De messen werden geslepen waar bescheidenheid past

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns



Dinsdagavond in Eenrum. Zo’n avond waarop het amateurvoetbal precies laat zien wat het is: een mix van gezelligheid, commentaar langs de lijn, koffie in plastic bekers en spelers die na negentig minuten vooral blij zijn dat ze de volgende ochtend nog kunnen lopen.


jopie 2

Voor de supporters van Noordpool was het een prima avond. Hun ploeg, die met een handvol invallers moest aantreden, rekende vrij eenvoudig af met een zwak Eenrum. Geen spektakelstuk, geen wedstrijd die later nog in quizvragen opduikt, maar gewoon drie punten in de tas en weer naar huis. Maar eerlijk gezegd: de wedstrijd zelf was niet eens het interessantste onderdeel van de avond.

Wie al bijna negentien jaar langs de lijn staat als verslaggever weet dat het echte theater vaak niet op het veld plaatsvindt, maar ernaast. Daar waar supporters, oud-spelers en toevallige passanten hun mening zonder filter de wereld in slingeren. En waar altijd wel iemand staat die “even wil uitleggen hoe het echt zit”.

Ook dinsdagavond.

Daar ging het niet alleen over de wedstrijd. Nee, het ging over trainers die wel of niet passen bij een club. Over spelers die wel of niet betaald krijgen. Over het al dan niet trainen. En natuurlijk over sociale media. Want daar was het namelijk los gegaan. Niet tussen profclubs. Niet tussen teams uit de eerste klasse. Nee, gewoon tussen twee rivaliserende ploegen uit de diepste spelonken van het standaardvoetbal. De vijfde klasse, voor wie het even vergeten was.

Instagram, het nieuwe clubhuis van het amateurvoetbal.

Daar vlogen de opmerkingen over en weer. Over spelers van honderd kilo plus. Over dozen waarin schoenen zouden zitten. Over “avondschoolvoetballers”. Over de stand op de ranglijst. Alles kwam voorbij. Het soort teksten waarvan je je afvraagt of iemand zich later nog herinnert waarom hij ze eigenlijk heeft getikt.

Terwijl ik dinsdagavond naar de bewegende beelden op het veld in Eenrum keek, moest ik er toch een beetje om lachen. Niet eens omdat het zo scherp was. Maar omdat het zo ontzettend… klein was. We hebben het hier over de vijfde klasse.

Daar waar het soms al een uitdaging is om elf spelers te vinden die de bal naar dezelfde kleur shirt spelen. Waar de linksback na zestig minuten vraagt of hij eraf mag omdat hij de volgende ochtend om zes uur op moet. En waar de grensrechter meestal iemand is die toevallig langs het veld stond toen de vraag werd gesteld. Dat is geen kritiek. Dat is gewoon de realiteit van het amateurvoetbal. En precies daarom is het soms zo wonderlijk wanneer mensen zich online gedragen alsof ze midden in een Champions League-clash zitten.

Nog mooier werd het toen iemand langs de lijn vertelde dat ook trainers zich inmiddels in de discussie hadden gemengd. Niet die van dinsdagavond, laat dat duidelijk zijn, maar trainers die op sociale media hun mening even stevig de wereld in slingerden. Dat is altijd een bijzondere ontwikkeling. Want trainers horen we vaak zeggen dat spelers een voorbeeldfunctie hebben. Dat er respect moet zijn. Dat clubs normen en waarden belangrijk vinden.

Allemaal waar. Maar dat geldt natuurlijk ook voor trainers zelf. En eerlijk gezegd ook voor verslaggevers. Laat ik daar vooral duidelijk over zijn. Wie onderdeel is van het amateurvoetbal, als speler, trainer, bestuurder of verslaggever, weet dat woorden soms langer blijven hangen dan een uitslag.

Zeker op sociale media. Want daar verdwijnt niks.

Een grapje wordt een sneer. Een sneer wordt een ruzie. En voor je het weet staan er zaterdagmiddag twee ploegen tegenover elkaar die elkaar meer willen bewijzen dan alleen wie er beter kan voetballen. Dan worden de messen geslepen.

En meestal gebeurt dat precies op de plek waar het eigenlijk nergens voor nodig is. Want laten we eerlijk zijn: in deze regionen van het voetbal draait het uiteindelijk om heel andere dingen. Om een avond trainen met vrienden. Om een derde helft die soms langer duurt dan de wedstrijd. Om supporters die ondanks stijgende benzineprijzen op een dinsdagavond gewoon vanuit Uithuizen naar Eenrum rijden.

Dat is de charme van het amateurvoetbal. Niet het op Instagram slingeren van stoere teksten. Het mooie van de vijfde klasse is juist dat niemand er groter hoeft te zijn dan hij is. Dat je gewoon kunt doen wat je leuk vindt: voetballen, kijken, commentaar geven langs de lijn en daarna weer naar huis. En soms, heel soms, is het zelfs beter om gewoon een beetje bescheiden te blijven.

Want vroeg of laat komt er altijd een zaterdag waarop de harde woorden als een boemerang terugkomen. Waarop de ploeg/trainer die het hardst riep, met lege handen van het veld stapt. Zoals dat afgelopen zaterdag gebeurde in Feerwerd. Dan blijkt ineens dat een wedstrijd nog altijd op gras wordt beslist. Niet op Instagram. En dat is misschien maar goed ook.

Want in de diepste spelonken van het standaardvoetbal, de vijfde klasse dus ,zou één regel eigenlijk genoeg moeten zijn: Doe gewoon normaal. Dat scheelt een hoop geslepen messen.