Op maandag verheug ik mij alweer op zaterdag..!

op . Geplaatst in Tafel Gereserveerd

De 28-jarige Martin Oudman maakt dit seizoen met Omlandia een entree in de eerste klasse van het zaterdagvoetbal. De verdediger is met zijn uitstraling en ervaring een belangrijke schakel in de ploeg van trainer Kees Bouma.  Zijn favoriete spel bracht hem als speler van Veendam, in voetbalstadions door het hele land. Drie seizoenen geleden keerde hij, na vier seizoenen Holwierde, terug op het oude nest. Bij de club waar het voor hem allemaal begon.

 

door Ursula Sennema

De 28-jarige Martin Oudman maakt dit seizoen met Omlandia een entree in de eerste klasse van het zaterdagvoetbal. De verdediger is met zijn uitstraling en ervaring een belangrijke schakel in de ploeg van trainer Kees Bouma. Zijn favoriete spel bracht hem als speler van Veendam, in voetbalstadions door het hele land. Drie seizoenen geleden keerde hij, na vier seizoenen Holwierde, terug op het oude nest. Bij de club waar het voor hem allemaal begon.

omlandia_3

 Martin Oudman in duel met Peter Langeland (CVVB)         Foto : Egbert Euser   Zuidwolde

 

Het begin

“Op mijn vijfde werd ik lid van Omlandia, dat was toen voor mij vanzelfsprekend, ik was altijd met de bal bezig. Voor mij telde maar één ding en dat was voetballen. Was er geen bal in de buurt, dan zorgde ik daar wel voor en ’s avonds ging de bal mee naar bed, bij wijze van spreken.  Bij de D-junioren heb ik twee seizoenen bij de Groninger jeugd-selectie gezeten. Arjen Robben zat daar toen ook bij, we reden vaak samen naar de training en naar de wedstrijden. In het tweede jaar van de C1 , kreeg ik de mogelijkheid om naar Veendam te gaan.  Ik kon ook naar de jeugd van F.C. Groningen, maar in overleg met mijn ouders besloot ik voor Veendam te kiezen. Een geweldige kans vond ik dat, een droom kwam uit.”

Veendam

“Als jonge jongen is dat natuurlijk prachtig om mee te maken. Het Veendam-shirt dragen, vier keer per week worden opgehaald met een busje en dan naar de training. Ook drukke jaren waren het, eerst naar school, dan snel naar huis en naar Veendam. Tja, wat mijn sterke punten waren? Ik denk dan mijn techniek, inzicht, positiespel en goede trap. Dat was eigenlijk altijd wat voorop stond en dat is nu ook nog wel zo. Ook was ik in de jeugd bij Veendam altijd aanvoerder. Het leiding geven lag me wel en met mijn positie centraal op het middenveld, en later meer centraal achterin, viel het ook goed samen. Jongens met wie ik bij de Veendam-jeugd alle jaren speelde waren Pieter van der Zee (CVVB) en Guus de Vries (Emmen). We speelden tegen de jeugd van Ajax, PSV en Feyenoord en keken onze ogen uit bij hun op “de Toekomst”, “de Herdgang”en “Varkenoord”. Ik kan me nog goed herinneren bij de landelijke B-junioren, de Ajax-bus die kwam aanrijden, met onder andere Youssef Hersi in hun selectie. We waren bij voorbaat al zo onder de indruk dat we binnen tien minuten met 0-3 achterstonden. Maar we realiseerden ons ook; dit is iets unieks, we willen er ook van genieten. Ik ontwikkelde me goed bij Veendam en tekende op mijn negentiende een profcontract voor twee jaar. Ik wilde deze kans graag grijpen. Ik had opleiding op de school voor detailhandel afgerond, maar wilde echt voor het voetbal gaan. Wat direct opviel, was het hoge niveau op de training. Als jonge speler werd je hard aangepakt en moest je flink incasseren. Ik speelde mijn wedstrijden op de maandag bij het tweede en zat op de vrijdag op de bank bij het eerste. En dan nog de trainingen. Het eerste seizoen kwam ik tot 6 invalbeurten en deed ik mee met wedstrijden in de voorbereiding.

