Oud-voetbaltrainer Dirk Vink: Als voetbaltrainer moet je ook accordeon kunnen spelen.

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Tafel Gereserveerd

In de voorbereiding is het sinds dat ik voor de Ommelander Courant en beheerder/eigenaar van Puurvoetbalonline ben al een gewoonte om zo links en rechts wat oefenduelletjes te bezoeken. Een beetje ‘sfeer’ proeven noem ik dat en ook niet onbelangrijk, je komt altijd wel ergens een bekende tegen.
Dirk Vink

Ontmoeting
Vorige week donderdag was ik in Loppersum waar de plaatselijke hoofdmacht oefende tegen Actief uit Eelde/Paterswolde. Een oefenduel dat het aanzien meer dan waard was vond ook de oud-trainer van de Lopsters, Dirk Vink. De in Loppersum woonachtige Dirk Vink nam het in het seizoen 200 4-2005 over van Jan Afman en slaagde er in om met Loppersum vanuit de vijfde naar de derde klasse te promoveren. Na het seizoen 2007-2008 vertrok hij bij de derdeklasser om in het seizoen 2012-20 13 als trainer bij Z.E.C. uit Zandeweer terug te keren. Door gezondheidsproblemen moest de in Zaandam geboren Dirk Vink echter al snel een punt achter zijn rentree zetten. ‘Dat vind ik nog steeds jammer omdat ik Z.E.C. echt een fantastische club vindt. Nog steeds heb ik contact met mensen van Z.E.C. iets wat ik zeer waardeer.”

SC Loppersum

We praten verder en het kan niet uitblijven of we krijgen het over SC Loppersum waar Dirk een zeer succesvolle periode kende. ‘Ik woon hier en volg daardoor de club nog steeds. Precies als Z.E.C. doet Loppersum het echt fantastisch. De man die daar mede verantwoordelijk voor is de huidige trainer Jaap Danhof. Ik noem Jaap altijd het bindmiddel binnen de vereniging. Hij is naast hoofdtrainer ook inwoner van Loppersum en een echte clubman. Als er bazar of iets dergelijks is staat hij bijvoorbeeld een rad van fortuin te draaien. Een man als Jaap, waarbij ik niemand binnen Loppersum tekort wil doen, en wat bij Z.E.C. geldt voor Cor Wit, zijn voor boegbeelden van een vereniging.”

Ondertussen vordert de tweede helft en geniet de oud-trainer van Loppersum van een pass van Mark van Doorn die onder Dirk Vink zijn debuut in het eerste elftal van Loppersum maakte. ‘Mark was toen nog maar een ‘broekie’ en ik weet dat hij bij zijn debuut behoorlijk nerveus was. Hij was vaak wat druk in zijn acties. Iets wat hij nu nog wel heeft. Maar hij heeft een traptechniek om van te likkebaarden.”

Grote mappen

Dat brengt ons automatisch op de rol van een trainer in het amateurvoetbal. Een rol die volgens de geboren Zaandammer niet groter gemaakt moet worden dan hij daadwerkelijk is. ‘Als ik in het weekend naar het betaald voetbal zit te kijken en ik zie die grote mappen voorbij komen dan denk ik vaak, daar gaan we weer. Dan kun je er donder op zeggen dat dit door veel amateurtrainers wordt overgenomen. Ik denk dan vaak, waarom doe je dat nu. Wat heeft dat voor meerwaarde. Dat je als trainer thuis bepaalde zaken noteert begrijp ik. Wie heeft gescoord. Wie werd er gewisseld, wat was de reden, en wie heeft een gele of rode kaart gehad vond ik van belang. Maar dat gedoe zoals Frans Hoek bij Louis van Gaal en Carlo L’Ami bij Ajax laten zien gaat toch nergens over. Op het niveau waarop je als amateurtrainer bezig bent moet je vooral met de groep bezig zijn. In iedere groep heb je spelers met een kort lontje of soms helemaal geen lontje. Die moet je afremmen. Er zijn echter ook die moet je, laat ik het netjes zeggen, een beetje aansporen. Een routinier moet je als trainer niet meer moeten vertellen hoe hij moet lopen. Die moet je wel vertellen dat hij minder moet zeuren tegen zijn teamgenoten omdat hij ze daar niet beter mee maakt. Een jongere speler kijkt altijd tegen een oudere speler op. Althans, dat hoort zo te zijn. Is dat niet het geval dan klopt de hiërarchie in de ploeg niet.”

