Mijn weekendmoment: Een waardeloze zondag

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Ieder weekend gebeurt er rond een wedstrijd in het amateurvoetbal wel iets wat het schrijven van een artikel waard is. Iets waar je soms met bewondering, respect, ontroering, pret maar ook vaak met verbazing of afgrijzen naar kijkt.
Je profielfoto, Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon, staan, buiten en natuur
De zondag in een voetbalseizoen heeft voor mij een vast ritueel. Een keer in de twee weken begint de zondag met het naar Mercator brengen van Martine maar alle zondagen, en ook de overige dagen van de week, beginnen met het geven van eten en drinken aan Billy en Bolly de twee poezen van mijn dochter Krista die al ruim vijf jaar bij ons verblijven omdat haar vriend Thomas allergisch is voor katten. Zo werden de vijf jaar geleden nog zwaar getraumatiseerde dieren, met dank aan een opvangadres wat toen niet de juiste keuze van Krista was, onderdeel van ons leven en waar we veel plezier aan beleefden. Van zwaar getraumatiseerde poezen werden het weer aaibare katjes waar we het nodige aan tijd in hebben gestoken. Niet omdat het moest maar omdat we vonden dat het zo werkte. Maar deze zondag ging het allemaal anders al was daar rond 06.00 uur het vaste ritueel van eten geven voordat Martine ging werken. Na terugkeer uit Groningen was daar een wandeling met Bietsj en daarna het tikken van het groot verslag van Warffum-Noordpool en een aantal belverslagen. Een mooie invulling van een zondagmorgen in een rustig Ezinge waar ik niet gestoord wordt door geluiden van buiten of een TV of radio op de Peperweg. Rond half twaalf was alles wat op de redactie moest zijn daar gearriveerd en was er nog ruimte voor het schoonmaken van de kattenbak. Een klus die met regelmaat moet gebeuren om het ook voor broer en zus boven een beetje netjes te houden. Want sinds Bietsj op de Peperweg woont, is het verblijf voor Billy en Bolly boven op de vliering waar ze een ruimte van ruim dertig vierkante meter tot hun beschikking hebben en via het raam naar buiten en binnen kunnen. Maar boven aangekomen kreeg ik de schrik van mijn leven toen ik Bolly zag liggen. Was hij bijna zes uur eerder nog springlevend nu lag hij languit voor de kattenbak en werd duidelijk dat hij niet meer leefde. Bizar maar waar, een poes die ik een paar uur eerder nog een aai over zijn bol had gegeven was helaas overleden. Na een tweetal telefoontjes en het Bolly niet zo laten liggen was het de hoogste tijd om richting Eenrum te gaan voor het duel van de thuisploeg tegen Bareveld. Iedereen weet dat ik warme gevoelens voor Eenrum heb en wat ik nooit onder stoelen of banken zal steken. Ik heb vaak genoeg in Eenrum langs de lijn gestaan dat ik meeleefde in de strijd van de Eenrumers in een poging om te promoveren of om juist niet te degraderen. Iets wat in mijn beleving ook moet kunnen wanneer je in de verslagen maar objectief blijft. Maar ook dat zal voor vooral de anonieme Twitteraars, zo weet ik ondertussen uit ervaring, altijd een punt van discussie blijven hoewel een discussie voeren met een anonieme Twitteraar nooit lukt want die haken al af voor ze zijn begonnen. Maar zondag was het toch allemaal wat anders. Deze zondag stond voor mij in het teken van Bolly en zijn kleine zus Billy die alleen achterbleef. Een kleine zus die gek was met haar broer en andersom en waar veel mensen nog het nodige van kunnen leren. Maar ook hier nemen gedane zaken geen keer maar praten we wel over een leven en niet over een ding. Het waren vijf mooie jaren met Bolly die mij vreemd genoeg toch weer aan de ‘wetenschappelijke’ en ‘pedagogische’ plannen binnen het jeugdvoetbal deden denken. Hadden wij het met Bolly en Billy allemaal ‘wetenschappelijk’ en ‘pedagogisch’ gedaan dan was er niets van terecht gekomen. Want soms werden ze even aangepakt als ze iets deden wat we niet wilden en wat ook geldt voor Bietsj. Niks gepamper of alleen maar een zachte hand. Af en toe even met stemverheffing  wat roepen of even aanpakken kan geen kwaad. En dat mis ik steeds meer binnen het jeugdvoetbal, dat je als jeugdtrainer/leider steeds meer een koordanser wordt die bij de minste of geringste wat hij/zij doet van het koord afgegooid wordt omdat we toch vooral moeten pamperen omdat winnen en verliezen opeens niet meer belangrijk is. Daar dacht ik dus gisteren, maandag 9 maart, aan toen ik Bolly naar Groningen bracht waar hij kreeg wat hij verdiende als een poes die vijf jaar voor veel plezier heeft gezorgd en waardoor zondag 8 maart voor ons een waardeloze zondag werd.