Terug naar ......1995

Geschreven door 'Fandi' op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Verhalen uit de 'oude doos' zijn verhalen die met een knipoog gelezen moeten worden. Maar niet alleen met een knipoog want is daar het met weemoed terugkijken op een vaak prachtige carriere of een bepaalde wedstrijd. Zo kwam ik onderstaand verhaal tegen op de site van De Heracliden van een scribent die onder de naam 'Fandi' twintig jaar terugging in de tijd of te wel naar 1995.
“Jongens, vanmiddag…..”: Zo begon trainer Jan Postma elke week zijn donderspeech voor elke wedstrijd in de speciaal daarvoor ingerichte Spelershome bij de Heracliden. Op rangorde zat men aan de lange tafel en de rest hing in de gordijnen en zat op de radiatoren. Het bord met de magneten werd er altijd bijgehaald en middels een aantal strakke krijtstrepen stippelde het Mirakel met grote snor de tactiek voor de te spelen topper uit. Het is 1995 en we hebben een fantastisch team. We winnen eigenlijk alles en wordt er altijd gescoord. We worden dat seizoen niet alleen kampioen, maar winnen daarna ook nog van alles en dreigen uiteindelijk zelfs een vijfbonden toernooi te pakken. De Heracliden is onverslaanbaar en dat weten we ook en laten het zien. De thuiswedstrijden zijn uitverkocht en maakt het niet uit, hoeveel water er uit de hemel valt. Het gaat hier altijd door en men is niet bang voor nattigheid.
Jubileum
Ontvang een tijd geleden een uitnodiging voor het 75 jarig jubileum van de club, maar omdat ik al meer dan 10 jaar geen lid meer ben, denk ik dat dit alleen voor mij dochter geldt. Schenk er verder ook geen aandacht aan, want er gaan toch jaren voorbij, dat ik geen bal meer heb aangeraakt. Dan spreek ik Peter Bakker tijdens de wedstrijd tussen het regioteam en FC Groningen in Roodeschool en hoor voor de eerste keer over een wedstrijd van de Legendes. Later ben ik zomaar weer op het sportpark en kom “Good Old”Anno Wassing tegen, die in het voor mij nog steeds lastige Grunnings ook over een wedstrijd begint te kraaien. “Doe bist er toch ook bie”: Of zoiets hoor ik en roep nog iets terug; wat hij waarschijnlijk ook niet heeft begrepen. Tenslotte staat zomaar Fred Uil aan de deur en wil hem eerst vertellen, dat ik hem de komende 60 jaar zeker nog niet aan de deur wil hebben. Hij komt een tas halen, want is tegenwoordig lid van het bestuur en verantwoordelijk voor het materiaal. En ook hij maakt van de gelegenheid gebruik om eerder genoemd evenement naar voren te halen en gaat er vanuit, dat ook ik erbij zal zijn.
Het is 5 Sept en het komt met bakken uit de hemel. Genoeg water; wat normaal gesproken in een maand valt en omdat ook dochter en “schoonzoon” als betalend lid bij het gebeuren zijn betrokken; moet ik er ook vrij snel aan denken. “Zal mij benieuwen, of het nog überhaupt doorgaat”: Roep ik nog, maar eigenlijk tegen beter weten in. In het wilde westen wordt nog steeds een hele competitie afgelast, zodra er een mus ergens op een veld heeft gespuugd. Hier op het Groningse klei maakt het niemand wat uit; hoe veld 1 er na 1.5 uur er uit ziet. Heb al jaren niet meer aan iets van een wedstrijd meegedaan, maar naarmate de tijd vordert, begint het toch steeds meer te jeuken. Ondanks alle excuses van zwakke enkels, rotte knieën en geen conditie pak ik om 14.30uur mijn laatste voetbalschoenen, blauwe sokken, een korte broek, handdoek en schone onderboxem. We gaan weer los, de wei in en lol maken….maar wel winnen, anders haak ik alsnog af.
