Te jonge trainers vaak 'doodsteek' jeugdvoetbal

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Als een seizoen teneinde loopt breken er voor duizenden jeugdspelers spannende tijden aan. Spannende tijden omdat bekend wordt in welk team ze het volgend seizoen gaan spelen. Net als bij het bericht of je wel of niet geslaagd bent, of je wel of niet naar een volgende klas gaat zorgt dat voor euforie of teleurstelling.
johan20staal20puurvoetbalonline
In juni maken veel verenigingen de indeling bekend van de jeugdteams waarmee ze het nieuwe seizoen gaan beginnen. Dan wordt er gekeken wie in welk team komt te spelen. Ik heb als jeugdtrainer niet veel met dit fenomeen te maken gehad. Dat kwam omdat de verenigingen waar ik werkzaam was niet over een groot aantal teams in een bepaalde leeftijdscategorie beschikten. Bij een vereniging, SV Marum, heb ik dat wel van dichtbij meegemaakt omdat de Marumers vooral in de onderbouw over een groot aantal teams beschikken.

Ik weet nog dat bij de indeling van de selectieteams uiterst zorgvuldig werd gewerkt. Meerdere personen bogen zich over de selecties waarbij alle spelers individueel werden besproken.
Iets wat een prima zaak is maar wat in veel gevallen anders gebeurt. Vaak gebeurt het dat een jeugdtrainer een bepaalde vrijheid krijgt bij het samenstellen van een of meerdere selecties. Een jeugdtrainer die vaak nog jong en onervaren is omdat dit steeds meer de tendens wordt. Je ziet namelijk bij steeds meer jeugdteams jonge trainers de scepter zwaaien.

Toen ik in 1985 als ‘trainer’ begon was ik 28 jaar. Ik had voor die tijd nog nooit iets op dat gebied gedaan en rolde er eigenlijk bij toeval in. In de beginjaren haalde ik mijn trainingen uit het lesmateriaal van de helaas te vroeg overleden Anton de Best. Prima oefenstof waar ik echter niet op de juiste wijze mee omging. Dat was iets waar ik pas later, toen ik de opleiding tot jeugdvoetbaltrainer ging volgen, achter kwam. Ik leerde in 1989 op de JVT-cursus namelijk dat er meer komt kijken dan alleen maar training geven als het gaat om het trainerschap bij een jeugdteam. Dan komen er dingen naar voren van, hier had ik nooit aan gedacht.

Maar niet alles kun je leren want wat vele malen belangrijker is dan al die prachtige oefeningen is iets wat je niet kunt leren. Wat je niet kunt leren is, het verdiepen in je spelers. Willen weten hoe iemand qua karakter in elkaar zit is wat, althans dat is mijn ervaring, vele malen belangrijker is of iemand wel de juiste looplijn loopt.

Tegenwoordig zie je steeds meer ‘trainers’ van rond twintig jaar die moeten beslissen over jonge voetballers. Trainers die vaak met een grote schrijfmap het veld opwandelen om alles te noteren wat er fout gaat en waarbij ze denken dat ze de wijsheid in pacht hebben.

Ik heb het al vaker gezegd, aan mij is geen groot trainer verloren gegaan omdat ik meer een coach dan een trainer was. Ik was liever met de spelers in gesprek over hun functioneren en probeerde zo een team te smeden. Ooit kreeg ik van de helaas veel te vroeg overleden Bernhard Posthumus het compliment dat ik een people manager was die goed in staat was om van vijftien jongens een team te maken. Een mooi compliment omdat Bernhard zag hoe ik met, toen de B-junioren, van Marum bezig was. Nog steeds kom ik de boys van toen nog weleens tegen. Dan is daar de hand en wordt het even bijpraten zoals enkele weken geleden met Ruurd Posthumus op het 1e Maran-Karlijn Toernooi.

De laatste weken heb ik diverse verhalen gehoord over het selectiebeleid bij een BVO of  amateurverenigingen. Verhalen waarbij je de veters uit je schoenen springen. Spelers die regelmatig bij een hoger team op de bank zitten maar door een nieuwe trainer  van hun eigen team‘gewoon’ worden afgevoerd. Spelers die binnen vijf minuten weer buiten staan nadat de medeling is gekomen, we gaan met jou niet verder. Te zot voor woorden maar wel de realiteit.

Ook te zot voor woorden is een speler op een tweetal wedstrijden beoordelen terwijl je niet weet  hoe de jeugdspeler karakterologisch in elkaar zit. Dat mag je een blunder noemen omdat dit iets is wat nu juist heel belangrijk is. Hoe doet iemand het op school. Wat wil een speler of speelster zelf investeren. Allemaal zaken die je als ‘opleider’ moet willen weten. Dat ben je namelijk als jeugdtrainer. Je leidt spelers op voor een verdere toekomst als voetballer.

Ik ken meerdere voorbeelden waar ik van denk, die hadden meer verdiend dan de wijze waarop ze nu behandeld zijn. Een trieste constatering die ik de laatste weken te vaak heb gehoord. Ergens begrijp ik het wel waarbij niet iedereen het met mij eens zal zijn. In de voetbalwereld zijn we namelijk goed in naaapen.

Toen Louis van Gaal met zijn schrijfblok kwam waren er opeens meer die problemen met hun geheugen hadden. Opeens zag je ook bij de F-pupillen trainers/leiders lopen die alles gingen opschrijven wat er fout ging in de wedstrijd. Een beeld van belangrijk zijn denk ik persoonlijk want als je niet meer kunt onthouden wat in twee keer twintig minuten gebeurd is het niet best met je geheugen.

Dat zie je ook terug in het selectiebeleid binnen veel jeugdafdelingen. Een onervaren trainer die daar het voetbalplezier van een talentvolle jeugdspeler aan gruzelementen gooit. Hij zal dat niet met opzet doen maar het gebeurt omdat hij zich niet in zijn jeugdspelers heeft verdiept. Dat is een blunder die een jeugdbestuur zich ook mag aanrekenen. Een jeugdbestuur mag namelijk nooit toestaan dat maar een trainer beslist over wie er in de jeugdselecties komen.

Een jeugdbestuur moet durven ingrijpen als het geluiden hoort van dit klopt niet. Die moet durven ingrijpen als spelers met bepaalde kwaliteiten worden verbannen naar een selectie waar het prestatiegericht bezig zijn bijna verboden is.