Ik had mijn vader vandaag graag horen 'mopperen'

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Vandaag, 26 juni, is de geboortedag van mijn vader die, als hij nog had geleefd, vandaag 84 jaar was geworden. Er gaat bijna geen dag voorbij of er is wel een moment dat ik even aan mijn in 1998 overleden vader denk. Dat hoeft niet lang te zijn maar een moment aan iemand denken die ik nog alle dagen mis is mij niet vreemd. Sommige dagen zijn de momenten wat kort maar op andere dagen zijn ze redelijk lang omdat ik dan aan de momenten denk waar ik mijn vader graag deelgenoot van had willen maken.

johan20staal20puurvoetbalonline
Ik heb het al vaker gezegd,mijn vader was een trouwe fan waar veel ouders van nu een voorbeeld aan kunnen nemen. Vanaf het moment dat hij het werk als, zoals het nu genoemd wordt, agrarisch medewerker, verruilde voor een baan in het toen nog AZG was hij bij iedere thuiswedstrijd die zijn drie zonen voor Eenrum voetbalden aanwezig. Dat was een vanzelfsprekendheid waarmee hij zijn tekort aan aandacht in eerdere jaren wilde goedmaken. Iets wat ik altijd als onzin heb beschouwd omdat zijn werkzaamheden op het boerenbedrijf van Ruud Clevering nu eenmaal geen baan van 9.00 tot 17.00 uur was. Daarom begreep ik dat mijn vader er niet altijd was toen ik nog voor de jeugd van Eenrum voetbalde, maar wat hij later ruimschoots goedmaakte.

Op zondag 1 juni promoveerde Eenrum via een 5-2 overwinning op SPW naar de vierde klasse. Een mooi moment waar ik samen met nog ruim 400 toeschouwers getuige van was. Maar toch, er ontbrak iets want dat moment had ik graag met mijn vader willen delen. Ik weet namelijk zeker dat ook hij een van de ‘mopperende’ supporters zou zijn geweest. Een supporter die moppert ondanks dat hij van binnen trots op ‘zijn’ vereniging is.

Ik weet zeker dat ook hij blij zou zijn geweest met de promotie van de Roodbaadjes. Een blijdschap die ik graag met mijn vader had willen delen en waarbij we samen nog even heerlijk nagepraat zouden hebben. Bij het napraten zou uit de mond van de toen nog 83 jarige vast de woorden ‘ze hebben niets in de vierde klasse te zoeken’ geklonken hebben. Een opmerking die tot een discussie geleid zou hebben omdat ik een andere mening ben toegedaan. Laten we het er maar op houden dat de opmerking, ze hebben in een klasse hoger niets te zoeken, supporter eigen is. Een supporter zegt dat omdat hij hoopt dat hij ongelijk heeft en zijn favorieten een niveautje hoger prima aankunnen.

Dat zou ook gelden wat betreft de prestaties van Oranje. Ook dat was iets waar door mijn vader sceptisch naar zou zijn gekeken. Dat sceptisch kijken had een oorzaak want als supporter van Feyenoord stond het hoog ‘Ajax-gehalte’ hem wat betreft Oranj hem nooit aan. Dat de successen van ’74 mede door de inbreng van de Ajacieden, Suurbier, Krol, Rep, Neeskens en Cruijff tot stand kwam viel maar moeilijk te verteren. Vandaar dat Robbie Rensenbrink, Wim Jansen en Wim van Hanegem steeds als de uitblinkers werden gezien. Jansen en Van Hanegem omdat het Feyenoorders waren en Rensenbrink omdat hij als speler van Anderlecht geen Ajax-verleden had.

Daar moest ik aan denken toen Louis van Gaal zijn basiself bekend maakte waarbij het Feyenoord-gehalte hoog te noemen was. Basisspelers Janmaat, De Vrij, Vlaar, Van Persie, Martins Indi spelen of speelden voor Feyenoord en ook Jordy Clasie en Terence Kongolo voetballen voor de Rotterdammers. Dat gold ook nog eens voor Leroy Fer, die nu voor Norwich City uitkomt, en PSV-aanvoerder Georginio Wijnaldum.

Ik weet zeker dat er een opmerking zou zijn gekomen van, wat moeten die Nigel de Jong, Sneijder, Blind en Cillissen in Oranje. Spelers die, in zijn ogen, hun plaats hadden moetsten afstaan aan bijvoorbeeld Vorm, Kongolo, Clasie of Wijnaldum. Want, het Feyenoord-gehalte had wat hem betreft vast nog hoger mogen zijn.

Dat zijn momenten waar je aan denkt als het zoals vandaag de geboortedag van je vader is. Van iemand waar je graag nog veel mee had willen delen maar waar bijna zestien jaar geleden abrupt een einde aan kwam. Een einde waardoor herinneringen, zoals het boos zijn toen Gerd Muller in ‘74 de 2- 1 voor, toen nog, West-Duitsland, scoorde en het schot tegen de paal van Rensenbrink vier jaar later in de finale tegen Argentinië, overblijven. Dat zijn momenten die je koestert en wat ik dan ook doe. Maar het meest koester ik het moment dat op zondag 27 september 1998 plaatsvond. Nog een keer was daar de groet bij het hek. Nog een keer, en wat ik toen nog niet wist, was daar een allerlaatste groet. Een allerlaatste groet omdat mijn vader een dag later overleed.

Daar moest ik vanmorgen aan denken toen ik wakker werd en ik een glimlach niet kon onderdrukken. Ik bedacht mij wat op zijn verjaardag ongetwijfeld gespreksthema’s waren geweest en waarbij ik graag zijn 'gemopper' had willen horen. ‘Eenrum heeft niets in de vierde klasse te zoeken en ik snap niet dat die Sneijder speelt en Vorm is beter dan Cillissen.”