We durven niets tegen die vader te zeggen

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Een vader die zijn zoon als een geweldige doelman ziet en een jeugdvoorzitter die twee jeugdtrainers laat ‘zwemmen zijn de hoofdpersonen in weer een voetbalverhaal van Henk Doppenberg.  
Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl

Als Bas en Leo tijdens hun training van de JO11-1 een schietoefening met hun spelers doen, blijkt opnieuw dat keeper Jari geen topper is. Het jochie pakt namelijk geen enkele bal en komt zelfs amper van zijn plaats. Een probleem dat ook de eerste paar wedstrijden van het seizoen al naar voren is gekomen en wel op zo'n manier, dat de trainers er hard over denken om maar een andere keeper te gaan proberen. Ze hebben namelijk heel sterk het gevoel dat Jari ook wel voetballen kan en met een betere doelman zouden ze de meeste problemen voor het team hebben opgelost. Net als de beide jongens samen hebben afgesproken om er straks nog maar eens rustig met elkaar over te gaan praten, komt de vader van Jari bij hen staan. 'Krijgt die jongen dit seizoen geen keeperstraining?' 'Nee, ik begreep dat ze daar niemand voor hebben.' 'Dan moeten jullie het zelf gaan doen. Het is namelijk doodzonde dat de jongen geen fatsoenlijke training krijgt. Hij moet nog wel wat leren, maar hij heeft heel veel kwaliteiten en daarom zou het ontzettend jammer zijn als hij zich niet verder door kan ontwikkelen. Zeker omdat hij stapelgek van keepen is. Ik ben in de vakantie trouwens naar een keepersdag geweest en daar werd hem door meerdere keepers uit het betaalde voetbal een grote toekomst voorspeld. Omdat die profs er natuurlijk veel meer verstand van hebben dan jullie, verwacht ik wel dat er snel keeperstraining voor mijn zoon komt. Ik laat hem namelijk niet door deze vereniging en een paar beginnende trainers kapotmaken. Desnoods gaan jullie maar een ander team trainen, maar Jari mag niets tekortgedaan worden.'

Bas en Leo kijken elkaar even aan, maar zeggen niets. Ze zijn namelijk allebei nogal onder de indruk van de agressieve manier waarop de man met hen praat en daarom zijn ze blij dat de training erop zit. Als ze de trainingsballen hebben opgeruimd en samen naar de kleedkamer gaan om zich te douchen, krijgen ze het echter wel meteen weer over hun keeper. 'Die vent is gek.' 'Volgens mij ook.' 'Ik geloof er niets van dat ze naar een keepersdag zijn geweest.' 'Nee, dat lijkt mij ook stug en wie zou Jari een grote toekomst hebben voorspeld?' 'Niet iemand die er verstand van heeft.'' Volgens zijn vader dus wel.'

Bas begint te lachen. 'We hebben wel een probleem. Als Jari niet snel keeperstraining krijgt, krijgen we ruzie met zijn vader en als we die man vertellen dat we een andere keeper willen proberen, gaat hij vast en zeker helemaal uit zijn dak.' 'Ja, die kans is groot en het lijkt me geen pretje om ruzie met die kerel te krijgen.' 'Nee precies. Heb je die spekarmen van hem gezien?' 'Ja. Er zal echter wel iets moeten gebeuren. Als we Jari niet gaan trainen, wordt zijn pa boos en als we Jari op doel laten staan, krijgen we binnenkort problemen met de andere ouders.' 'Dat denk ik ook. Ik hoorde zaterdag de vaders van Thom en Rick er al met elkaar over praten.' 'Dan zullen die anderen er ook wel snel over beginnen.' 'Als ze dat nog niet gedaan hebben. Ze zullen er namelijk eerder met elkaar over praten, dan met twee jochies van zeventien.' 'Dat vermoed ik ook, maar wat doen we nu?' 'Laten we zo Anton maar eens bellen. Die is tenslotte jeugdvoorzitter.'

Als de jongens twintig minuten later in de kantine komen, zien ze dat bellen niet nodig is. De jeugdvoorzitter zit namelijk aan de bar en daarom lopen ze meteen naar hem toe. 'Hoi Anton. Heb je even tijd voor ons?' 'Zeker. Wat is er aan de hand? Willen jullie hier praten of moeten we naar de bestuurskamer?' 'Laten we daar maar aan een tafeltje gaan zitten. Er is hier verder toch niemand.' 'Best. Willen jullie wat drinken?' 'Doe mij maar koffie.' 'En mij een colaatje.'

