Voetbalvereniging BRC: Een van de voorlopers van Oosterparkers

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Bij het speuren naar wat gegevens over de streekderby Warffum-Kloosterburen kwam ik namen van verenigingen tegen waar ik nog nooit van had gehoord. Namen waar ik van dacht, daar wil ik wel meer van weten en als ik er niets over kan vinden zijn er misschien wel andere voetballiefhebbers die wat over een deze voor mij onbekende vereniging kunnen vertellen. Een van de namen waar ik wel iets over vond was BRC dat een van de drie verenigingen was die als voorloper van het huidige Oosterparkers gezien mag worden.

In de jaren veertig telde de Groningse Oosterparkwijk, een arbeiderswijk die ook wel bekendstond als 'Plan Oost', maar liefst drie voetbalclubs. BRC, Groen-Wit en Oostelijke Boys. Op 18 mei 1945 fuseerden deze clubs. De nieuwe fusieclub kreeg de naam Oosterparkers. De oprichtingsdatum van de oudste club, BRC was 18 mei 1922 en die datum werd daarbij als oprichtingsdatum aangehouden. Thuishaven van de fusieclub werd Sportpark Oosterpark.
'Ga je naar het dorp?' Dat zeiden de mensen tegen elkaar als ze bij het pontje over het Gorechtkanaal stonden. Van de naam 'Oosterpark' was direct na de oorlog nog geen sprake. De kleine maar zich snel ontwikkelende wijk heette toen nog 'Plan Oost'. Het was een gebied tussen de huidige Gorechtkade, het slachthuis aan het Damsterdiep en de Sint Franciscuskerk. Plan Oost groeide snel, er werden veel goedkope huizen gebouwd. Sociale woningbouw. Veel mensen vanachter de Veemarkt kwamen er. Bouwvakkers, betonvlechters, de mannen van het harde, ruige werk. Veel visboeren ook. En tevens werklozen, die nauwelijks huisvesting konden betalen. Zo ontstond in Plan Oost een bevolkingsgroep die door velen in die tijd met de nek aangekeken werd en niet zelden 'schooiers en plebs' genoemd werden. Een aantal jaren later veranderde de naam van de wijk in 'Oosterparkwijk'. Vooral nadat er een vaste brug over het Gorechtkanaal en het Damsterdiep was gekomen, werd de toegankelijkheid van de wijk een stuk groter. De wijk groeide en bloeide, maar behield altijd het kenmerk van die typische arbeiderswijk.
Fusieclub
Gesport werd er dus volop, zij het eerst op kleine schaal en in nogal ongestructureerde vorm. De fusie gaf een enorme impuls aan de club. De hele wijk ging achter de club staan. De eerste vier elftallen van Oosterparkers bleven net als BRC eerder op het Sportpark Oosterpark voetballen. Het eerste elftal op het hoofdveld, de andere teams op het bijveld aan de kant van de Zaagmuldersweg en GVAV speelde op het bijveld aan de Parkzijde.
In de eerste jaren mocht de club volgens een gemeentelijke verordening zondags niet voor elf uur 's morgens op het Oosterpark voetballen. Men wilde niet dat de kerkgangers van de Sint Franciscuskerk last van het voetballen hadden. Deze verordening werd echter al snel weer ingetrokken omdat de groei van Oosterparkers dusdanige problemen opleverde zodat er wel eerder begonnen moest worden.
De clubkleuren van Oosterparkers werd groen-wit en dat had te maken met een toevallige omstandigheid. De toenmalige voorzitter Hovenkamp kreeg in de laatste weken van de oorlog een stel groene shirts en witte broeken van de Canadezen en daarin speelde het pas opgerichte Oosterparkers de eerste wedstrijden. Die kleuren zijn altijd gebleven en werden een duidelijk kenmerk van de club.
In de glorietijd - de vroege jaren vijftig - was Oosterparkers vervolgens één van de grootste voetbalverenigingen van Nederland. De club had een grote jeugdafdeling en was financieel kerngezond. Een van de hoogtepunten voor toen Oosterparkers speelde zich af in het seizoen 1951-1952. Oosterparkers speelde toen een promotiewedstrijd tegen ZFC uit Zaandam. Het Oosterpark zat met 13.000 toeschouwers overvol. Oosterparkers won de onderlinge confrontatie en promoveerde naar de eerste klasse.
Net als stadgenoten GVAV, Be Quick en Velocitas stortte Oosterparkers zich in 1954 in het avontuur van het betaalde voetbal. In het seizoen 1956-1957 eindigde de club op de twaalfde plaats in de Tweede Divisie A, die vijftien clubs telde. Het jaar daarop eindigde de club als vijftiende en laatste in de Tweede Divisie B. Het seizoen 1958-1959 was evenmin succesvol: Oosterparkers werd opnieuw laatste. Dit betekende dat de club het seizoen daarop deel moest nemen aan een nacompetitie om zijn plek in het profvoetbal te behouden. Oosterparkers besloot deze nacompetitie echter niet af te wachten en keerde vrijwillig terug naar de amateurs. Eén van de bekendste oud-spelers van Oosterparkers is Dick Nanninga die in de finale tegen Argentinië op het WK ’78 de enige treffer van Oranje scoorde.
Op dit moment komt de uit het uit de fusie ontstane voetbalvereniging Oosterparkers met het eerste elftal uit in het zaterdagvoetbal waar het in de vijfdeklasse speelt, De twee andere seniorenteams spelen op zondag en verder beschikken de  groen/witten over vijf juniorenteams en een 45+ team.  Het Oosterparkstadion werd een groot aantal jaren geleden ingeruild voor Kardinge waar het op 18 mei 2022 mei zijn honderd jarig jubileum hoopt te vieren als fusieclub die is ontstaan is uit Groen-Wit, Oostelijke Boys en BRC.