Een zaterdag die van verbazing aan elkaar hangt
Het voetbalseizoen is weer begonnen en daarmee ook een van de mooiste nevenactiviteiten van het amateurvoetbal: het verbazen. Niet het gezonde soort verbazing, maar die diepe, vermoeiende verbazing waarbij je hoofd langzaam schudt en je denkt: dit kan toch niet waar zijn. En toch is het dat elke week weer.

Het begon voor mij al op vrijdagmorgen, rijdend langs Feerwerd. Wie het dorp kent, weet dat het voetbalveld daar niet bepaald bekendstaat als het ‘Wembley’ van Groningen . En toch lag daar, midden op het veld, nog een overblijfsel van wat eerder in de week een sneeuwpop was geweest. Geen symboliek subtieler dan dat: een halfvergane sneeuwpop als stille getuige van de staat van het amateurvoetbal. Ik zag het goed, mijn medepassagier zag het goed, en iedereen met enig gezichtsvermogen had hetzelfde gezien. Sneeuw. Op het veld.
Anderhalf uur later liep ik, samen met Bietsj, langs datzelfde veld. En wat bleek? Strak gekalkte lijnen. Alsof iemand had gedacht: ach, nog een beetje sneeuw of niet, we tekenen het gewoon netjes uit. Een appje naar een vrijwilliger gaf duidelijkheid. In Feerwerd werd gewoon gevoetbald. Het eerste en het tweede elftal. Geen probleem. Ondertussen waren de velden in Eenrum, Kloosterburen en Zandeweer al preventief richting een afgelasting gestuurd. Daar kon niets, mocht niets en gebeurde niets.
De verbazing was compleet. Niet omdat er gespeeld werd, maar omdat er blijkbaar totaal geen lijn zit in wat wel en niet kan. In het ene dorp wordt een veld met sneeuwresten goedgekeurd, in het andere wordt bij een nat grassprietje al de rode stempel “afgelast” tevoorschijn gehaald. Het amateurvoetbal blijft een loterij, maar dan zonder prijzen.
Maar goed, je denkt: het kan niet gekker. En dan is daar zaterdagmorgen. Geen regen, geen vorst, keurige temperaturen voor half januari. En toch verschijnt daar rond het middaguur het bericht op X: Ezinge 2 – OKVC 2 afgelast. Niet vanwege het veld, want dat was, volgens alle geluiden een dag eerder, gewoon prima bespeelbaar. Twee wedstrijdwaardige velden zelfs. Dus mogen we concluderen dat er iets anders aan de hand was. Spelerstekort. Prioriteiten. Een verjaardag. Een kater. Netflix. Of gewoon geen zin. En dát is misschien wel het meest verbazende van alles: wedstrijden die niet doorgaan terwijl alles klopt, behalve de wil om te spelen. Ook dit duel verloor het misschien wel van alles wat blijkbaar belangrijker is dan voetbal. En heel gek: daar verbaas ik me dan weer níét over.
Later op zaterdag diende zich een nieuwe vorm van verbazing aan, ditmaal op televisie. Menno van Dam. Ik kende hem niet, maar na de voorbeschouwing van TOP Oss – FC Emmen had ik het idee dat ik zojuist een kruising had gezien tussen een TED Talk, een sollicitatiegesprek en een zelfhulpgoeroe. Wat een CV. Wat een zelfvertrouwen. Wat een verhaal.
Volgens Menno kon hij ongeveer alles, had hij alles meegemaakt en wist hij alles beter. Trainers als Hiddink, Advocaat en de helaas overleden Beenhakker zouden er stil van worden. Althans, als we Menno mogen geloven. En dan zet deze man zijn geblesseerde topscorer op de bank, in de hoop dat hij hem niet hoeft te brengen. Spoiler: dat hoefde ook niet. Emmen werd in de eerste helft volledig afgeschminkt en ging met 4-0 rusten. Verbazing? Zeker. Maar vooral plaatsvervangende schaamte. Van Menno gaan we nog veel horen, vrees ik. En dat is geen compliment.
Maar ook daarmee was de koek niet op. Want in Tynaarlo was het eveneens feest. Of nou ja, feest… De ploeg van Marcel Kuiper speelde met 1-1 gelijk tegen GRC Groningen. Een resultaat waar Kuiper mee kon leven. Trainers zeggen dat vaker, meestal omdat ze weinig keus hebben. Maar de echte verbazing zat ‘m elders.
De KNVB had besloten dat het eerder afgelaste duel tegen Haren opnieuw gespeeld moest worden op dinsdag 20 januari, 20.00 uur. Reden: in het belang van de stand in de eerste periode. Een zin die zo hol klinkt dat hij bijna echoot. Want laten we eerlijk zijn: wie gaat daar kijken? Met temperaturen rond het vriespunt, Europees voetbal op televisie en een doordeweekse avond? In Tynaarlo staat straks misschien een verdwaalde wolf langs de lijn. Of een schaap dat de weg kwijt is. Meer publiek wordt het niet.
Het is weer zo’n typisch KNVB-besluit waar niemand om gevraagd heeft, maar waar iedereen last van heeft. De bond die blijft verrassen in zijn vermogen om oplossingen te bedenken voor problemen die niet bestaan, terwijl echte knelpunten structureel worden genegeerd. Het is bijna knap, dat niveau van wereldvreemdheid.
En zo stapelt de verbazing zich week na week op. Over velden, over afgelastingen, over trainers, over spelers, over bestuurders en over een bond die het amateurvoetbal zegt te dienen, maar het vooral ingewikkelder maakt dan nodig. Misschien is dat wel de kern: het amateurvoetbal is prachtig, juist door zijn eenvoud. Maar zolang iedereen blijft doen alsof het om de Champions League gaat, blijft er één zekerheid overeind: we zullen ons blijven verbazen. En helaas… veel minder genieten.