Als de voorzitter het drinken op tafel heeft gezet, begint Leo te vertellen en hij besluit zijn verhaal met de woorden: 'We zitten er dus mooi tussenin'. 'Dat zitten jullie zeker, maar wat verwachten jullie nu van me?' 'Nou, wij weten niet hoe we dit op moeten lossen. Leo of ik kunnen Jari wel keeperstraining gaan geven, maar volgens ons leert hij het nooit. Als we dat tegen zijn vader vertellen, hebben we echter de grootste ellende en daar zitten we niet op te wachten. Al kunnen we Jari ook niet in het doel laten staan, want hij heeft tot nu toe elke wedstrijd zeker één of twee flinke fouten gemaakt en dat heeft ons al diverse doelpunten en punten gekost. De andere ouders hebben, zoals ik net al zei, dus nog niet echt geklaagd, maar heel lang zal dat niet meer duren.'

Anton strijkt eens door zijn haar en lijkt niet goed te weten wat hij moet zeggen, maar na een korte stilte begint hij toch te praten. 'Ik denk dat jullie het zelf op moeten lossen. Als ik of iemand anders van het jeugdbestuur zich ermee gaat bemoeien, dan weet iedereen dat jullie zelf je problemen niet kunnen oplossen en is er geen mens meer die jullie nog serieus neemt.'

Leo en Bas kijken elkaar nogal verbaasd aan, want op dit antwoord hadden ze niet gerekend. Al hebben ze ook niet het lef om dit tegen de voorzitter te zeggen. 'Wat raad je ons dan aan om te doen?' 'Ik zou Jari met ingang van volgende week keeperstraining gaan geven en het dan nog een paar weken aankijken. Als die jongen wel beter gaat keepen, is het probleem opgelost en anders kan zijn vader in ieder geval niet meer zeggen dat de jongen slecht presteert vanwege een gebrek aan training.' 'Volgens mij zal die man dan zeggen dat wij slechte trainers zijn, want toegeven dat Jari niet keepen kan, doet hij nooit. Tenminste, dat denk ik niet.' 'Ik ben het met Bas eens.' 'Jullie kunnen ook wachten op wat de andere ouders gaan zeggen. Als iedereen vindt dat Jari uit het doel moet, kan zijn vader dat voor mijn gevoel niet tegenhouden.'

De jongens knikken een keer en zijn blij dat de voorzitter een telefoontje krijgt en naar huis moet, want het gesprek met de man is hen ontzettend tegengevallen.  'Wat een lafbek. Hij staat wel elke keer vooraan als er wat te vieren valt, maar moeilijke dingen zoals dit gaat hij uit de weg. Het is dat ik het leuk vind om een jeugdteam te trainen, want anders stopte ik er meteen mee. Reken er maar op, dat hij ons de schuld geeft als er binnenkort problemen met de ouders ontstaan.' 'Dat denk ik ook, maar wat gaan we nu doen? Toch Jari maar gaan trainen?' 'Volgens mij is dat op dit moment wel het beste. We moeten alleen een goede trainer zien te vinden, want ik denk niet dat het goed is om het zelf te gaan doen. Die pa van Jari heeft immers toch geen vertrouwen in ons.' 'Je hebt gelijk. Zullen we die keeperstrainer van het eerste vragen?' 'Dat is denk ik wel een goed plan. Zij trainen toch al op donderdag, dus hoeft hij alleen maar een half uurtje eerder te komen en volgens mij is het maar voor een paar keer. Die man heeft immers gauw genoeg gezien dat Jari er niets van kan.' 'Dan spreken we het zo af. Zullen we nu gelijk die keeperstrainer maar gaan vragen?'

Bas die wat minder impulsief is als zijn collega, vindt dat ze hier beter nog even mee kunnen wachten. 'Laten we eerst Anton maar even bellen. Dan is hij tenminste op de hoogte en kan hij later nooit zeggen dat we het buiten hem om hebben gedaan. Ik kan niet goed zeggen waarom, maar dat lijkt me wel het beste.' 'Je kunt best gelijk hebben. Ik zal meneer de voorzitter meteen wel even bellen. Dan lopen we daarna wel naar het trainingsveld.' 'Helemaal goed.'

Omdat de voorzitter niet opneemt en ook niet terugbelt, gaan de jongens een half uurtje later naar huis. Voor ze uit elkaar gaan, spreken ze nog wel af dat Bas morgen opnieuw zal proberen om Anton te bereiken. 'Als hij toestemming geeft, bel ik daarna meteen naar die keeperstrainer en dan hoop ik maar dat hij toezegt, want dan hebben we zaterdag in ieder geval wat om tegen de vader van Jari te vertellen.' 'En ook tegen de andere ouders, want als we zaterdag weer door een paar blunders van de keeper verliezen, zal er best iemand over beginnen.' 'Die kans is wel heel groot, ja.'

Bas krijgt de volgende dag goed nieuws te horen. De jeugdvoorzitter vindt het wel niet zo'n heel goed plan om de keeperstrainer van de senioren met een jeugdkeeper op te zadelen, maar gaat uiteindelijk toch akkoord en de trainer stemt, nadat hij alles heeft gehoord, direct toe. Als de jongens de volgende dag op het voetbalveld komen, blijkt meteen dat ze niet voor niets zo'n vaart achter de zaak hebben gezet. De vader van Jari staat hen namelijk al bij het hek op te wachten.

