'Linkspoten'

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Linkspoten is een term die je veel hoort in de voetbalwereld. Ik was er zelf ook een en wat ze noemen een ‘echte.”

Linkspoten is een term die je veel hoort in de voetbalwereld. Ik was er zelf ook een en wat ze noemen een ‘echte.”

 

 Rob20Rensenbrink

 Een van Nederlands beste linkspoten ooit: Rob Rensenbrink

 Als een trainer aan mij vroeg of ik een bal met rechts voor kon geven dan had hij mij bijvoorbeeld beter kunnen vragen of ik de hele wedstrijd als grensrechter wilde fungeren want dan was mijn inbreng duidelijk groter dan dat ik iets met mijn rechterbeen moest doen. Stijf links was ik en dat gold ook voor mijn schrijfactiviteiten waar, en enkele Eenrumers zullen de naam nog weten , juffrouw van Eck, veel moeite mee had.

Want in de beginperiode dat ik op de lagere school in Eenrum rondhuppelde was het met je linkerhand schrijven bijna een doodzonde. Een tik over je vingers met een aanwijsstok viel je ten deel als je  heel stiekem met je linkerhand tussen de lijnen probeerde te schrijven in plaats van met je rechterhand waarbij je rechterhand alle kanten opvloog. Ik kreeg één keer een tik over mijn vingers van juffrouw van Eck en dat was ook direct de laatste keer. Want toen ik met dat verhaal, en een paar blauwe vingers, thuis kwam ging mijn vader even later de deur uit om de directeur, die toevallig met mijn juf getrouwd was, te vertellen dat dit ook direct ook de laatste keer was geweest dat ik voor het feit dat ik linkshandig was gestraft zou worden. De boodschap was duidelijk overgekomen want het is niet meer gebeurt en ik ben er dan nog steeds trots op dat als linkshandige voor schrijven steeds een 8 op mijn rapport scoorde.

Toen ik in de jeugd van Eenrum begon te voetballen was linksbenig zijn natuurlijk geen probleem helemaal omdat ik mijn debuut voor Eenrum als doelman maakte. Als jong broekie verloor ik mijn eerste duel in en tegen Zuidhorn met 14-0 en dat was alles behalve leuk voor een beginnende doelman. Het keepen werd in mijn jeugdjaren afgewisseld met het voetballen in de diverse jeugdteams want soms was er bij Eenrum weleens een lichting waarin iemand rondhuppelde die niet kon voetballen maar wel een redelijk balletje kon vangen zoals, ik zou trouwens niet weten waar hij gebleven is, Geert Nubé. Dan mocht ik een seizoen opdraven als linkshalf of linksbuiten om een jaar later weer als doelman op te draven bijvoorbeeld. Mijn kwaliteiten als voetballer lagen niet op het conditionele vlak maar ik moest het meer van mijn traptechniek hebben. Die traptechniek werd steeds meer verbeterd door het vele voetballen dat ik samen met mijn klasgenoten/ teamgenootjes, aangevuld met de boys uit Wehe den Hoorn Anno Bloem en Jan Bolt, bijna dagelijks deed. Later werd dit nog meer uitgebreid doordat ik samen met Henk, Herman hele competities heb gespeeld waarbij het de kunst was om zolang mogelijk op goal te staan waarbij de klok op de nog steeds prachtige Eenrumer Toren als tijdwaarneming dienst deed.

Die steeds beter ontwikkelde traptechniek kwam mij in de wedstrijden die ik in die periode voor Eenrum voetbalde goed van pas want de corners werden door mij, en bescheidenheid siert de mens, redelijk goed voor gegeven. Inswingers vanaf rechts en van de goal afdraaiende ballen vanaf de linkervleugel zorgden regelmatig voor paniek in de achterhoede van de tegenpartij.

Hier moest ik aan denken toen ik naar een aflevering keek van mijn favoriet TV-programma Voetbal International waarin het ging over het nemen van corners. René van der Gijp vond dat Feyenoorder Cabral eindelijk iemand was die de ballen uitstekend voorgaf maar dat er niet goed op geanticipeerd werd door zijn medespelers. Er ontstond aan de ondertussen beroemde tafel een discussie over de traptechniek in het betaalde voetbal die leuk om te volgen was omdat ik nu eenmaal een liefhebber ben van voetballers met een ‘mooie trap”. Ik besloot om eens tijdens enkele wedstrijden die op de diverse zenders werden uitgezonden een beetje op corners en voorzetten vanaf de vleugels te gaan letten. Ik kan onze trouwe bezoekers melden dat het met de gemiddelde traptechniek in het betaalde voetbal maar droevig is gesteld. Het was werkelijk rampzalig wat we voorgeschoteld kregen door de betaalde profs.

Corners die over alles en iedereen heen vlogen richting de andere cornervlag of voorzetten die met grote regelmaat in een niemandsland terecht kwamen waar in de verste verte geen medespeler te vinden was waren schering en inslag. Toen moest ik denken aan mijn eigen jeugd en bedacht ik mij hoeveel uren wij, mijn beide broers en ik,  achteraf zonder dat we het zelf wisten in ons zelf geïnvesteerd hadden om onze traptechniek te ontwikkelen. Tegelijkertijd vroeg ik mij af hoeveel van die duur betaalde profs na afloop van een training nog op het trainingsveld achterblijven om bijvoorbeeld corners of voorzetten te oefenen. Misschien zijn het er enkelen maar velen zullen het er niet zijn vermoed ik als we het huidige niveau van het betaalde voetbal bekijken.

Want om even in de term van René te praten: ‘Het is soms niet om aan te gluren.  Vroeger hadden we met Piet Keizer, Coen Moulijn en Rob Rensenbrink mannen die een voorzet konden geven en ook Hugo Hovenkamp kon er in zijn periode bij AZ’67 en het Nederlands Elftal wat van. Later in het Oosterpark Stadion was Henk Schoonbeek, nu trainer van FC Assen, ook een linkspoot die een aardig balletje voor de goal kon leggen en dan ook een ouderwetse linksbuiten, of zoals we het ook wel zeggen een ‘echte’ linkspoot, werd genoemd. Daarom vind ik het ook mooi , en ben er ook een beetje trots op, dat ‘Ome”Jaap Werkman, die in de jeugd mijn trainer en leider  altijd tegen mij zei: ‘Doe bis en echte linkspoot’ want  hoewel zo goed als bovengenoemde spelers, en wie had dat als jong voetballertje nu niet gewild, ben ik jammer genoeg nooit geworden maar ik kon gelukkig wel een mooie corner of voorzet geven en dat kunnen veel voetballers in het betaalde voetbal nu niet meer zeggen moeten we helaas constateren.”