Het lot van een vijfdeklasser
Het lot van een vijfdeklasser, zo mogen we het inhaalprogramma op dinsdag 14 april gerust noemen. Waar voor sommigen een doordeweekse wedstrijd nog als een leuke onderbreking van de routine voelt, is het voor veel spelers in de vijfde klasse simpelweg een logistieke puzzel van jewelste. Zeker als je ziet dat er in zaterdag 5e op één avond maar liefst vijf duels op het programma staan.

Een van die duels, Ezinge–Warffum, begint om 19.30 uur. Op papier een prima tijdstip. Maar de overige wedstrijden ,Zeester–Eenrum, Rood Zwart Baflo-VVSV’09, ZEC–KRC en OKVC–Stedum, hebben een aanvangstijd van 18.45 uur. En juist daar wringt de schoen.
Want laten we eerlijk zijn: 18.45 uur is voor amateurvoetballers geen realistisch tijdstip. Niet als je bedenkt dat deze spelers geen profs zijn die hun dag volledig rondom een wedstrijd kunnen plannen. Integendeel, het gros van deze jongens staat gewoon overdag op de werkvloer, zit in de collegebanken of moet eerst nog andere verplichtingen afronden voordat er überhaupt aan voetbal gedacht kan worden.
Voor een fatsoenlijke voorbereiding op een wedstrijd geldt doorgaans dat een ploeg een uur voor de aftrap aanwezig moet zijn op het sportcomplex. Dat betekent dat teams die om 18.45 uur spelen er uiterlijk om 17.45 uur moeten zijn. En precies daar ontstaat het probleem.
Voor de uitspelende clubs ,Eenrum, Stedum, KRC en VVSV’09 is dat simpelweg niet haalbaar. Spelers moeten eerder van hun werk vertrekken, als dat al mogelijk is ,of lessen missen. Werkgevers zitten daar niet altijd op te wachten en onderwijsinstellingen al helemaal niet. Het gevolg? Gehaaste warming-ups en spelers die met het zweet nog op het voorhoofd het veld op stappen voordat de scheidsrechter überhaupt heeft gefloten.
Dat komt de kwaliteit van het voetbal uiteraard niet ten goede. Dan komt alles onder druk te staan wanneer alles gehaast en onder tijdsdruk moet plaatsvinden.
Nu hebben we het geluk dat de weersvoorspellingen voor de komende dagen gunstig zijn. Ook op dinsdag 14 april lijkt het weer mee te zitten, waardoor het tot ongeveer 20.45 uur nog redelijk licht blijft. Dat is in elk geval een meevaller. Maar zelfs met die omstandigheden blijft het essentieel om op tijd te beginnen en efficiënt met de beschikbare tijd om te gaan. Want zodra het donker invalt, wordt het spelen zonder goede verlichting simpelweg onmogelijk.
Toch blijft de vraag waarom deze wedstrijden überhaupt op dit soort tijdstippen ingepland moeten worden. De oplossing lijkt namelijk voor de hand te liggen. De KNVB had dit probleem eenvoudig kunnen voorkomen door het inhaalprogramma door te schuiven naar de maand mei. In die periode zijn de dagen langer en is de kans op beter weer groter. Dat biedt niet alleen meer speelruimte qua tijd, maar zorgt ook voor betere omstandigheden voor spelers, scheidsrechters en toeschouwers.
Bovendien geeft het teams de mogelijkheid om zich beter voor te bereiden, zonder dat spelers in de knel komen met werk of studie. Het amateurvoetbal zou daar alleen maar bij winnen. Want uiteindelijk draait het niet om het zo snel mogelijk afwerken van een programma, maar om het creëren van eerlijke en plezierige omstandigheden waarin iedereen tot zijn recht kan komen.
Het lot van een vijfdeklasser hoeft namelijk geen haastklus te zijn. Met een beetje meer inzicht en flexibiliteit in de planning kan er veel gewonnen worden. Want als er één ding is dat het amateurvoetbal verdient, dan is het wel dat er rekening wordt gehouden met de realiteit van de spelers die het spel dragen.
