik in het amateurvoetbal soms nog steeds een houding bij bepaalde scheidsrechters waarbij kritiek direct wordt gezien als een aanval op hun autoriteit. Alsof het toegeven van een fout afbreuk doet aan hun positie. Terwijl het tegenovergestelde waar is. Een scheidsrechter die eerlijk zegt dat hij iets verkeerd heeft waargenomen of genoteerd, kweekt juist begrip en respect.

In mijn achttien jaar als verslaggever heb ik prima arbiters meegemaakt. Mensen die na afloop rustig uitleg gaven, konden lachen om een moment uit de wedstrijd en soms zelfs toegaven dat ze iets niet goed hadden gezien. Maar helaas heb ik ook enkele keren het andere uiterste gezien: scheidsrechters die zich boven alles en iedereen verheven voelden en koste wat kost bleven volhouden dat zij gelijk hadden.

Dat beeld kwam nu dus weer naar boven.

Want uiteindelijk draait sport om eerlijkheid. Natuurlijk horen emoties erbij en zal er altijd discussie zijn over beslissingen. Maar wanneer een speler buiten zijn schuld om wordt gestraft door een administratieve fout, mag je verwachten dat er alles aan gedaan wordt om dat recht te zetten. Respect voor scheidsrechters blijft absoluut bestaan. Dat zal ook nooit veranderen. Maar respect moet van twee kanten komen. En daar hoort ook bij dat je de moed hebt om een fout toe te geven wanneer iemand daar onterecht de dupe van wordt.