Het begon voor mij al op vrijdagmorgen, rijdend langs Feerwerd. Wie het dorp kent, weet dat het voetbalveld daar niet bepaald bekendstaat als het ‘Wembley’ van Groningen . En toch lag daar, midden op het veld, nog een overblijfsel van wat eerder in de week een sneeuwpop was geweest. Geen symboliek subtieler dan dat: een halfvergane sneeuwpop als stille getuige van de staat van het amateurvoetbal. Ik zag het goed, mijn medepassagier zag het goed, en iedereen met enig gezichtsvermogen had hetzelfde gezien. Sneeuw. Op het veld.
Anderhalf uur later liep ik, samen met Bietsj, langs datzelfde veld. En wat bleek? Strak gekalkte lijnen. Alsof iemand had gedacht: ach, nog een beetje sneeuw of niet, we tekenen het gewoon netjes uit. Een appje naar een vrijwilliger gaf duidelijkheid. In Feerwerd werd gewoon gevoetbald. Het eerste en het tweede elftal. Geen probleem. Ondertussen waren de velden in Eenrum, Kloosterburen en Zandeweer al preventief richting een afgelasting gestuurd. Daar kon niets, mocht niets en gebeurde niets.
De verbazing was compleet. Niet omdat er gespeeld werd, maar omdat er blijkbaar totaal geen lijn zit in wat wel en niet kan. In het ene dorp wordt een veld met sneeuwresten goedgekeurd, in het andere wordt bij een nat grassprietje al de rode stempel “afgelast” tevoorschijn gehaald. Het amateurvoetbal blijft een loterij, maar dan zonder prijzen.
Maar goed, je denkt: het kan niet gekker. En dan is daar zaterdagmorgen. Geen regen, geen vorst, keurige temperaturen voor half januari. En toch verschijnt daar rond het middaguur het bericht op X: Ezinge 2 – OKVC 2 afgelast. Niet vanwege het veld, want dat was, volgens alle geluiden een dag eerder, gewoon prima bespeelbaar. Twee wedstrijdwaardige velden zelfs. Dus mogen we concluderen dat er iets anders aan de hand was. Spelerstekort. Prioriteiten. Een verjaardag. Een kater. Netflix. Of gewoon geen zin. En dát is misschien wel het meest verbazende van alles: wedstrijden die niet doorgaan terwijl alles klopt, behalve de wil om te spelen. Ook dit duel verloor het misschien wel van alles wat blijkbaar belangrijker is dan voetbal. En heel gek: daar verbaas ik me dan weer níét over.
Later op zaterdag diende zich een nieuwe vorm van verbazing aan, ditmaal op televisie. Menno van Dam. Ik kende hem niet, maar na de voorbeschouwing van TOP Oss – FC Emmen had ik het idee dat ik zojuist een kruising had gezien tussen een TED Talk, een sollicitatiegesprek en een zelfhulpgoeroe. Wat een CV. Wat een zelfvertrouwen. Wat een verhaal.
Volgens Menno kon hij ongeveer alles, had hij alles meegemaakt en wist hij alles beter. Trainers als Hiddink, Advocaat en de helaas overleden Beenhakker zouden er stil van worden. Althans, als we Menno mogen geloven. En dan zet deze man zijn geblesseerde topscorer op de bank, in de hoop dat hij hem niet hoeft te brengen. Spoiler: dat hoefde ook niet. Emmen werd in de eerste helft volledig afgeschminkt en ging met 4-0 rusten. Verbazing? Zeker. Maar vooral plaatsvervangende schaamte. Van Menno gaan we nog veel horen, vrees ik. En dat is geen compliment.
Maar ook daarmee was de koek niet op. Want in Tynaarlo was het eveneens feest. Of nou ja, feest… De ploeg van Marcel Kuiper speelde met 1-1 gelijk tegen GRC Groningen. Een resultaat waar Kuiper mee kon leven. Trainers zeggen dat vaker, meestal omdat ze weinig keus hebben. Maar de echte verbazing zat ‘m elders.
De KNVB had besloten dat het eerder afgelaste duel tegen Haren opnieuw gespeeld moest worden op dinsdag 20 januari, 20.00 uur. Reden: in het belang van de stand in de eerste periode. Een zin die zo hol klinkt dat hij bijna echoot. Want laten we eerlijk zijn: wie gaat daar kijken? Met temperaturen rond het vriespunt, Europees voetbal op televisie en een doordeweekse avond? In Tynaarlo staat straks misschien een verdwaalde wolf langs de lijn. Of een schaap dat de weg kwijt is. Meer publiek wordt het niet.
Het is weer zo’n typisch KNVB-besluit waar niemand om gevraagd heeft, maar waar iedereen last van heeft. De bond die blijft verrassen in zijn vermogen om oplossingen te bedenken voor problemen die niet bestaan, terwijl echte knelpunten structureel worden genegeerd. Het is bijna knap, dat niveau van wereldvreemdheid.
En zo stapelt de verbazing zich week na week op. Over velden, over afgelastingen, over trainers, over spelers, over bestuurders en over een bond die het amateurvoetbal zegt te dienen, maar het vooral ingewikkelder maakt dan nodig. Misschien is dat wel de kern: het amateurvoetbal is prachtig, juist door zijn eenvoud. Maar zolang iedereen blijft doen alsof het om de Champions League gaat, blijft er één zekerheid overeind: we zullen ons blijven verbazen. En helaas… veel minder genieten.