Sociaal

Duidelijke woorden van de oud-trainer van Loppersum die opeens afgeleid wordt als er een echtpaar van middelbare leeftijd het sportcomplex komt opstappen. Het blijken de vader en moeder van Rudolf Hidskes te zijn. Wat volgt is een gesprek dat over alles gaat behalve het voetbal wat zich enkele meters verderop afspeelt. Opeens is de Dirk Vink niet de bevlogen oud-trainer maar is hij de Dirk Vink die oprecht geïnteresseerd is in de familie Hidskes. Naast dat er gevraagd wordt naar de gezondheid van de ouders van Rudolf, Jan Willem en Hedzer komen ook de jongens tersprake. Als het echtpaar Hidskes hun weg vervolgen valt er even een stilte. Een stilte omdat, zo vertelt Dirk even later, hij even moest denken aan Hedzer Hidskes die door een vorm van reuma zijn carrière vroegtijdig moest beëindigen. ‘Hedzer kon geweldig voetballen maar soms ging het gewoon niet. Hij wou echter nog zo graag en deed dan soms een kwartier mee. Tijdens de warming-up strompelde hij dan nog wat en zag je de tegenstanders kijken. Als hij vervolgens binnen de lijnen kwam en een bal in de bovenhoek joeg kon je sommige spelers wegdragen. Hedzer was echt een geweldenaar. Niet alleen als voetballer maar ook als mens wat overigens ook voor zijn broers geldt. En niet te vergeten Oma Hidskes die ook regelmatig naar Loppersum kwam kijken. Ik mag dan volgens sommige een grote bek hebben maar dat zijn wel dingen die mij raken. Net als dat Ruben Danhof met enige regelmaat even een 'bakkie' komt doen. Ruben is een ‘kind van Loppersum’. Dat is iemand waar ik van denk, waar haalt die jongen de energie vandaan die hij in SC Loppersum steekt. Ik denk weleens, bij Ruben bestaat een dag uit 48 uur. Dat kan bijna niet anders als ik zie wat hij allemaal doet. Het is iemand ook die met gemak hogerop kan voetballen maar dat nooit zal doen. Althans daar geloof ik niets van. Ruben is een intelligente jongen die weet dat als hij gaat er meer volgen. Ik weet bijna wel zeker dat hij dat niet op zijn geweten wil heeft.”

Opeens dwalen we af als Dirk zijn grote liefde op voetbalgebied, Feyenoord onderwerp van gesprek wordt. ‘Feyenoord is mijn club. Die club zit in mijn bloed. Zoals het nu gaat is gewoon niks. We hebben een groot aantal spelers weg zien gaan waar onvoldoende voor terug is gekomen. Als je weet dat Pelle wil vertrekken dan moet je als Van Geel eerder in actie komen. Of willen ze in Rotterdam weer de taferelen dat ze met getrokken pistolen om het Maasgebouw moeten lopen om het legioen rustig te houden. Een hondstrouw legioen dat vorig seizoen weer ‘genaaid’ is. Want hoe je het ook bekijkt, toen lagen er kansen om kampioen te worden. Dit jaar niet want het spel is niet om aan te zien. Als Feyenoord bij de eerste vijf eindigt mag dat als een topprestatie beschouwd worden.”

Accordeon

Aan het slot van de tweede helft maakt de oud-trainer opeens een opmerking waar ik vreselijk om moet lachen. De opmerking, als trainer in de lagere regionen moet je ook accordeon kunnen spelen. Een opmerking die om uitleg vraagt. ‘Daar bedoel ik mee dat je bij een club uit de vijfde klasse niet alleen ‘meneer de trainer’ moet uithangen. Je hebt daar met goed willende amateurs te maken die met hun ploeg niet snel zullen promoveren en een nederlaag snel vergeten zijn. Daar moet je mee om kunnen gaan of anders moet je daar geen trainer worden. Je moet dan denken, ik kan mij vreselijk druk maken en met een partij stress in mijn lijf naar huis gaan of het laten zoals het is. Als dat de denkwijze, een leuke plek in de middenmoot en bij winst of verlies draait om half vijf draait het Rad van Fortuin, van het team en club is dan moet je daar in mee. Doe je dat niet dan heb je het als trainer zwaar en dat bedoel ik met, een trainer moet ook accordeon kunnen spelen. Natuurlijk weet ik ook wel dat hoe hoger je komt te voetballen er andere ambities zijn. Maar gemiddeld genomen is de derde helft bij veel clubs minimaal zo belangrijk als de eerste twee helften. Neem dat maar van mij aan.”

Zo komt er een einde aan een gesprek met een bevlogen oud-trainer die nog wel uren had kunnen vertellen over alles wat hij heeft beleefd binnen een sport die ook Dirk Vink nooit zal kunnen, en willen, loslaten.