Enrico Timmer: de haarlemmerolie van sv Yde de Punt

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Binnen de lijnen

Toen de nu 37-jarige Enrico Timmer twaalf jaar oud was besloot hij om te stoppen als voetballen en zich te gaan richten op het zwemmen. Maar nu 25 jaar later is dezelfde Enrico uitgegroeid tot de ‘haarlemmerolie’ binnen de voetbaltak van sv Yde de Punt.

image 2018 01 06 4
Bron Oostermoer Foto Peter Rillema Vries.


,,Ik begon hier bij Yde de Punt al vroeg met voetballen maar was daar in de D-junioren opeens helemaal klaar mee. Ik was niet echt een groot talent wat er uiteraard ook mee te maken had. Ik besloot toen dat ik mij op het zwemmen ging toeleggen. Niet op wedstrijdzwemmen maar meer gericht op het behalen van meerdere zwemdiploma’s en het brevet voor reddingzwemmen. Drie jaar later vroeg mijn vader mij opeens of ik een keer mee wilde naar een thuiswedstrijd van FC Groningen. Dat leek mij wel wat en in het seizoen wat daar op volgde gebeurde het dat mijn vader ook voor mij een seizoenkaart kocht. Een seizoen later werd het allemaal nog mooier. Want dat jaar gingen we ook mee naar de uitduels van de FC. Doordat ik via FC Groningen weer wat meer in contact kwam met het voetballen begon het ook weer wat te kriebelen om zelf weer actief te worden. Dat zorgde dat ik op mijn achttiende in het ‘Bierelftal’ van Yde terecht kwam. Dat was geen team dat veel won maar we waren in de derde helft altijd in een prima vorm,” vertelt hij met een lachend gezicht. Nadat hij weer was gaan voetballen werd hij al snel door Jan Timmer benaderd of hij de terreinmeester wel wat wilde ondersteunen. ,,Jan zocht er eigenlijk iemand bij die hem kon helpen voor het onderhouden van ons complex en daar heb ik toen ja op gezegd. Dat zorgde voor een samenwerking die er nu bijna twintig jaar later nog steeds is en ondertussen is uitgegroeid tot een hechte vriendschap,” vertelt de als hovenier bij Florahof Eelde werkzaam zijnde Enrico die vervolgens zijn schouders wat ophaalt wanneer zijn veelvoud aan activiteiten voor sv Yde de Punt ter sprake komen. ,,Om heel eerlijk te zijn weet ik eigenlijk niet anders dan dat ik wel ergens voor een vereniging of evenement actief ben. Dat is namelijk mijn lust en mijn leven en zonder dat zou ik mij ook absoluut niet gelukkig voelen. Want een tijger stop je ook niet in een kooi, aldus Enrico die ondertussen in de bestuurskamer van de voetbalvereniging een vraagbaak voor velen is. Want er wordt op deze donderdagavond namelijk een duel gespeeld tussen de reserves van Yde de Punt en Eext. En dat zorgt dat ‘allesweter’ Enrico op bijna alle vragen, volgens de vragenstellers althans, het antwoord moet weten. Iets wat hem in de meeste gevallen ook prima lukt als vraagbaak binnen een weer bloeiende voetbaltak waarvan dat laatste ruim tien jaar geleden duidelijk anders was. Toen kreeg het gezelligheidsdier het rond 2007-2008  namelijk  Spaans benauwd .,,Het ledenbestand van de voetbaltak liep opeens dramatisch terug. Niet een klein beetje dramatisch maar een beetje heel veel. We hadden op dat moment nog maar net voldoende spelers voor een team. Dus toen hing het voortbestaan van de voetbaltak echt aan een zijden draadje. Ik ben toen echt overal waar ik kwam gaan lobbyen om te proberen een voetballer die eerder was gestopt te bewegen om weer te gaan voetballen. Het had soms wel wat voeten in de aarde maar uiteindelijk hadden we toch weer voldoende spelers voor het vormen van twee teams. We hebben toen een selectie gemaakt zodat de betere voetballers in het eerste team kwamen en de mindere goden in het tweede. Je moet je echter niet heel veel voorstellen van het verschil tussen het eerste en het tweede want dat was er toen nog bijna niet. Maar het belangrijkste, en waar het mij alleen maar om ging, was dat de club weer wat opbloeide. En ik moet zeggen dat ons dat toen aardig gelukt is en waar we nu als club nog steeds de vruchten van plukken. De gezelligheid die we voor die tijd kenden is weer helemaal terug en daar geniet ik intens van. Er zijn er uiteraard ook die naar de sportieve prestaties kijken maar dat doe ik wat minder. Natuurlijk hoop ik ook dat het eerste elftal het in de vijfde klasse steeds wat beter gaat doen. Want dat is natuurlijk goed voor de club. Betere resultaten zorgen er namelijk altijd voor dat er ook meer toeschouwers komen kijken.”

Een verbetering van de sportieve prestaties moet er volgens de bezige bij binnen Yde de Punt, ik heb denk ik als vrijwilliger binnen de club alles wel gedaan, de komende jaren ook wel inzitten. ,,Ik denk dat we met onze huidige trainer, Willem Dontje, wel iemand in huis hebben die ons sportief een stapje kan laten maken. Willem is daarnaast ook een echte clubman als trainer en dat is ook heel erg belangrijk. Wat dat laatste betreft hebben we nooit te klagen gehad want ook Jan Kuiper, die hier voordat Willem kwam drie jaar trainer is geweest, dacht met de club mee toen we het financieel een paar jaar geleden even wat lastig hadden. En we hebben ook Harm Bauman nog als trainer gehad. Ook Harm was een echte clubman en heeft hier zelfs nog een tijdje bij ons in het derde elftal gekeept. Dus wat dat betreft hebben we niets te klagen en ik denk dat we voor een trainer ook wel een leuke club zijn. Toen Jan had aangegeven dat hij zou vertrekken kregen we in totaal vijftien sollicitaties binnen. Daar waren een paar bij de konden zou de prullenbak in maar toch, het hoge aantal zegt mij dat we met Yde de Punt weer op de goede weg zijn. Iets waar ik oprecht blij mee ben want de voetbaltak is nu eenmaal belangrijk voor Yde de Punt. We weten allemaal dat alles wat er in de kleinere dorpen wegvalt nooit meer terugkomt. Dat zag je toen hier rond 2007 het café dichtging. Nu hebben we een multifunctioneel gebouw maar dat is toch wat anders dan een sportkantine zoals wij die hebben.” Een sportkantine waar ondertussen ook de klootschietvereniging zijn thuishaven heeft, vertelt Enrico. ,,Toen café Brinkman dicht ging zat de vereniging even met de handen in het haar. Als snel kwam de vraag toen of ze niet vanuit onze kantine konden vertrekken. Een vraag die, nadat er eerst overleg was geweest met een andere uitbater van een café buiten het parcours, door ons als bestuur positief werd beantwoord. Want waarom zouden we elkaar als verenigingen niet helpen in een tijd dat het steeds lastiger wordt om alles in stand te houden.” Wanneer Enrico Timmer deze laatste woorden uitspreekt typeert hem dat ten voeten uit. Want in alles laat de duizendpoot binnen de gemeenschap van Yde de Punt zien dat hij begaan is met ‘zijn’ Yde de Punt en zijn bewoners. Want Enrico Timmer is er eentje van het type, verbaal duidelijk aanwezig, maar met een hart van goud.