Het sterrenteam van ...Tjipco Werkman(FC LEO)

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Tjipco Werkman zag zichzelf niet als een speler voor een sterrenteam bestaande uit spelers waar hij mee samen had gespeeld toen ik hem vroeg om er een te formeren. Maar de allround-speler, die met zijn absoluut aanwezige kwaliteiten in dienst van bijna alle FC LEO-teams heeft gespeeld, kwam wel met een prachtige selectie naar buiten. Een selectie waar ook plaats was voor de veel te vroeg overleden Mart Buikema, en waarbij de woorden van Tjipco bij velen voor kippenvel zullen zorgen.
image 2015 04 24 4
 Tjipco Werkman met zoon Robin.
Afgelopen week kreeg ik via www.puurvoetbalonline.nl het verzoek om een sterrenelftal samen te stellen. Ik vroeg me hierbij even af waarom ik hiervoor gevraagd werd. Ik heb namelijk niet de pretenties dat ik ooit een bepalende en, één van de meest waardevolle spelers van FC LEO ben geweest. Toen ik er iets langer over nadacht, kwam ik tot de conclusie dat ik het geluk heb gehad, dat ik met veel goede voetballers heb samengespeeld. Een sterrenelftal zou ik dus wel kunnen samenstellen. Ik zelf kom hier echter niet in voor. Mijn actieve voetbalcarrière kenmerkt zich door de vele wisselingen van seniorenelftallen. In de 90-er jaren had ik niet altijd een basisplaats bij FC LEO 1. Ik was, veelal samen met Willy Bloemhoff, een beetje de prostituee van de vereniging. We werden daar ingezet waar we nodig waren. Pas op latere leeftijd, en enkele linies terug in het elftal, werd ik meer een vastere waarde voor FC LEO 1. De laatste jaren van mijn actieve periode heb ik gespeeld in het derde van FC LEO. Daar stond de prestatie niet centraal, maar wel het plezier. Iets wat mij zeer beviel, aangezien ik in ieder geval altijd alleen maar voor mijn plezier heb gespeeld. Zoals ik al aangaf heb ik met veel goede voetballers mogen spelen. Mij sterrenteam bevat echter niet alleen goede voetballers, maar ook personen die naast de prestaties oog had voor het sociale aspect van deze prachtige sport.
Doel: Roelof Hovius: Een voetballer/keeper die mijn inziens veel te vroeg heeft moeten stoppen. Een keeper die ook al door de KNVB was gespot, maar door een vervelende knieblessure niet meer in staat was te voetballen. Ik heb laatst op een “kroegtoernooitje” weer eens met Roelof mogen voetballen en daar bleek dat hij nog steeds uitstekend kan keepen.
Verdediging:
Harry Koning: Harry was naast een bikkelharde verdediger, een persoon die iemand compleet uit de wedstrijd kon praten. De gehele wedstrijd door praatte hij in op zijn tegenstander. Harry ging net zolang door, totdat zijn tegenstander er helemaal zat van was. Als zijn directe tegenstander dan gewisseld werd, zag je Harry met een grote smile op zijn gezicht over het veld lopen. De nieuwe tegenstander kreeg dan steevast dezelfde opmerking te horen: “Jij stond wissel? Jij bent dus nog minder dan de persoon die er net uitgehaald is”.
Arjen Fledderman: Tevens een bikkelharde verdediger. Iemand die absoluut niet tegen zijn verlies kon. Deze eigenschap zorgde ervoor dat Arjen een echte winnaarmentaliteit had/heeft. Arjen kon ook nog lang “nagenieten” van een nederlaag. Een bekerwedstrijd tegen de Weide werd voor veel FCLEO-mensen een geweldig volksfeest. Vele supporters hebben niet eens de wedstrijd gezien en vierden ondanks de 4-1 nederlaag een groots feest. Arjen niet. Hij zat een half uur na de wedstrijd nog stevig balend, in zijn voetbalkleding tegen de kleedkamermuur aan. Pas in de bus terug draaide Arjen bij en kon ook hij genieten van het feest.
Erik Kuizenga: Erik was zeker geen begenadigd voetballer, maar als verdediger zeer nuttig. Ik heb een aantal seizoenen als laatste man, met Erik als voorstopper mogen spelen. Erik was er altijd en was nergens te beroerd voor. Erik kende zijn beperkingen zeer goed. Hij wist dat wanneer hij de bal had afgepakt, hij deze moest inleveren bij iemand die wel kon voetballen. Ballen afpakken kon Erik als de beste. Koppen kon hij echter niet. Op een avond tegen VVS kregen we twee identieke goals tegen, die Erik simpel weg had kunnen koppen. Erik was heel beslist: “Ik ken nait kopp’m.. Wois ja wel!”  
