De rots, de kwal en de knieën van Zeist

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns


Gianni Infantino liet een zaal vol bondsbestuurders drie uur wachten. Drie uur. Volwassen mensen, bestuurders van nationale voetbalbonden, keurig in pak, keurig op reis naar Paraguay, keurig op tijd – en vervolgens drie uur in de wachtstand. Niet omdat er een ramp was, niet omdat de wereld brandde, maar omdat de FIFA-president eerst “nog even iets voor zichzelf moest afhandelen”, dat las ik in de Voetbal International die ik als minst slechtste, tussen de auto,roddel, en hoe blijf/wordt ij gezond-bladen, tijdens het wachten op Martine ,na haar succesvolle ablatie , kocht.


jopie 2

Dat moment zegt alles. Over de FIFA. Over Infantino. Maar vooral over de mensen die daar bleven zitten. Infantino is geen bestuurder meer, hij is een symbool. De aap op de rots. De kwal die meedrijft op macht, geld en zelfgenoegzaamheid. Een man die zich gedraagt alsof de voetbalwereld hem toebehoort en iedereen daar slechts figurant is in zijn persoonlijke toneelstuk. En het tragische is niet eens dát hij zo is. Het tragische is dat niemand opstaat. Ook niet namens Nederland.

Daar zaten ze dus. Voor de KNVB: Gijs de Jong, secretaris-generaal, eindverantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van de bond. En David Sprangers, Head of Corporate Affairs, hoeder van imago, communicatie en maatschappelijke uitstraling. Twee mannen met titels, macht, verantwoordelijkheid, en salarissen waar de gemiddelde vrijwilliger in het amateurvoetbal alleen maar van kan dromen.

Twee mannen die drie uur wachten.

Drie uur waarin niemand zegt: “Dit is onacceptabel.”
Drie uur waarin alleen de acht raadsleden van de UEFA binnen de FIFA uit protest vertrekken.
Drie uur waarin niemand namens zijn achterban laat merken dat dit geen hofhouding is, maar een vergadering.

Dat wachten is geen detail. Het is de kern van het probleem.

Want wie drie uur wacht, accepteert hiërarchie. Wie drie uur wacht, accepteert minachting. Wie drie uur wacht, buigt. En wie buigt, verliest het recht om later verontwaardigd te doen over machtsmisbruik en arrogantie.

De FIFA is al jaren een karikatuur van zichzelf. Corruptieschandalen, gesloten bestuurskamers. Infantino presenteert zich als hervormer, maar gedraagt zich als keizer. Transparantie is een woord voor persberichten, niet voor de praktijk. En wie denkt dat dit nieuw is, heeft onder een steen geleefd. Alleen: waar Blatter en Platini nog deden alsof, doet mafkees Infantino niet eens meer de moeite.

Hij wéét dat ze blijven zitten.

En dat geldt niet alleen voor Paraguay. Dat geldt ook voor Zeist.

De KNVB is geen slachtoffer van de FIFA-cultuur, de KNVB is die cultuur in het klein. Bestuurders die ver afstaan van leden. Beleidsplannen vol managementtaal. “Dialoog”, “verbinding” en “transparantie” als marketingwoorden, terwijl verenigingen zich structureel niet gehoord voelen. Vrijwilligers die afhaken. Leden die het gevoel hebben dat besluiten al lang genomen zijn voordat er “overleg” plaatsvindt. En in dat systeem bewegen mannen als De Jong en Sprangers zich soepel. Te soepel.

Gijs de Jong, als hoogste ambtenaar van de bond, zou de ruggengraat moeten zijn. De man die namens de organisatie staat voor principes, voor normen, voor grenzen. David Sprangers, als bewaker van het imago, zou moeten begrijpen dat imago niet ontstaat door mooie woorden, maar door zichtbaar gedrag. Door op momenten die ertoe doen een signaal af te geven.

Maar dat doen ze niet.

Ze zitten.
Ze wachten.
Ze kijken omhoog naar de rots.

En ondertussen is hun arm al half verdwenen in iets waar een arm niet hoort, hopend op een uitnodiging, een netwerkplek, een plaatsje op het jacht dat altijd lijkt te varen, ongeacht de stormen die het veroorzaakt. Het jacht van de FIFA-president, waar principes worden ingeruild voor toegang en waar kritiek verdampt zodra de champagne wordt ontkurkt.

Dat is geen complottheorie. Dat is hoe macht werkt als niemand haar begrenst.

Het meest wrange is dat juist deze mannen in Nederland graag praten over “normen en waarden”, over “veilig sportklimaat”, over “goed bestuur”. Ze organiseren congressen, schrijven beleidsnota’s en spreken vrijwilligers toe alsof die moeten worden opgevoed. Maar zodra ze oog in oog staan met echte macht, echte arrogantie, echte minachting – dan zwijgen ze.

Dan is het ineens ingewikkeld.
Dan is het ineens diplomatie.
Dan is het ineens “hoe de hazen lopen”.

Maar laat één ding duidelijk zijn: wie buigt voor een mafkees, wat Infantino is , kan niet geloofwaardig spreken tegen zijn eigen leden.

De FIFA kijkt neer op bonden.
De KNVB kijkt neer op verenigingen.
Het patroon is identiek.

En zolang bestuurders als De Jong en Sprangers blijven doen alsof ze slechts schakels zijn in een groter geheel, terwijl ze in werkelijkheid medeverantwoordelijk zijn voor het in stand houden van dat geheel, verandert er niets. Dan blijven zalen wachten. Dan blijven leden, en terecht, mopperen. Dan blijft het voetbal een speeltje van mannen in pakken, ver weg van de lijnen waar het ooit om begon. En dan moet je ook als Walking Footballer toch echt diep nadenken of je van die bond wel onderdeel wilt zijn

Misschien is het tijd voor een simpele test.
De volgende keer dat Infantino drie uur te laat komt, staat iemand op. Loopt weg. En zegt: “Bel ons maar als u ons als gelijken behandelt.”

Tot die tijd zijn het geen bestuurders. Het zijn figuranten. En figuranten veranderen de voorstelling niet.