Artiesteningang
Parkeer de auto bij de artiesteningang, want wil de lange oprit naar de kantine gebruiken om de ambiance weer te zien, te horen en te proeven. Het regent nog steeds pijpenstelen, maar heeft buienradar.nl mij beloofd, dat het snel droog zou worden. Zie mij dochter net invallen in haar Jubileum wedstrijd en krijg de bevestiging, dat hier de toekomst rond loopt. Zie hier en daar bekende gezichten en al snel eerder genoemde Bakker op een speciaal voor de gelegenheid opgebouwd podiumpje staan. Is hij de ceremonie meester of wil hij gewoon droog blijven. Schud hem als eerste de hand en denk enige verbazing in zijn ogen af te lezen. “Is die Haarlemmer toch nog gekomen”: Zal hij gedacht hebben. Vraag hem of de rest van “The Living Legends” ook al aanwezig zijn en besluit hij meteen om met me mee te gaan naar de grote tent, die achter HQ is opgebouwd. Zie meteen ook Derk Batema en die schreeuwt ook waarschijnlijk dezelfde verbazing uit. Man is weinig veranderd, als spot ik wel al wat grijze zaken op het hoofd en weet zeker, dat hij zijn haar dus niet verft ! Loop achter de Bakker en de Schilder aan en wordt zowaar speciaal aangekondigd aan alles en iedereen, die een grote tafel in het midden van de tent heeft veroverd. Hoor als snel: “SCHEIDS”, want dit schijnt nog te zijn blijven hangen van vrouger. Herken de mannen en de vrouwen en zijn alleen de meeste kabouters voor mij nieuw. Hartelijk welkom geheten door oude vrienden, die we niet elke week meer te zien of te spreken krijgen. Derk ziet, dat ik emotioneel dreig te worden en biedt me maar een bak koffie en plakkie cake aan. Kijk meteen naar Fred, maar die ontkent alles. Ben eerder ook Anno tegen gekomen en heeft hij waarschijnlijk geroepen, dat hij blij was mij te zien. Broer Martinus kwam de tent ook nog in en liet iedereen zien, dat hij de ballen al bij zich had. Na de koffie met cake is het al snel 15.00 uur en zie ook bij de andere Gladiatoren, dat ze er zin in hebben en besluiten om een oude tempel op te zoeken. Kleedkamer 1, want die is van ons; ook nadat de boel straks is afgebroken. Iedereen zoekt zijn eigen plek, al is niet iedereen het hier mee eens; of het wel de juiste plek is. Voor deze unieke wedstrijd wordt speciaal gewassen en gevouwen kleding met 2 shirt-sponsoren opgehaald en mag iedereen zijn vertrouwde nummer pakken. D.w.z. ik niet, want Koos is mij voor, door als eerste nummer 10 aan te trekken. Tijdens het inpakken van lichaam en geest worden nog een x-aantal mooie anekdotes verteld; waar collectief op wordt gelachen. Ontspannen sfeer, maar dat is slechts schijn. Het hoofd zegt dat het kan, maar het lichaam weet het niet meer zeker. We hebben een ouderwetse warming-up, wat zoiets wil zeggen als rammen op goal met of zonder keeper. Tijdens deze ca. 15 minuten fun wordt al snel duidelijk, dat er een andere match neergezet zal worden, dan men 14 jaar geleden van ons gewend was. Andere wedstrijd is voorbij en wij mogen de Arena betreden. Het regent nog steeds…gloeiende 3x
Voorstellen
Mag ik u even voorstellen: (Helaas kon de kampioenscoach Jan Postma niet zelf de opstelling bekend maken)
Op doel Martinus Wassing, die als een soort extra slot op de deur zoveel vertrouwen uit straalt, dat de rest van het team wel wist, dat het goed zou komen; mocht de verdediging een steekje laten vallen. Welke spits had de ballen om iets te ondernemen, als deze mammoet in scherpgekleurde keeperskleding op je zat te wachten. Rechtsback Derk Batema, die menig linker vleugelspits regelmatig over het veld liet stuiteren. Wel eerst de bal, maar daarna toch wel vrij snel ook een been. In het centrum van de verdediging Peter Dijkema, die met zijn uitschuifbare benen nooit een stap teveel hoefde te zetten en als hij een blok neerzette, dan werd je als aanvaller gelanceerd. Zo heeft hij ondergetekende een keer 12 