“Het amateurvoetbal gaat mooi naar de kloten.”

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

“Het amateurvoetbal gaat mooi naar de kloten.” Het was niet mijn eigen uitspraak. Ik hoorde hem vanmiddag. Maar eerlijk? Ik had hem zelf kunnen bedenken. Sterker nog: ik begrijp hem steeds heel erg goed.


johan 1

Wie tegenwoordig zijn ogen en oren openhoudt op de amateurvelden weet precies wat er aan de hand is. In april en mei verandert een deel van het amateurvoetbal namelijk in een schimmig toneelstuk waarin reglementen vooral hinderlijk zijn en sportiviteit steeds vaker ondergeschikt raakt aan eigenbelang. Het onderwerp? Vastgezette spelers.

Iedereen kent het systeem. Na vijftien wedstrijden in een eerste elftal of ander A-categorieteam mag een speler niet meer uitkomen in een lager elftal in de B-categorie. Op papier een prima regel. Bedoeld om competitievervalsing te voorkomen. Om te voorkomen dat clubs ineens in de beslissende weken van het seizoen een half eerste elftal laten meedoen bij een lager team dat nog kampioen kan worden of degradatie probeert te ontlopen. Klinkt logisch. Alleen werkt het in de praktijk nauwelijks meer.

Waarom niet? Omdat teveel clubs, leiders en spelers simpelweg niet verder kunnen tellen dan vijftien. Of beter gezegd: niet wíllen tellen. Want zodra die vijftiende wedstrijd in zicht komt, ontstaat er paniek. Niet vanwege de sportiviteit, maar vanwege de personele problemen in lagere teams. En dus wordt er geschoven, gerekend, gemanipuleerd en soms gewoon glashard bedrogen.

Iedereen weet het. Echt iedereen.

De maanden april en mei zijn binnen het amateurvoetbal de maanden van het grote wegkijken. Dan duiken ineens spelers op die “een tijdje geblesseerd waren”, “ritme moeten opdoen” of “toevallig beschikbaar zijn”. Ondertussen weet de tegenstander vaak allang hoe laat het is. Maar er wordt zelden iets van gezegd. Want het systeem is rot geworden.

Spelerspassen worden niet gecontroleerd. De thuisfluiter kijkt liever de andere kant op. Tegenstanders denken: bij ons gebeurt het ook weleens. En bestuurskamers zwijgen omdat niemand ruzie wil met de club uit het dorp verderop.

Een collectief stilzwijgen dus.

Zaterdag zag ik het zelf gebeuren. Van dichtbij. Gelukkig was ik geen direct betrokken partij, want anders had ik mijn mond zeker niet gehouden. Want hoe diep wil je zinken als je in een “bal-op-dak-13-categorie” elkaar al moet belazeren?

Waar gáát dit nog over?

Over een derde plaats in de reserve vierde klasse? Over een kampioenschap waar vervolgens met bier en muziek een feestje omheen wordt gebouwd terwijl iedereen weet dat het sportief eigenlijk nergens op sloeg? Het ergste is misschien nog wel dat veel mensen het inmiddels normaal zijn gaan vinden. “Zo gaat dat nou eenmaal.”

Nee. Zo hoort het niet te gaan.

Amateurvoetbal was ooit de plek waar plezier, clubliefde en eerlijkheid belangrijker waren dan resultaat. Natuurlijk wilde iedereen winnen. Maar er zat nog een grens aan wat acceptabel was. Tegenwoordig lijkt die grens steeds verder op te schuiven.

Winnen is belangrijker geworden dan geloofwaardigheid. En dat is dodelijk voor het amateurvoetbal. Want spelers hebben heus wel door wanneer competities worden vervalst. Trainers weten precies welke teams ineens “toevallig compleet” zijn in de laatste weken van het seizoen. Supporters zien het ook. Alleen doet bijna niemand er iets aan.

De KNVB trouwens ook niet echt.

En daar zit misschien wel het grootste probleem. Want hoe moeilijk kan het anno 2026 eigenlijk zijn? We leven in een tijd waarin ongeveer alles digitaal geregistreerd wordt. Van overschrijvingen tot wedstrijdformulieren. Maar blijkbaar is het nog steeds onmogelijk om automatisch een blokkade in te bouwen zodra een speler vijftien wedstrijden in de A-categorie heeft gespeeld.

Waarom?

Is er binnen de KNVB werkelijk geen enkele ICT’er die dit kan regelen? Zodra speler X zijn vijftiende wedstrijd aantikt, moet het systeem hem automatisch blokkeren voor de B-categorie. Geen discussie. Geen interpretatie. Geen “vergissing”. Gewoon onmogelijk maken.

Probleem opgelost. Of wil men het misschien helemaal niet oplossen?

Want laten we eerlijk zijn: zolang controles halfslachtig blijven en sancties nauwelijks pijn doen, verandert er niets. Dan blijft iedereen lachen om dezelfde trucs, dezelfde smoesjes en dezelfde schijnheiligheid. En ondertussen verliezen we precies datgene wat amateurvoetbal mooi maakt: geloofwaardigheid. Want voetbal zonder eerlijkheid is uiteindelijk gewoon een toneelstuk.

Misschien klinkt dit hard. Prima. Soms moet dat maar. Want het eeuwige relativeren helpt allang niet meer. Het amateurvoetbal heeft geen behoefte aan mensen die zeggen dat “het overal gebeurt”. Het heeft behoefte aan mensen die eindelijk eens durven ingrijpen. Aan clubs die stoppen met janken over personeelsproblemen terwijl ze ondertussen de regels manipuleren. Aan leiders die sportiviteit belangrijker vinden dan een blik bier in de kantine na een discutabel kampioenschap. En aan spelers die begrijpen dat winnen alleen waarde heeft als het eerlijk gebeurt.

Tot die tijd zal die uitspraak nog vaak langs de lijn klinken. “Het amateurvoetbal gaat mooi naar de kloten.” En het pijnlijke is: steeds meer mensen ,waaronder ik, beginnen te denken dat het waar is.