Eén team, maar toch alléén.

op . Geplaatst in Columns

Ruim een half uur voor de wedstrijd komt hij als eerste het veld op. Terwijl de rest nog in de kleedkamer aanwezig is begint hij alvast aan zijn warming-up…..in zijn eentje. De keeper, zie hem daar eens staan in zijn afwijkend tenue, hij grijnst en slaat met z’n handen tegen zijn ontzagwekkende torso. Dan klapt hij in zijn handen, een paar keer maar, langzaam bijna in slow-motion, maar hard en doordringend. Zijn handen zijn als kolenschoppen, verpakt in felgekleurde handschoenen. De keeper……..hij is klaar voor de wedstrijd.

Hij coacht, hij roept, hij scheldt, hij vloekt. Een afstandsschot! “Honderd”roept de keeper, hij intimideert, een aantal keren moet hij handelend optreden en verlaat zijn “hok” om zijn lichaam voor de aanstormende aanvaller te werpen en pakt de bal, grijnst en gaat terug naar zijn doel.Zijn teamgenoten, van afstand ziet hij hun geploeter, hij schud zijn hoofd en denkt het zijne ervan, hij is veroordeeld om vanuit de verte naar de wedstrijd te kijken, dáár aan de overkant wordt er omhelst, een menselijke piramide gebouwd of een Afrikaans volksdansje nagedaan als er wordt gescoord.

 De keeper kan hooguit wat in zijn eentje gaan staan springen of als een los geslagen bok wat heen en weer rennen. Nee het doelmanschap is niet wars van eenzaamheid en een allerminst populaire post. Hij moet juist goed kunnen wat anderen niet kunnen, hij is een buitenbeentje, iemand die zich niet alleen door zijn plek in het team, maar ook door zijn persoonlijkheid onderscheid van z’n teamgenoten. De meeste komen er per ongeluk, er zijn er maar weinig die roepen van ”ik wordt keeper”. Tsja, je moet het maar willen/durven, zo alleen onder die lat om in je ééntje tussen de palen te wachten op……….de executie.

De bal rolt tussen hem en de eerste paal tegen de touwen, en er is stilte, ongeloof en gevloek, verd…..!!!!!!  de korte hoek! Hij weet het, die bal had voor hem moeten zijn, hij wou de perfecte doelman zijn maar hij faalde,  hij zwijgt, baalt en raapt de bal op uit het net en legt aan voor een alles verwoestende uittrap richting middenstip, al zijn kracht en frustratie samengepakt in het schot. Na nog één foutje volgt de hoon van alles en iedereen, supporters gebruiken hem als mikpunt van hun frustraties, bij iedere volgende actie wordt  hij uitgefloten/uitgescholden en uitgekotst of misschien nog erger, hij krijgt applaus van zijn eigen  “supporters” en teamleden  als hij een rolletje oppakt. Vraag dan jezelf eens af of JIJ zou willen ruilen met hem.  Ook een keeper is maar een mens, maar hij wordt beoordeeld op zijn fouten.

Het eindsignaal klinkt. Zijn gezicht staat op onweer, hij kijkt nog eenmaal naar dat gebied waar geen gras meer groeit, waar hij mocht duiken en vallen, dan draait hij zich om, blik op oneindig en staart in het niets, zwijgend stap hij van het veld en weet het, en denkt terug aan……dat ene moment.

De keeper wat was hij eenzaam op dat moment en nee in het doel wordt niet gelachen.