meter door de modder laten glijden op een van de eerste trainingen. Ook zijn 50meter passes op de stropdas zijn legendarisch. Linksback Jan Vink, die ook regelmatig als extra aanvaller bij de cornervlag van de tegenpartij was te vinden. Hij heeft de aanvallend opkomende back uitgevonden en stuurde destijds ook regelmatig mij als linkeraanvaller weg met een perfect geplaatste bal. Linkshalf Peter Bakker; wat mij betreft nog steeds onderschat als complete voetballer. Zelf zal het hem een rode biet zijn, maar heb ik vrouger nooit begrepen, dat hij niet nog vaker in het eerste speelde. Zijn passes kwamen altijd aan en had hij een mooi vrije trap en dus een goed schot op goal. De ouderwetse dweil (wie kent dit nog), die mid/mid en schakel tussen verdediging en aanval stond en staat Ronald Knol en die begreep; hoe je als prof moest presteren. Hij wilde ook alles doen en eigenlijk op 11 posities tegelijk staan. Alleen Martinus accepteerde niemand anders in zijn vijfmeter gebied. Ronald wilde zijn eigen voorzet ook afmaken en werd door mij niet altijd begrepen. Buitengewoon goede aanvaller, die volgens mij vandaag op EPO speelde, want zag hem na onze veldslag gewoon nog een wedstrijdje doen. En het middenveld werd uiteraard ook nu weer bezet door de Dokter, d.w.z. Niek, want broer en medestrijder Bert had een waardeloos excuus om vandaag niet te verschijnen. Iets met vervoer of afstand en heb er niet naar willen luisteren. Niek is de man met de gave om zijn doelpunt van te voren aan te kondigen. (Peize UIT van vorige eeuw !!) Mocht er tijdens een wedstrijd iemand van het team onrechtmatig worden aangepakt, dan kon men er zeker van zijn, dat betreffende “dader” binnen 5 minuten door de Doktoren opgezocht en terecht gesteld zou worden. Wel op zo’n manier, dat het leek alsof ze de bal wilde spelen, maar ik weet wel beter. Rechtsbuiten is de plek van Fred Uil en dat staat voor snelheid, kracht en uithoudingsvermogen. Vele verdedigingen in de hele regio zijn knettergek geworden van zijn vele rushes langs de lijn en meerdere doelverdedigers hebben geestelijke hulp gezocht, nadat ze op Zaterdag zijn vuurpijlen hebben moeten overleven. Alsof hij ze onder de grond wilde knallen; iets waar hij later nog iets mee heeft gedaan, zo is mij verteld. In het centrum van de aanval Anno Wassing, de man met waarschijnlijk de meeste doelpunten in de geschiedenis van de blauw witten. Hij lijkt ook al 75 jaar bij de club te zitten, maar is eigenlijk geen spat veranderd. Lijkt niet snel en oogt niet sterk, maar niets is minder waar. Horendol werden de verdedigers van zijn kapbewegingen en scoorde hij opvallend veel met het hoofd. Zijn linkerbeen deed dikwijls waar ik persoonlijk altijd jaloers op ben geweest. Heb heel veel mooie goals van hem gezien en daarover straks meer. Vaste positie voorin de aanval is voor Koos Sikkema, de man met de Kont ! Wereldberoemd in de Eemsmond en omstreken is hij geworden met de acties tussen drie of vier verdedigers; waar hij opvallend vaak als winnaar uit kwam en dan toch ook meteen maar een doelpunt maakte. Altijd en overal aan te spelen en wist je zeker, dat de bal in de ploeg zou blijven. En tenslotte de “flegmatieke”spits, die nooit wilde verdedigen. Kwam zelden op trainen en was vaak te laat en als eerste weer weg. Grote bek en nooit eens met de beslissing van de scheidsrechter. Deze import semi-prof scoorde alleen wel gemiddeld twee keer per wedstrijd en dat werd op een gegeven moment door het publiek als gewoon gevonden. “Hoeveel staat het”? / “0-1”/ “Heeft Sibrand van der Veen al gescoord?”/ “Nee”/ “Oh…dan komt het nog wel goed” De gelegenheid eerste reserve is niemand minder dan Erik de Vries, de man van de longen en overal en nergens. Eerst de man en dan de bal; waar dan ook op het veld. Maar ook de man van de penalty; wat een zekerheidje was geworden.