Mijn debuut was op 27 oktober 2001, thuis tegen TOP Oss kwam ik in de 75ste minuut in het veld, die datum staat in mijn geheugen gegrift. Na het eerste seizoen vertrok het trainersduo Martin Koopman en Marcel van Buuren. Met hun opvolger Jan Korte klikte ik minder goed. Voor mijn gevoel deed ik er alles aan, trainde goed, er werd me beloofd dat ik vaker zou spelen, maar het pakte anders uit. `Je moet je doorontwikkelen`, werd er steeds gezegd. Bepaalde aspecten, zoals het omschakelen of het koppen moesten beter. En er werd gezegd dat ik me nog meer moest laten gelden in het veld. Ervaren medespelers gaven me wel vaak vertrouwen. Zoals Ronnie Pander, Theo ten Caat, Roy Hendriksen, Peter van der Vlag, Björn Schilder. Achteraf gezien denk ik dat ik toch net niet de juiste mentaliteit had om de laatste stap te zetten. Ik liet soms ook wat te veel over me heen lopen. Ik heb trouwens alle respect voor mijn familie die mij altijd steunde. Alle keren dat mijn vader van zijn werk vrij moest nemen om met mij naar een training of wedstrijd toe te gaan. En ook nu zijn ze trouwe supporters.”

De periode Veendam leverde desalniettemin prachtige voetbalherinneringen op . Het ingelijste zwart-gele shirt in de woning van Oudman houdt de herinnering aan een mooie voetbalperiode levend. Hoogtepunt was dat hij de tweede helft mocht aantreden in de Amstel-cup tegen F.C. Groningen in de Oosterpark. Met op de tribune familie en vrienden trof “Oudje” Joost Broerse als directe tegenstander. Ook een goal met het tweede tegen Sparta was onvergetelijk. Een verre uittrap van de eigen keeper belandde bij de middenlijn, met een lob van 40, 45 meter verschalkte Oudman vervolgens de Sparta-goalie.

“Het werd gaandeweg dat tweede seizoen duidelijk dat mijn contract niet zou worden verlengd en via mijn zaakwaarnemer Edwin de Kruyff kon ik op amateurbasis naar Cambuur en Zwolle. Veendam kreeg daar toen lucht van en bood me vervolgens ook een contract op amateurbasis aan. Maar op dat moment trok Holwierde aan de bel en werd mij door voorzitter en destijds directeur ten Hove van verzekeringskantoor VPZ een baan aangeboden. Ik heb toen alles op een rijtje gezet en heb gekozen voor een maatschappelijke carrière.” Oudman kreeg een baan als facilitair medewerker op de postkamer bij het bedrijf in Farmsum. Hij werkt daar nu nog steeds met veel plezier, en onder andere samen met Holwierde speler Andy Pawirosastro. De voetballers ontmoetten elkaar bij Holwierde, destijds samen in een elftal en deze competitiejaargang tegen elkaar.

Holwierde

“Ik heb vier seizoenen bij Holwierde gespeeld. Mooie jaren waren het, alle jaren in de eerste klasse. Alles was goed en professioneel geregeld; de kleding, de reiskosten, je kreeg premies. We gingen één keer op trainingskamp naar de Canarische Eilanden, en de andere keren naar Aurich in Duitsland. Het was een team met allemaal goede voetballers, maar ook met individualisten. Spelers wilden geen bokje voor elkaar staan, niet voor elkaar door het vuur gaan. Maar in sportief opzicht bleef het wel goed lopen. Mijn debuut vergeet ik nooit weer; thuis tegen P.K.C. ’83, TV Noord was erbij. We wonnen met 4-2, ik scoorde twee keer, een vrije bal en een stiftje. Na afloop mocht ik een reactie voor de camera geven. Omstreeks het derde jaar begon ik Omlandia steeds meer te missen. Na de training en de wedstrijden ging ik zo snel mogelijk terug naar de kantine in Ten Boer om bij mijn vrienden te zijn. Ook kreeg ik bij Omlandia steeds vaker de vraag; “wanneer kom je weer bij ons voetballen?” In het laatste jaar in Holwierde, seizoen 2006/2007, stelde trainer Marcel Hakkenbroek me minder vaak op. Ik snapte het niet; naar mijn idee was mijn inzet goed. In maart van dat seizoen zat ik ineens op een keer niet bij het eerste, maar moest mee met het tweede. Op dat moment was het ineens duidelijk voor mij; ik ga weer terug naar Omlandia. Ik sloot het seizoen bij Holwierde wel op een goede manier af; we speelden na-competitie voor de hoofdklasse en tegen Staphorst scoorde ik. We promoveerden uiteindelijk net niet.”