'En, al keeperstraining geregeld?' 'Ja, komende donderdag.' 'Geen twee keer per week.' 'Nee, dat krijgen ze zelfs bij het eerste niet.' 'Voor Jari zou het wel goed zijn. Wie gaat het doen? Niet één van jullie toch, hoop ik?' 'Nee, de keeperstrainer van het eerste.' 'Ik hoop dat die man capaciteiten genoeg heeft. Veel goede keeperstrainers zijn er namelijk niet.'

De jongens zeggen niets, maar lopen snel door naar de kantine. Als ze daar zien dat iedereen er al is, lopen ze samen naar de kleedkamer en geven ze hun spelers even rustig de tijd om zich te verkleden. Vervolgens maken ze de opstelling bekend en sturen ze de jongens naar buiten voor de warming-up. Als ze daar zelf een paar minuten later ook komen, zien ze dat de vader van Jari zijn zoon met een trots gezicht aan het inschieten is. Dit helpt alleen weinig, want na een minuutje of tien spelen maakt de jongen zijn eerste forse blunder van de dag en is het 0-1. Als hij na de rust nog twee keer opzichtig in de fout gaat, wordt het ook 0-2 en 0-3 en uiteindelijk verliezen ze de wedstrijd met 0-4.

Voor de vaders van Thom en Rick is hiermee de maat meer dan vol. Zij komen na afloop dan ook meteen naar Leo en Bas toe om verhaal te halen.

'Jongens dit gaat zo niet langer. We hebben nu vijf keer door de schuld van Jari verloren. Daar kan die jongen niets aan doen, want hij kan gewoon niet keepen. Jullie moeten echt een einde maken aan dit drama en een andere keeper opstellen.' 'Hij krijgt vanaf komende donderdag keeperstraining.' 'Dat gaat hem niet helpen, Bas. Die jongen heeft gewoon geen capaciteiten.' 'Volgens zijn vader wel. Die zegt zelfs dat profkeepers hem een gouden toekomst hebben voorspeld.' 'O, nu begrijp ik het. Zijn pa zit erachter en die kerel heeft een gigantische grote waffel. Hebben jullie hier al met het bestuur over gesproken?' 'Ja.' 'En wat zeggen die?' 'Dat we het zelf moeten oplossen.' 'Wat een lafaards en wat een domme mensen. Ze hadden die Jari namelijk in bescherming moeten nemen. Nu krijgt zo'n ventje van iedereen kritiek, terwijl hij er helemaal niets aan kan doen. Ik vraag me zelfs af of die jongen wel gelukkig is als keeper, want natuurlijk beseft hij zelf na al die blunders ook heel goed dat hij niet keepen kan.'

Bas en Leo knikken heftig met de man zijn woorden mee. 'Wij zijn het helemaal met je eens, maar hebben geen idee hoe we dit op moeten lossen. Die vader meent namelijk dat Jari een topper is en laat zich door ons echt niet op andere gedachten brengen. We vinden echter wel dat er snel iets moet gebeuren, want op deze manier worden de problemen voor dat jongetje met de week groter en dat vinden we nog het ergste van alles.' 'Wij zullen jullie wel helpen en gaan nu eerst op zoek naar de voorzitter. Daarna spreken we de vader van Jari aan en dan zal het probleem zeer waarschijnlijk vandaag wel opgelost zijn.'

De man houdt woord, want Leo en Bas zien hen rechtstreeks naar de voorzitter lopen en even later gaan de heren met z'n drieën naar de bestuurskamer. De vader van Jari loopt daar na een paar minuten ook naar binnen, maar die komt bijna gelijk weer met een kwaad gezicht naar buiten om vervolgens samen met zijn huilende zoontje in de richting van de parkeerplaats te lopen. 'Ik vermoed dat we die hier niet meer terug zien.' 'Dat denk ik ook niet.'

Als de jongens een paar tellen later door de voorzitter in de bestuurskamer worden geroepen, blijkt dat hun vermoeden juist was. 'De vader van Jari bleef vinden dat zijn zoon een topkeeper was en gaat nu op zoek naar een andere vereniging voor die jongen. Het probleem is dus opgelost.' 'Voor ons, maar voor dat ventje natuurlijk niet. Hij krijgt namelijk ook bij een volgende club problemen en dat is een verdrietige zaak voor hem. Zeker omdat het allemaal de schuld van zijn vader is.'

De voorzitter kijkt Bas wat verbaasd aan. 'Ja, daar heb je wel gelijk in, maar jullie mogen blij zijn dat je nu op een normale manier verder kunt met het team.'