Teamfoto
Vlak voor de wedstrijd moesten er eerst nog wat teamfoto’s worden gemaakt om deze unieke momenten ook voor de toekomst uit te kunnen leggen. (Gelukkig hebben we de foto’s nog) Zie, dat het huidige vlaggenschip van de Jubilaris zich opstelt om een teamfoto 2009/2010 te maken; ook omdat er nieuwe tassen zijn uitgedeeld. Team van toppers is vorig jaar terecht kampioen geworden en heeft men de blamage van een aantal vorige competities weer gedeeltelijk afbetaald. Team heeft toekomst en besluit me meteen in de opstelling te infiltreren. Ga naast Roy Wonder en Umberto staan, die eigenlijk niet weten; hoe ze die grote dikke weg kunnen krijgen. De grap is gemaakt, succes is behaald en besluit zelf het veld te ruimen. Signaal naar de trainer is gemaakt. Mooi team, maar waar is de rust en routine? Speciaal voor deze beladen wedstrijd is Dhr Peter de Gries gevraagd om de match te leiden. Geen special guest voor de aftrap, dus begint de veldslag meteen na het eerste fluitsignaal van de man in het “zwart”, die niets groter, maar wel dikker is geworden. Na het gebruikelijke aftasten, waarin iedereen nog even het gevoel op de juiste plek wil krijgen, zie je toch dat beide kampioensploegen absoluut niet voor de tegenpartij af willen doen. Tegenpartij bestaat uit “oud”kampioenen, zo is mij verteld en herken ik een aantal gezichten van de mannen in het wit. Na ca. 10 minuten in de wedstrijd komt de bal bij Jan Vink terecht, die natuurlijk de opdracht heeft gekregen om zijn lijnballen vanmiddag te laten zien en die doet hij dan ook. Ik ben op tijd vertrokken en wens niet voor buitenspel terug gefloten te worden. (Scheids kent mijn reputatie) De bal valt in een gat achter de verdediging en besluit ik net als vroeger de sprint in te zetten tot 5 meter voor de keeper en de stand op 1-0 te zetten. D.w.z., dat zegt mijn hoofd maar mijn lichaam schreeuwt anders. Hoor in stereo iets van ploing en weet dat beide hamstrings het nu al hebben opgegeven. Mag dit niet aan mijn publiek laten zien en geef de bal dan ook maar meteen af aan meestormende monsters Koos en Fred, maar die hebben waarschijnlijk nu ook hetzelfde gevoel in de benen. Aanval wordt niets maar de bevestiging is daar: Het hoofd zegt Ja, maar het lichaam zegt Nee. Over en weer wat kleine kansen, maar nou niet zo, dat Martinus er zenuwachtig van is geworden. De pijn in beide bovenbenen zwelt aan en kan ik twee dingen doen. Het stadion bedanken en nu al de publiekswissel inzetten of er vol ingaan en een blessure oplopen. Doe het tweede, want ben toch al verrot en ga mijn directe bewaker lastig vallen en kan de bal veroveren. Uiteraard staat, zoals gewoonlijk, Anno weer op de juiste plaats en omdat mijn dijen dreigen te exploderen geeft ik een fijne schuiver naar de penalty stip; waarna “Old Shatterhand” de bal onherroepelijk in het doel knalt. Het is 1-0 voor de Blauwe krijgers en gaat de wave door de vakken.