En laten we eerlijk zijn: een wedstrijd die goed voorbereid en onder betere omstandigheden wordt gespeeld, is voor iedereen leuker. Voor de spelers op het veld, de trainers langs de lijn en de supporters langs de kant. Misschien is het tijd dat daar wat meer nadruk op komt te liggen.
Want laten we eerlijk zijn: 18.45 uur is voor amateurvoetballers geen realistisch tijdstip. Niet als je bedenkt dat deze spelers geen profs zijn die hun dag volledig rondom een wedstrijd kunnen plannen. Integendeel, het gros van deze jongens staat gewoon overdag op de werkvloer, zit in de collegebanken of moet eerst nog andere verplichtingen afronden voordat er überhaupt aan voetbal gedacht kan worden.
Voor een fatsoenlijke voorbereiding op een wedstrijd geldt doorgaans dat een ploeg een uur voor de aftrap aanwezig moet zijn op het sportcomplex. Dat betekent dat teams die om 18.45 uur spelen er uiterlijk om 17.45 uur moeten zijn. En precies daar ontstaat het probleem.
Voor de uitspelende clubs ,Eenrum, Stedum, KRC en VVSV’09 is dat simpelweg niet haalbaar. Spelers moeten eerder van hun werk vertrekken, als dat al mogelijk is ,of lessen missen. Werkgevers zitten daar niet altijd op te wachten en onderwijsinstellingen al helemaal niet. Het gevolg? Gehaaste warming-ups en spelers die met het zweet nog op het voorhoofd het veld op stappen voordat de scheidsrechter überhaupt heeft gefloten.
Dat komt de kwaliteit van het voetbal uiteraard niet ten goede. Dan komt alles onder druk te staan wanneer alles gehaast en onder tijdsdruk moet plaatsvinden.
Nu hebben we het geluk dat de weersvoorspellingen voor de komende dagen gunstig zijn. Ook op dinsdag 14 april lijkt het weer mee te zitten, waardoor het tot ongeveer 20.45 uur nog redelijk licht blijft. Dat is in elk geval een meevaller. Maar zelfs met die omstandigheden blijft het essentieel om op tijd te beginnen en efficiënt met de beschikbare tijd om te gaan. Want zodra het donker invalt, wordt het spelen zonder goede verlichting simpelweg onmogelijk.
Toch blijft de vraag waarom deze wedstrijden überhaupt op dit soort tijdstippen ingepland moeten worden. De oplossing lijkt namelijk voor de hand te liggen. De KNVB had dit probleem eenvoudig kunnen voorkomen door het inhaalprogramma door te schuiven naar de maand mei. In die periode zijn de dagen langer en is de kans op beter weer groter. Dat biedt niet alleen meer speelruimte qua tijd, maar zorgt ook voor betere omstandigheden voor spelers, scheidsrechters en toeschouwers.
Bovendien geeft het teams de mogelijkheid om zich beter voor te bereiden, zonder dat spelers in de knel komen met werk of studie. Het amateurvoetbal zou daar alleen maar bij winnen. Want uiteindelijk draait het niet om het zo snel mogelijk afwerken van een programma, maar om het creëren van eerlijke en plezierige omstandigheden waarin iedereen tot zijn recht kan komen.
Het lot van een vijfdeklasser hoeft namelijk geen haastklus te zijn. Met een beetje meer inzicht en flexibiliteit in de planning kan er veel gewonnen worden. Want als er één ding is dat het amateurvoetbal verdient, dan is het wel dat er rekening wordt gehouden met de realiteit van de spelers die het spel dragen.
En laten we eerlijk zijn: een wedstrijd die goed voorbereid en onder betere omstandigheden wordt gespeeld, is voor iedereen leuker. Voor de spelers op het veld, de trainers langs de lijn en de supporters langs de kant. Misschien is het tijd dat daar wat meer nadruk op komt te liggen.