‘Wie bepaalt het of de jeugd geniet?

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Het was even stil rond Henk Doppenberg maar de man die op prachtige wijze de problematiek binnen voetbalclubs kan beschrijven is weer terug. Henk schreef namelijk de column ‘Wie bepaalt het of de jeugd geniet?. Een column waar ik het voor de volle 100% mee eens ben.

Profielfoto van Henk Doppenberg   www.henkdoppenberg.nl

Toen ik in 1971 als mannetje van tien ging voetballen, was alles anders dan nu. Zeventallen bestonden nog niet. We trainden als elftal met hooguit een stuk of zes, zeven ballen en die waren vaak ook nog eens van een bedenkelijke kwaliteit. Het trainen bestond in die tijd trouwens uit een aantal rondjes om het veld lopen, een aantal ballen op doel schieten, een afsluitend partijtje en verder niet.

Verder voetbalden en trainden we regelmatig op velden die op een zwijnenstal leken en kleedkamers met douches kenden we nog helemaal niet. Het voetbal werd trouwens ook heel simpel gehouden. Je kreeg een positie toegewezen, wist dat je over moest spelen naar kinderen met hetzelfde kleur shirt en als je meer doelpunten maakte dan je tegenstander, had je gewonnen. Ondanks dit, genoten we met volle teugen. Langzaam is alles gaan veranderen. Gelukkig wel, want het is alleen maar beter geworden.

Er zijn bijvoorbeeld (bijna) overal prima velden. Bij de meeste verenigingen wordt er gericht met de kinderen getraind. Over het trainingsmateriaal hoor je zo goed als niemand klagen. Plus dat iedereen tegenwoordig de gelegenheid heeft om zich na afloop van het sporten heerlijk te douchen.

Ondanks alle positieve veranderingen, is het voor onze KNVB echter niet genoeg. Zij gaan namelijk de competities van onze kleinste jeugd volledig op zijn kop zetten, zodat onze jonge voetballers zich nog beter kunnen ontwikkelen en nog meer plezier hebben. Tenminste, zo denken de dames en heren van de voetbalbond erover.

Ik heb hier echter mijn twijfels over. Dat de nieuwe plannen aansluiten bij het beter tot goed voetballende deel van Nederland, kan ik nog wel geloven. Alle mensen van gerenommeerde clubs zullen er namelijk meer verstand van hebben dan ik en ik begrijp dat velen van hen achter de plannen staan. Ik geloof er echter helemaal niets van, dat de mindere goden uit de voetballerij iets aan die nieuwe wedstrijdvormen hebben. Natuurlijk kan iedereen via een gerichte training wel iets beter worden, maar dat zouden de kinderen op de oude manier ook geworden zijn.

Talent krijg je namelijk mee vanaf je geboorte en daar heeft geen enkele trainer invloed op. Hoe graag velen dat ook zouden willen. Een betere voetballer wordt je namelijk niet alleen door wedstrijden op kleinere veldjes te spelen, maar ook en misschien wel vooral door goede begeleiding en goede, gerichte training. Het geld dat de voorbereidingen op de nieuwe wedstrijdvormen heeft gekost, had de KNVB dan ook beter onder de clubs kunnen verdelen met de opdracht dit te investeren in de opleiding van hun trainers.

Dan de kreet, dat de kinderen meer plezier in het voetbal moeten krijgen. Hebben ze dat nu niet dan? Mijn vereniging heeft momenteel 50 F-pupillen (sorry, aan die gekke aanduidingen van JO enzovoort kan ik niet wennen) en dat is meer dan men ooit in het bijna 60-jarige bestaan heeft gehad.

Hoe komt men er trouwens bij dat de kinderen tegenwoordig te weinig van het voetballen genieten? Zijn de zoontjes van wat KNVB mannen met voetbal gestopt of heeft men gericht onderzoek gedaan bij zowel grote als kleine clubs en niet alleen in de grote steden, maar ook op het platteland?

Het gekste van alles vind ik nog het afschaffen van de ranglijsten voor de kleintjes. Ouders zouden hier meer aandacht voor hebben dan de kinderen en dat zou vervelende toestanden opleveren. Dat dit gebeurt, geloof ik direct. Er is ook begeleiding in overvloed die elk seizoen weer  kampioen wil worden en hun mindere spelers daar zonder pardon voor opofferen. Onder het mom van 'We willen toch immers allemaal graag kampioen worden', komen die kinderen in een half of een heel seizoen amper aan voetballen toe en dat is een ontzettend slechte zaak.

De andere kant is echter dat veel kleine kinderen nu één van de mooiste dagen van hun leven door de neus wordt geboord. Bij mijn vereniging, en wij zullen echt de enige niet zijn, maakt men namelijk van elk kampioenschap een feestje. De spelers worden op het veld toegesproken, er is een rondrit op de platte kar, er is een huldiging met patat, limonade en een aandenken in de kantine en er worden ook nog eens foto's voor de krant en de website gemaakt.

Die stralende gezichten zullen we dus vanaf volgend seizoen niet meer zien. Ja, misschien als de kinderen wat ouder zijn. De 'echtheid' van een kinderkampioenschap is echter verdwenen. Heb ik dan een beter idee? Ja. Voor een jeugdcommissie moet het namelijk mogelijk zijn om begeleiding met een 'kampioenssyndroom' tot de orde te roepen. Dat gebeurt bij mijn vereniging namelijk wel.

Het is waar dat ouders nu niet meer over de ranglijst kunnen zeuren, maar zou er iemand in Nederland zijn die denkt dat ze zich vanaf komend seizoen stil houden? Nee toch? Ze  gaan namelijk eerst negatief over de nieuwe wedstrijdvormen doen, dan over een verloren wedstrijd en hoe meer hun kind verliest, des te harder ze over hun kroost beginnen te jammeren.

Tot slot over mezelf. Ben ik te oud (55) en kan ik slecht tegen veranderingen? Heb ik te weinig vertrouwen in anderen en vooral de KNVB? Kan ik er slecht tegen als anderen me iets opleggen? Ben ik te bang dat de plannen op veel weerstand stuiten en het mijn club leden en vrijwilligers kost?

Ik ben best bereid om alle vragen met 'ja' te beantwoorden, maar een punt is wel, dat veel lol dat ik altijd in het jeugdvoetbal had, verdwenen is. Zeker als ik afgelopen week een schrijven van de bond zie met daarboven de tekst: 'Een fijne voetbalomgeving voor pupillen, de verantwoordelijkheid van verenigingen'. Mijn eerste reactie hierop was namelijk: Lekkere lui bij die KNVB. Zij zetten de hele boel op zijn kop en leggen nu de verantwoordelijkheid voor de gevolgen bij ons neer.

Echt als allerlaatste wil ik nog zeggen, dat ik met smart uitkijk naar de start van het volgende seizoen. Dan kunnen we namelijk pas echt zien hoe alles echt werkt en niet alleen bij de grote clubs, maar ook bij de kleintjes. Als ik dan mijn ongelijk moet bekennen, zal ik dat met een blij gevoel doen. Ik blijf echter twijfelen.