Harde kern 
Al onze namen worden gescandeerd door de harde kern en hoor ik een eeuwig durende trom ritmisch dreunen. Er mag gewisseld worden en toch nog verrassend heeft het Paard, de Pitbull en de stormram zijn trainingsjack uitgetrokken. Fantastisch om de man te zien acteren en geheel in zijn stijl, laat hij zich vlak voor een eerste balcontact vallen. Normaal gesproken zou dit absoluut iemand van tegenpartij zijn geweest, want hoe durft betreffende persoon bij hem in de buurt te komen. Maar omdat er op het moment van spelen geen witte in de buurt was; moest hij zelf de valpartij maar doen. Uiteraard geen balverlies, want dat staat niet in zijn woordenboek. Iedereen laat zien; waar hij destijds de eeuwige herkenning aan heeft te danken. Martinus heeft het doel dichtgemetseld, Peter Dijkema laat de ene na de andere breedtepass zien, Niek Dokter accepteert geen tegenspraak, Ronald Knol is aan het dollen en Koos en Fred ploegen het veld om. De Oile (Fred Uil) wordt vanuit het middenveld weggestuurd en verwacht iedereen aanwezig, dat hij de oogkleppen voor heeft en alleen nog maar de goal ruikt en besluit verder ook niemand van zijn medespelers mee te lopen. Keeper weet wat er komen gaat en kent de verhalen van collega’s, die na de wedstrijd verklaarde enkel een scherp FIEEEEE gehoord te hebben. Daarna konden ze alleen nog maar de bal uit het rokende net pulken. Tot ieders verbazing geeft Fred een perfecte voorzet, die je er alleen nog maar hoefde in te lopen en heb ik eerder beschreven ervaring als goed excuus gebruikt. Was van onder tot boven verrot en verzuurd en hetzelfde gold ook voor de Look-A-Like van Bruce Willis. Het hoofd wil van alles, maar het lijf doet al lang niet meer mee. Het lijken bijzonder lange 30 minuten te worden en speelt 90% (Behalve Ronald Knol) inmiddels op routine en vooral tandvlees. Er vallen gaten en niet alleen in spieren en pezen, maar ook in de verdediging van de tegenpartij, die mij zomaar los laten. Strak ingespeelde pass vanuit het middenveld, die ik opvallend aardig onder controle weet te krijgen. Mijn verdediger is weg en hoef ik deze keer geen aanslag meer te verwachten. Ik mag zomaar doorlopen naar de keeper en ondanks dat ik ze wel hoor roepen, schreeuwen en kreunen wil ik zeker nu, hier, vandaag, in Uithuizermeeden, voor mijn publiek en de pers een doelpunt maken. De keeper zie ik snuivend op me af komen en is er geen tijd meer om te bedenken, hoe Torres, Huntelaar, Kaka of Rooney dit opgelost zouden hebben. Het is de dood of de gladiolen en krijg het oude gevoel weer terug.
De bal gaat er in en doen mijn benen meteen geen pijn meer. Ik wil juichen, gillen, schreeuwen en huilen tegelijk en trek het shirt over mijn te dikke hoofd. Hoor later, dat ik dit shirt overigens niet als aandenken mag houden en wil direct ook mijn welgemeende excuses aanbieden; nu dit stukje kleding waarschijnlijk onherstelbaar is uitgerekt. Maar het staat 2-0 en niet eens geflatteerd. Het publiek dreigt nu al het veld op de rennen om de helden van toen nog een keer op de schouders door deze kolkende Arena te sjouwen.