Middenveld:
Dick Hoogakker: Volgens mij de beste voetballer die we ooit in Leens en omstreken hebben gehad. Een speler die volgens mij alle (oud)voetballers in Leens zou opstellen in een sterrenteam. Een man met overzicht, een prachtige traptechniek en tactisch zeer sterk. Een voorbeeld voor elke jeugdspeler en daarnaast iemand die ook nog een zeer sociaal was. Ik heb (bijna) nooit een onvertogen woord van Dick gehoord. Uiteraard was ook hij het wel eens ergens niet mee eens, maar wist dit altijd op een manier te brengen dat iedereen dit gelijk accepteerde. Op een avond moesten we voor een oefenwedstrijdje naar het toenmalige CVVB. Wedstrijdjes die altijd een bepaalde lading hadden. Tijdens deze wedstrijd werd Dick door een tegenstander in zijn gezicht gespuugd. Een van de smerigste dingen die je kunt doen bij een tegenstander vind ik. Dick reageerde helemaal niet! Tien minuten later liep Dick bij die tegenstander langs en maakte de legendarische opmerking: “Ben weer schoon hoor. Wil je het nog es proberen?”
Arjan Haaima: Een middenvelder gezegend met een geweldige techniek. Jammer genoeg voor FC LEO heeft men er in Leens niet lang van kunnen genieten. Door studie en werk ging Arjan al zeer snel weg bij de Leensters en zocht hij zijn heil in het midden van het land. Voor reüniewedstrijdjes is Arjan echter altijd nog te porren en dan laat hij nog even zien dat hij het nog altijd niet verleerd is. Tijdens het 75-jarig bestaan passeerde Arjan, in een wedstrijd tussen oud FC LEO en het toenmalige 1e elftal, de keeper met een magistrale lob over ruim 30 meter.
Mart Buikema: Mart mag natuurlijk niet ontbreken in dit team. Ik ben een korte periode aanvoerder geweest in het elftal waarin Mart ook speelde. Na een aantal wedstrijden nam Mart deze band over en dat was natuurlijk niet meer dan terecht. Mart kwam in die tijd wel eens bij ons thuis (ik maakte toen deel uit van het bestuur) en vertelde dat hij zijn leidinggevende vaardigheden moest ontwikkelen. Dit was hem op zijn studie en tijdens zijn sollicitaties bij de Marine verteld. Om dit te ontwikkelen ging hij trainingen geven aan de jeugd en wilde hij wel elftallen begeleiden. In mijn optiek was dit niet nodig. Mart was van nature een leider. Iemand die altijd het goede voorbeeld gaf en nooit opgaf! Een persoon waar de oudere en jeugdleden nu nog over vol ontzag over praten.
Ronald Ritsema: Ronald is niet alleen een goede vriend, maar was en is ook een zeer goede voetballer. Iemand met een prachtig linkerbeen, die in zijn hoogtijdagen tegenstanders kon passeren alsof ze er niet stonden. Ronald was ook een voetballer die bijna 100% balbezit had. Als je aan Ronald een bal gaf, wist je bijna zeker dat hij die weer inleverde bij een medestander, of gewoon scoorde. Ronald was er ook altijd. Familiefeesten, vakanties of wat voor bijzonderheden dan ook: Ronald kwam er voor terug om te voetballen. Iets wat je tegenwoordig bijna niet meer ziet. 
Voorhoede:
Peter Tuit: De Huzaar uit Leens werd hij eens gekscherend genoemd. Een speler waar tegenstanders vooraf al bang voor waren. Niet alleen om zijn uitstekende voetbalkwaliteiten, maar ook om zijn imposante voorkomen. “Doet Tuit ook mee?” hoorde je een angstige tegenstander voor de wedstrijd vragen. Peter was ook een speler die onder vele trainers privileges had die anderen niet hadden. Peter bleef vaak tot laat in de kleedkamer om verzorgd te worden. Peter was nl nogal blessuregevoelig. Peter bleef daarbij wel eens zolang in de kleedkamer, dat de scheidsrechter al was begonnen en dat Peter nog het veld op moest lopen. Dit werd echter altijd geaccepteerd. Je wist namelijk dat Peter er altijd wel één in zou trappen. Deed hij dat niet, dan werkte hij zich in ieder geval meerdere slagen in de rondte. Een speler met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Hij kreeg ooit 1 keer een rode kaart en daarna moest hij door meerdere personen (waaronder ik zelf) tegengehouden worden, anders was hij de scheidsrechter te lijf gegaan. Hij was het er niet helemaal mee eens.
Jan Henk van der Lei: Een speler met een geweldig gevoel voor humor, die voetbalde omdat hij er gewoonweg enorm veel plezier aan beleefde. Trainingen en wedstrijden waren altijd speciaal met Jan Henk erbij. Jan Henk trapte op trainingen de ballen zo hoog over de goal dat hij minimaal 5 minuten moest zoeken naar de bal. In de tussentijd rookte hij stiekem een sigaretje. Halverwege een duurloop sprong hij ineens in de bosjes. Twee rondes later sloot hij doodleuk weer aan en de trainer had niets vernomen. Voor een oefenwedstrijd moesten we op een donderdagavond naar Veenhuizen. Na de wedstrijd gingen we uiteraard nog een pilsje drinken bij onze toenmalige trainer Sjoerd Rozema. Pas laat gingen we weer naar huis. Jan Henk was chauffeur. Hij had echter het richtingsgevoel van een blinde vink en 2 uur later zagen we een verkeersbord met een plaatsnaam van Donkerbroek erop. We waren nog geen 10 km opgeschoten.