Omlandia

Oudman keerde daarop terug naar de blauw-witten in zijn woonplaats. Hij kwam in het elftal waar ook zijn broer Ronald speelde. Omlandia was net gepromoveerd naar de tweede klasse, met Peter Brekhof als trainer. “Ik proefde zelf dat de verwachtingen hooggespannen waren, ook ten aanzien van mij. Ik temperde ze wat, en heb het ook best moeilijk gehad dat jaar door die hoge verwachtingen. De eerste seizoenshelft verliep goed, daarna vielen we sterk terug. We verloren op het laatst 7 keer op rij en degradeerden, teleurstellend was dat.  Kees Bouma kwam het seizoen daarop en hij zette me een linie terug, als inschuivende laatste man. Dat bleek een goede zet. In het regioteam had ik die positie ook, volgens mij had hij dat een keer gezien. Ik kwam regelmatig mee naar voren en werd dat seizoen ook topscorer met 12 goals. De laatste wedstrijd, thuis tegen Aduard, het was een geweldige happening. Het werd 1-1, ik kreeg de bal eerst met mijn hand mee en scoorde zo, en met een slot waarbij beide ploegen de bal alleen maar rondspeelden om de uitslag veilig te stellen. Een geweldig feest hebben we gehad. En toen vorig seizoen. Ik brak met zaalvoetbal een middenvoetsbeentje en waar normaal een maand of drie staat voor zo’n blessure, was ik er vijf maanden zoet mee en kon ik pas na de winterstop mijn rentree maken. We maakten als ploeg een sterke tweede seizoenshelft door en bleven in een superspannende competitie punten pakken. Op de laatste speeldag werd het pas beslist. We wonnen uit bij SGV met 1-3 en hadden tot tien minuten voor tijd nog kans op het kampioenschap doordat LTC verzuimde eerder afstand te nemen van SJS. De tweede plek betekende promotie naar de eerste klasse, uniek voor Omlandia. En weer groot feest natuurlijk..!”

De verdediger vindt het prachtig om met zijn team in de eerste klasse uit te komen. Hij beschrijft zijn team als een echte vriendenploeg waar iedereen voor elkaar door het vuur gaat. “We moeten het echt hebben van het collectief, van onze inzet. Dat bleek ook vorig seizoen toen we door een sterk laatste kwartier waarin we alles gaven, vaak punten pakten.  Dit seizoen zullen we elke wedstrijd met alle inzet moeten ingaan. Je ziet dan ook, dat als de ploeg er staat en alles geeft, dat dan de dragende jongens in het elftal, ook echt wat extra’s kunnen brengen. Dat zag je goed in de wedstrijd tegen LTC, toen Jan Oosterbeek en Jeroen Haan erg sterk speelden. De eerste wedstrijd verloren we, we hadden het erg moeilijk tegen Viboa, we leken ook  zenuwachtig. Tegen Holwierde en de Oeverzwaluwen verloren we ook, maar voetballend kwamen we goed mee. De overwinningen op LTC en CVVB waren van grote waarde voor ons.”

Oudman is ervan overtuigd dat trainer Kees Bouma een sterke hand heeft in de ontwikkeling en successen van het elftal. “Bouma weet van het elftal een collectief te maken. Hij kan spelers motiveren om tot het uiterste voor elkaar te gaan, het is zijn visie dat het voetballen dan vervolgens ook wel komt. Dat is echt zijn kracht.”Over zijn eigen inbreng denkt de Omlandiaan dat hij nog meer zijn momenten zal moeten kiezen om mee naar voren te gaan. “De vreugde in mijn spel betekent ik veel aanvallende drive heb, maar ik merk natuurlijk ook dat hoe hoger we spelen, hoe meer risico’s dit achterin met zich meebrengt. Goede afstemming met de andere verdedigers is dus van groot belang.”

Oudman geniet van elke wedstrijd met zijn voetbalkameraden. Ja, er zitten natuurlijk ook prachtige derby’s bij, zoals tegen Viboa, CVVB, Holwierde. De week voor de wedstrijd tegen Holwierde was het natuurlijk steeds al dollen op mijn werk met Andy Pawirosastro, mooi is dat. En de busreizen, of we nu winnen of verliezen, dat is ook altijd een geweldige belevenis..!