Krijg nog wat schouderklopjes en onverstaanbare Groningse verwensingen en is de wedstrijd nog niet afgelopen. Wordt uiteraard nog eenmaal op een verschrikkelijke manier door de fluitist van de dag teruggefloten, daar hij van mening was, ik nooit zo’n grote voorsprong meer kon hebben na het moment van spelen. Hij had me inmiddels lang genoeg geobserveerd en bepaald, dat de snelheid er echt wel uit is. De overwinning is voor ons en omdat we na 14 jaar nog belachelijk veel in onszelf geloven, laat nu ook onze verdediging wat ruimte voor de inmiddels moegestreden opponent. De mentor van het legendarische team van de vorige eeuw Martinus weet hoe men dit soort wedstrijden hoort te spelen en gunt de tegenpartij een eredoelpunt. Ook voor deze goals wordt geapplaudisseerd en weet nu ook de dirigent met de fluit, dat de wedstrijd voorbij is en laat nog een keer zijn signaal over het natte veld gaan. “Es war zwei zu eins”: Zouden ze in Duitsland hebben geroepen en met deze stand op de Neonverlichting verlaat iedereen onder luid applaus en gejuich het veld.
Feest
Ongekend, wat een feest en wat een fantastisch gevoel om weer tussen de kalklijnen te lopen en het leer te voelen en het gras te vreten. Ik heb ook vandaag niet verdedigd, maar dat vond nu niemand erg en heb vooral gescoord, dus dan is de missie geslaagd. Nog een keer het net laten bollen was de enige opdracht van vanmiddag, ondanks dat het lijf het na 5 minuten al had opgegeven. De absolute toppers van weleer zijn de vrienden van vandaag en ondanks het ontbreken van een whirlpool in de kleedkamer was er qua gezelligheid aldaar nog een toegift.
Vroeger stond er standaard vlak na de wedstrijd een kratje Amstel klaar en liet Erik de Vries wekelijks zien; waar bouwvakkers ook erg goed in waren. Ik kan tot op de dag van vandaag nog steeds geen bierfles op de krat open krijgen. Tijdens de vele anekdotes over “the good old times” werden de sloffen uitgeschoten en het textiel van het zere lijf getrokken. Kleding zou dit seizoen nog gebruikt worden door een team uit de zaal, maar kan u verzekeren dat de lucht en vlekken van deze overwinning nooit meer eruit te wassen zijn. Verder is elk shirt na deze 45 minuten 3 maten groter geworden, dus daar komen ze nog wel achter. Niek maakt nog de grap, dat zijn broer Bert in het diepste van het diepste in Moscow zelfs nog betere wasgelegenheden vindt. De club is vandaag 75 jaar oud en zijn de douches nog net zo origineel als in 1934 !! Fred bevestigd nog even, dat de strakke lijven incl. six-pack zijn vervangen door doedelzakken met kratten bier en probeert Peter Bakker dit nog te compenseren, dat dit niet het enigste is wat forser is geworden. Gelukkig had de pers geen toegang in de kleedkamer, want het tegendeel….
Tenslotte en geheel volgens traditie ben ik met stille trom weer vertrokken, nadat ik nog even heb gezien, dat de club met dit eerste en tweede team wel degelijk toekomst heeft. Zelfs geruchten gehoord over nieuwbouw en zal dit heilige terrein er waarschijnlijk snel helemaal anders uit gaan zien. De bomen staan er niet meer en is ook het oude gymlokaal is geen getuige meer van de avonturen van een aantal stamppot boerenkool voetballers, die jarenlang de velden in Groningen en daarbuiten beheerste met duidelijke overwinningen. Voetbal is simpel, maar simpel voetballen….en wij begrepen dat. Gelukkig zijn er nog de foto’s, de krantenknipsels en de oude Heroscopen, maar vooral de honderdduizend fantastische herinneringen en een eveneens fantastische tijd.
Ik wens u allen het allerbeste. Groeten en graag tot ziens,
Fandi