Klaas Boneschansker: Een levensgenieter pur sang. Klaas voetbalde op gevoel en het kwam meerdere keren voor dat Klaas na de wedstrijd niet eens meer wist wat de uitslag was of wie er gewonnen had. Klaas moest ook niets hebben van tactiek of afspraken. Klaas moest je de bal geven en hij deed er wel iets moois mee. Vaak onnavolgbaar, maar ook vaak begreep hij er geen snars van. Tegen Viboa maakte hij in één wedstrijd drie geweldige doelpunten. Iedereen complimenteerde hem ermee, maar dat interesseerde hem eigenlijk niets. Het feest nadien was veel belangrijker. En feest vieren deed hij altijd. Of er nu gewonnen of verloren was. Na een wedstrijd waarbij we periodekampioen waren geworden, ging ik met Klaas naar Pub’69. Aan de bar werden we aangesproken door een vriendelijke dame. Waarom we zulke rare sokken aanhadden werd ons gevraagd. Bleek dat we de voetbalsokken nog aan, en de scheenbeschermers nog om hadden. Daarbij moet verteld worden dat Klaas altijd voetbalde met geitenwollen sokken over de kousen. Dit tot ergernis van zijn eigen vader
Trainer:
Jan Postma: Het evenbeeld van 'Jobke' Nainhoes. Een geweldige man die zowel technisch, tactisch als sociaal dé perfecte trainer was voor FC LEO. Een echte clubman die ook niet vies van een feestje was. Echt grote prijzen werden er niet gewonnen onder Jan Postma, maar reden voor een feest was er altijd. Jan bleef tot laat aanwezig op de club en als het eens iets te dol werd, bleef hij gewoon slapen bij één van de spelers. Peter Tuit en ondergetekende hebben Jan meer dan eens als slaapgast mogen ontvangen. Jan sliep echter nooit en ging gewoon in de kamer zitten bier drinken. Trek je maar niets van mij aan zei hij dan. Gaan jullie maar op bed, ik red me wel. Wanneer je ’s ochtends beneden kwam, zat Jan nog op de bank!
Reserves:
Doel, Berend Zijlstra: Berend gold in die tijd als één van de grootste talenten. Helaas heeft hij het bij FC LEO nooit echt waar kunnen maken. Berend moest altijd wel een wat meer ervaren Tammens voor zich dulden, wat trouwens  meer dan uitstekende keepers waren. De keuze van de toenmalige trainers viel dan ook wel te begrijpen. Later bij Viboa heeft Berend nog wel zijn gelijk gehaald/gekregen en keepte hij op een behoorlijk hoog niveau.
Verdediging, Geert Ritsema: Ik heb nooit met Geert in het eerste gevoetbald, maar wel op een lager niveau. Van Geert hoef ik maar één ding te zeggen en dan weet heel FC LEO genoeg: Buitenkantje rechts!
Middenveld, Hans Hoogakker: Hanske pingel. Hans was bijna net zo groot als dat hij breed was. Hans omspeelde vele tegenstanders, maar vaak 1 teveel. Wanneer hij de bal verspeelde was het nooit zijn schuld. Van Hans kon ik dat hebben, want hij had iets over zich wat het maakte dat je nooit kwaad op Hans kon worden.
Voorhoede, Willy Bloemhoff: Willy was geen persoon die beschikte over een geweldige techniek. Willy compenseerde dit echter met een gezond portie inzet, humor en heel veel geluk. Ik heb Willy de meest geweldige doelpunten zien maken, maar hij had ook menigmaal auditie kunnen doen voor de reclame van Calvé Pindakaas. Maar desondanks was het geweldig om het hem in een elftal te mogen spelen. Wij wisselden elkaar vaak af als 12e man maar waren altijd aanwezig en altijd inzetbaar.

Ik had nog vele namen kunnen noemen die in mijn beleving van onschatbare waarde zijn geweest voor zowel FC LEO, als wel voor mijn ontwikkeling. Ik zou er echter altijd wel een paar vergeten, dus ik laat het hier maar bij. Mochten er personen zijn die denken, waarom noemt hij mij niet? Ik mocht er jammer genoeg maar 16 noemen. In principe heb ik altijd met heel veel plezier gevoetbald bij FC LEO en ik kan nu heel erg genieten van de jongere generatie. Vooral de huidige eerste selectie van FC LEO. Een geweldige groep jonge voetballers die veel voor elkaar over hebben en er voor elkaar zijn, in goede en ook in minder goede tijden. Samen met de staf is het een prachtige combinatie die mij doet denken aan de periode onder Jan Postma. Dit, en natuurlijk het feit dat ze gewoon goed kunnen voetballen heeft ervoor gezorgd dat ze afgelopen week terecht kampioen zijn geworden van de 4e klasse B. Ik had ook deze namen kunnen opnemen in mijn sterrenteam, maar dat moet een ander over 15 jaar maar doen.

Tjipco Werkman