Mijn weekendmoment: Dit moet je niet willen en in Friesland moeten arbiters Nederlands praten.

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Ieder weekend gebeurt er rond een wedstrijd in het amateurvoetbal wel iets wat het schrijven van een artikel waard is. Iets waar je soms met bewondering, respect maar ook vaak met verbazing of afgrijzen naar kijkt of luistert.
je profielfoto
Vorig weekend viel er voor mij weinig te ‘weekendmomenten’ omdat het langs de lijn staan er even niet inzat. Maar dit weekend kon ik weer van de partij zijn en mocht ik mij weer verbazen over de willekeur bij het aanstellen van arbiters en het gedrag van sommige vertegenwoordigers van de KNVB. Om met het eerste te beginnen was daar een aanstelling die niet alleen mij maar velen wat vreemd in de oren klonk. Voor het duel Corenos-De Heracliden was dhr. Baar uit Oldehove aangesteld. Iets wat een beetje vreemd overkomt wanneer je weet dat dhr Baar connecties heeft met de voetbalvereniging OKVC wat in dezelfde klasse speelt dan Corenos en De Heracliden. In Roodeschool was vriend en vijand het er over eens dat je dit als bond niet moet willen maar ook niet als arbiter. Je kunt namelijk als arbiter nog zo uitstralen dat je neutraal bent maar je hebt altijd de schijn tegen. Maar binnen de bond moet men ook wijzer zijn. Want ieder seizoen is het weer willekeur en vliegen de arbiters naar verre oorden om hun duels te fluiten. In het geval van dhr. Baar, wat ik een prima scheidsrechter vindt, al was hij gisteren in Roodeschool te tolerant, moet het mogelijk zijn dat hij zijn duels NIET in zaterdag 4D fluit. In een tijdperk van, de techniek staat voor niets moet het te realiseren dat arbiters voor een bepaalde klasse geblokkeerd worden. En anders moet er handmatig opgetreden worden om dit soort acties in de toekomst te verhinderen. Het tweede’ mijn weekendmomentpunt’ is het gedrag van sommige arbiters uit het Friese. Tijdens mijn wekelijkse belronde langs trainers, teamleiders of spelers hoor je vaak geluiden die je herkent uit situaties die je zelf een paar keer in de nacompetitie hebt meegemaakt. In de nacompetitie gaan we ook mee met verenigingen die uit moeten spelen waarbij we met regelmaat in Friesland komen. Dat zijn soms leuke maar vaker wat minder leuke bezoekjes omdat het dialect wat er in de bestuurskamers wordt gesproken door een buitenstaander niet te volgen is. Een zeer ongemakkelijke situatie omdat je voor van alles uitgemaakt kan worden omdat je er niets van begrijpt. Wanneer de arbiter, wat een vertegenwoordiger van de KNVB, ook nog eens in dat dialect mee gaat weet je als tegenstander van de Friezen dat je het lastig gaat krijgen. Met regelmaat hoor je dit verhaal en vandaar dat ik hoop, dat er eindelijk iets gedaan gaat worden aan het gedrag van het ‘oude jongens Fries krentenbrood-verhaal. Want is het nu zoveel gevraagd om je gasten te ontvangen met teksten die we allemaal op school geleerd hebben in plaats van dat er een dialect gebruikt wordt wat bijna even onnavolgbaar is dan een passeerbeweging van Messi. Dus wat betreft is er nog genoeg werk te doen voor de bond. Iets meer tijd besteden aan het toewijzen van duels aan arbiters en  de arbiters in vooral  Friesland eens duidelijk maken dat ze vertegenwoordiger van de KNVB zijn en niet van een lullig onderbondje van ook gewoon maar  een provincie in Nederland