Liever naar de ‘kelder’ dan naar een oorlogsgebied

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Liever naar de ‘kelder’ dan naar een oorlogsgebied
Liever naar de ‘kelder’ dan naar een oorlogsgebied vond ik wel een gepaste kop boven een artikel dat gaat over de waanzin binnen het betaalde voetbal Nederland.
Johan Staal
Talloze keren in een seizoen krijg ik de opmerking te horen, ga je dit weekend weer naar de kelder van het amateurvoetbal. En steeds beantwoord ik die opmerking bevestigend. Want als iemand een duel in de derde klasse of lager, wat mijn ‘werkterrein’ voor de Ommelander Courant is, als zodanig ziet dan is dat maar zo. Mijn tegen opmerking is dan dat ze mij vast moeten binden wil ik wedstrijd kijken op ‘Foxie’ negentig minuten volhouden. Iets wat de andere kant niet begrijpt omdat een duel in de eredivisie toch van een hoger niveau is. Ik moet eerlijk zeggen dat ik van welke wedstrijd op TV dan ook niet meer opgewonden raak. Dat komt door het randgebeuren dat het betaald voetbal terroriseert. Spelers die met de dood bedreigd worden is een voorbode van wat er ooit een keer gaat gebeuren, dat een speler, trainer of technisch directeur daadwerkelijk wordt aangevallen. Iets wat men in Zuid-Amerika mee maakte toen in 1994 Andres Escobar werd doodgeschoten. De Colombiaanse verdediger had enkele dagen eerder op het WK in het duel tegen de Verenigde Staten zijn eigen keeper gepasseerd en moest dat met de dood bekopen. Toestanden waar men van zei, zoiets gaat in Nederland nooit gebeuren. Daar zijn we veel te nuchter voor in Nederland. Gisteravond in het journaal hoorde ik de voorzitter van de supportersvereniging van Feyenoord iets zeggen over het bedreigen van Feyenoord-speler Marko Vejinovic. De beste man vond dat er eerst maar bewezen moest worden dat het aanhangers van Feyenoord waren. Hij had natuurlijk helemaal gelijk: dat zijn ook geen aanhangers maar gasten die ‘hun’ club naar de kloten helpen en dat zijn uiteraard geen aanhangers van Ajax of Roda die dat doen. Toen Dwight Lodeweges van Cambuur naar Heerenveen vertrok werd het stadion van Cambuur overvallen door een zootje, dat in het dagelijks leven waarschijnlijk geen ketting rechttrekt. Want dan heb je geen tijd voor deze onzin. Steeds vaker hoor ik ergens langs de lijn de opmerking, het betaald voetbal heeft mijn interesse niet meer. Er gaat veel te veel geld in om en het kost de samenleving klauwen met geld.’ Opmerkingen waar ik wel in mee kan gaan zonder het amateurvoetbal te idealiseren. Want ook dit weekend is er weer een arbiter gemolesteerd zodat er weer een team uit de competitie gehaald werd. Belachelijke acties van spelers waar je als bestuur maar één straf voor kunt bedenken: opzouten!
Maar overal zitten mazen in het net want niemand wil de ‘supporter’ met een stadionverbod die toch een stadion binnenkomt de kost geven. Dat geldt precies eender voor spelers die langdurig geschorst zijn. Ook daar zijn er bij die ‘vrolijk’ in een ander team of club rondspringen. Misschien een stevige bewering maar zo werkt het helaas. Op het Hogeland, waar ik in de weekenden langs de lijn vertoef, heb ik het in de acht seizoenen nog maar één keer meegemaakt dat een duel gestaakt werd door ongeregeldheden. Dat was omdat de arbiter zich in woord en gebaar bedreigd voelde worden maar waar er velen van vonden dat dit lichtelijk overdreven was. Een wedstrijd op ongeveer 400 duels is niet veel maar wel eentje te veel. Dat gaan we straks ook zeggen als er speler, trainer of bestuurslid in elkaar geslagen, of misschien nog erger, wordt. Dat is er eentje te veel. Maar met steeds agressiever wordende ‘aanhangers’ moet je niets uitsluiten. Daarom mag men laatdunkend praten over de ‘kelder’ van het amateurvoetbal. Maar ik ga in de weekenden liever naar de ‘kelder’ dan naar een oorlogsgebied wat het betaald voetbal steeds meer aan het worden is.