Ouders op het voetbalveld

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Voor Puurvoetbalonline heb ik sinds de start op 21 december al diverse mensen ontmoet uit de Groninger amateurvoetbalwereld.

Voor Puurvoetbalonline heb ik sinds de start op 21 december al diverse mensen ontmoet uit de Groninger amateurvoetbalwereld.

Jong en oud heb ik gesproken en van de ouderen onder ons hoorde ik dan vaak de opmerking dat het vroeger niet beter was maar wel anders. Maar ook bij de jeugd lees je tussen de regels door dat toen ze nog in de E-pupillen speelden hun vader en moeder regelmatig kwamen kijken wat op latere leeftijd nog maar sporadisch voorkomt.

Je hebt natuurlijk uitzonderingen die de regel bevestigen, ik ken er persoonlijk een paar die de wedstrijden van hun kinderen, zowel uit als thuis, altijd bijwonen maar nadat de voetballende zoon of dochter de D-junioren gepasseerd is en richting C-junioren gaat is het bezoeken van wedstrijden van hun kroost voor veel ouders vaak een gepasseerd station.

In mijn jeugd ging het net anders om. Mijn vader moest als landarbeider, nu noemen ze het een agrarische medewerker, vroeger lange dagen maken om zijn gezin te kunnen onderhouden en had daardoor maar weinig vrije tijd. Op de zaterdagen werd er altijd gewerkt maar het eerste wat hij dan vroeg als hij thuis kwam hoe we hadden gespeeld. In 1973 verruilde hij het door hem zo geliefde Groninger platteland voor een baan in het AZG, het huidige UMCG, omdat zijn gezondheid het niet meer toeliet om de zware werkzaamheden die het boerenbedrijf met zich meebrengt nog langer uit te voeren. Johan Cruijff deed ooit de gevleugelde uitspraak dat ieder nadeel ook een voordeel heeft en dat gold ook voor mijn vader. Hij kreeg opeens veel meer vrije tijd waardoor hij zijn drie voetballende zoons eindelijk kon zien voetballen. Prachtig vonden we dat en deden nog beter ons best om zo goed mogelijk te voetballen wat natuurlijk niet altijd lukte. Zelf was hij in zijn jeugd geen begenadigd voetballer en zei vaak dat hij er een voor de voetbalclub,, kap en klomp was, een benaming die hoorde bij een team die louter en alleen bestond uit personen die absoluut niet konden voetballen.

Verstand van het spelletje had hij wel maar had in mijn ogen een probleem, hij was namelijk voor Feyenoord. Helemaal vreemd kon je dat niet noemen want Feyenoord was de club van het volk en stond bekend als een hardwerkende ploeg iets wat hij ook hoog in het vaandel had staan. Zijn voorkeur voor Feyenoord gaf veel strijd want mijn favoriete ploeg kwam uit Amsterdam omdat ik meer genoot van het technisch voetbal van Ajax. Heftige discussies waren het gevolg die toen we allebei wat ouder werden duidelijk mildere vormen aannamen. We begonnen meer begrip te krijgen voor elkaars standpunten en op een gegeven moment konden we zelfs samen naar een Europa Cup-duel van Ajax kijken wat in de beginjaren van Ajax zijn grootste successen ondenkbaar was.

Na wat omzwervingen door het Groninger land omdat ik van het standpunt uitga dat je in het dorp of stad voetbalt waar je woont, besloot ik de laatste jaren van mijn actieve carrière bij de v.v. Eenrum af te sluiten hoewel ik toen in Kloosterburen bleef wonen. En dat was niet omdat de cirkel dan rond was of meer van dat soort ongein maar puur voor mijn vader. Nog steeds ging hij iedere zaterdag en zondag naar het voetballen, maar merkte ik aan alles dat hij iets mistte. Toen ik de eerste keer dan ook mijn opwachting in Eenrum maakte stond hij op de hoek van de toen nog houten kantine al op me te wachten. Even gezellig bijkletsen waarna ik mij ging omkleden. Wij speelden in die tijd met het vierde altijd om half 11 thuis in verband met de beperkte kleedruimte die Eenrum toen ook al had. Mijn moeder was echter een van de oude stempel en stond erop dat er om 12 uur gegeten werd iets wat ik nooit heb begrepen. Maar iedereen die kan rekenen weet dat een duel wat negentig minuten duurt en een rustpauze heeft van een kwartier en om half 11 begint nooit om kwart voor twaalf afgelopen kan zijn. Mijn vader liep op latere leeftijd wat moeizaam en hoewel mijn ouders redelijk dicht bij de sportvelden woonden had hij ongeveer tien minuten nodig om thuis te komen. De wedstrijd helemaal tot het einde bezoeken was er dus niet bij. Ik ging dan op de terugreis naar Kloosterburen vaak even langs om verslag uit te brengen van de resterende minuten van het duel. Maar op zondag 27 september 1998 ging het even anders en moest ik direct na het duel naar huis. Toen was er de groet bij het hek want bij het verlaten van het sportpark hadden we altijd nog even contact door middel van even een hand opsteken. De volgende dag werd ik door een collega geroepen die vertelde dat ik direct naar mijn ouderlijk huis moest komen want mijn vader had een ongeluk gehad. In Eenrum aangekomen bleek het veel ernstiger te zijn dan men had verteld, waar ik ze trouwens nog dankbaar voor ben omdat er dan waarschijnlijk ongelukken waren gebeurd, want mijn vader was overleden. Mijn trouwste fan leefde niet meer en die klap kwam hard aan. Nooit zou hij meer zwaaien bij het hek en nooit zou ik meer horen dat ik wel redelijk gespeeld had wat uit de mond van mijn vader betekende dat je goed gevoetbald had. De animo om nog te voetballen werd steeds minder want hij was er niet meer, mijn trouwe fan. Hier moest ik aan denken toen ik het vraaggesprek van Allard Komdeur, klaar zette" zodat Martine het op de site kon zetten. Ieder kind jong of oud vindt het leuk als ouders komen kijken bij de hobby die ze beoefenen. We kennen allemaal de verhalen van de jeugdspelertjes die met vijf Euro gedumpt worden op een sportveld of iets dergelijks met de mededeling dat Pappa of Mamma zoon of dochterlief die om negen uur de wei ingaan om hun wedstrijdje te spelen om vier uur weer opkomen halen. Zo hebben de ouders van nu iets meer tijd om aan hun eigen geneugten des levens de nodige aandacht te besteden omdat ze daar door hun druk en gejaagd leven op een doordeweekse avond niet of nauwelijks meer aan toe komen.

Maar ze weten niet wat ze missen en beseffen niet wat ze hun kinderen aandoen. Wat is er voor een kind nu mooier dan er nog een schepje bij op te doen als Pappa of Mamma komt kijken. Als ouder krijg je het altijd terug wat je aan belangstelling hebt getoond. Vaak wordt het niet met zoveel woorden gezegd maar toen mijn vader op 2 oktober werd gecremeerd heb ik een zelf geschreven gedicht voor gelezen met als titel, Mijn trouwste fan" want hoewel we het over Feyenoord en Ajax nooit helemaal eens zijn geworden was ik er zelfs toen ik de veertig gepasseerd was ongelofelijk trots op dat mijn vader iedere thuiswedstrijd kwam kijken. En wat dat betreft hoef je geen geleerde te zijn dat zoiets bij de huidige generatie voetballers ook zo is. Dus ouders geniet van je kinderen tijdens het beoefenen van hun hobby, s want wat is er nu mooier om later te horen dat je hun trouwste fan bent geweest!