De vrouwen tellen niet mee

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Deze keer een verhaal over hoe een vereniging het damesvoetbal binnen de eigen gelederen stuk maakt en wat voor een rigoureus besluit zorgt.

Profielfoto van Henk Doppenberg   www.henk-doppenberg.nl


Roel, die met ingang van volgend seizoen leider van de vrouwen is, loopt het terrein van zijn voetbalclub op en gaat direct op zoek naar een bestuurslid. Hij wil namelijk weten wanneer ze na de vakantie weer kunnen beginnen met trainen, wie er trainer is en ook wanneer de eerste wedstrijd is. Als hij de voorzitter ziet staan, loopt hij daarom meteen naar hem toe. 'Hallo Martijn. Ik ben een tijdje geleden gevraagd om volgend seizoen leider van de vrouwen te worden en dat heb ik toegezegd, maar daarna heb ik nooit meer iets van de vereniging gehoord.' 'Wat wil je weten dan?' 'Bijvoorbeeld wie er trainer is en wanneer we weer mogen beginnen?'

'Ja, dat weet ik ook niet. Volgens mij moet je daar iemand van de technische commissie voor hebben.' 'Prima, maar wie zijn dat?' 'De twee mannen die daar aan het achterste tafeltje zitten.' 'Best. Bedankt.'

Als Roel bij de twee heren komt die hem door de voorzitter zijn aangewezen, stelt hij ook hen de vraag of ze hem wat meer over het komende seizoen kunnen vertellen. 'Wij doen alleen de heren. Voor de wedstrijden moet je volgens mij bij de wedstrijdsecretaris zijn. Hij of de secretaris zullen ook wel weten wie jullie trainer is en wanneer jullie beginnen met trainen, moet je zelf maar bepalen. Alleen niet op maandag, dinsdag en donderdag en pas vanaf eind augustus, want anders lopen jullie het eerste in de weg. Ik zou die vrouwen trouwens maar zo min mogelijk laten trainen.' 'Want?' 'Dan vernielen ze ten eerste de velden niet zo, ten tweede kunnen ze dan ook niet geblesseerd raken en tot slot helpt het toch niets, want voetballen kunnen ze geen van allen. '

Eerst wil Roel nog met de heren in discussie gaan, maar dan beseft hij dat er tegen dit domme geklets weinig in te brengen valt en loopt hij schouderophalend weg. Omdat hij de wedstrijdsecretaris nergens ziet, besluit hij de man maar te bellen. 'Met Sjors.' 'Hallo met Roel den Braven. Ik ben vanaf volgend seizoen leider van de vrouwen en zou graag willen weten wanneer we weer kunnen beginnen met trainen en voetballen. Plus dat ik benieuwd ben wie onze trainer is.' 'De competitie begint het tweede weekend van september.' 'En de bekerwedstrijden?' 'Daar hebben we jullie niet voor opgegeven.'' Waarom niet?' 'Omdat de vrouwen er zo vroeg in het seizoen toch nooit allemaal zijn.' 'Als iemand van jullie me even gebeld had, dan hadden jullie geweten dat ze er komend seizoen vanaf begin augustus allemaal zijn. Spelen we nog wel wat oefenwedstrijden?' 'Die zal je zelf moeten regelen, want er is niemand die dat voor de vrouwen wil doen.'

Roel wil wat onaardigs tegen de man zeggen, maar besluit zich dan toch in te houden. 'Nou, dat ga ik dan maar doen. Bedankt in ieder geval voor de informatie. Als ik een oefenwedstrijd geregeld heb, moet ik dat dan aan jou doorgeven?' 'Ja, doe maar. Houd er wel rekening mee dat jullie alleen maar uit kunnen spelen. In de weken voor de competitie begint, zitten de velden hier namelijk helemaal vol.' 'Ook goed. Mogen we onze competitiewedstrijden wel thuis spelen en op welke avonden kunnen we trainen? Wie is trouwens onze trainer?' 'Jullie kunnen 's woensdags om kwart over acht trainen en er is geen trainer, dus dat zal je zelf moeten doen. Of misschien vind je nog één of andere gek die het wil doen.''Ik krijg heel sterk het gevoel, dat jullie het liefst zouden willen dat de vrouwen vandaag nog stopten met voetballen. Of zie ik dat verkeerd?' 'Nee dat heb je goed, maar dat ligt aan de vrouwen zelf.' 'Waarom?' 'Omdat ze nooit wat voor de club willen doen, maar zich altijd tekortgedaan voelen.'

Hoewel Roel niet meteen ruzie wil maken, besluit hij toch wel zijn mening te zeggen. 'Ligt dat ook niet een beetje aan de vereniging?' 'Natuurlijk. Bij die vrouwen ligt het altijd aan een ander.' 'Dat bedoel ik niet, maar niemand van de dames heeft het gevoel dat ze hier echt welkom zijn. Er wordt weinig tot niets voor ze geregeld, maar ze moeten volgens jullie wel allerlei vrijwilligersklusjes doen. Ik geef ze eerlijk gezegd groot gelijk dat ze daarvoor bedanken. De liefde moet immers altijd van twee kanten komen.' 'Mee eens, maar nu moet alles van onze kant komen.' 'Wat doen jullie dan voor ze?' 'Als je dat niet in de gaten hebt, heeft het ook geen zin om het je uit te leggen. Laten we trouwens maar stoppen met dit gesprek, want ik heb nog meer te doen.' 'Nou, tot ziens dan.' 'Ja, tot kijk.'

Als Roel zijn telefoon opbergt, denkt hij er ineens aan dat hij van de vrouwen heeft gehoord dat hun tenues zo verschrikkelijk slecht zijn en daarom gaat hij op zoek naar iemand van de sponsorcommissie. Hij heeft alleen geen idee wie daar in zitten en daarom loopt hij maar weer naar de voorzitter. 'Kun je me vertellen wie er hier over de kleding gaat?' 'Je hebt je volgens mij al aardig aan de dames aangepast.' 'Hoezo?' 'Die lopen namelijk al jaren te zeuren dat ze nieuwe spullen moeten hebben.' 'Ik begrijp van hen dat hun kleding verschrikkelijk slecht is. Geen wonder toch dat ze dan graag nieuwe spullen willen hebben?' 'Denk jij dat er voor die vrouwen een sponsor te vinden is?' 'Als jij zo denigrerend over ze praat zeker niet, maar normaal gesproken wel.' 'Ligt het nu ineens weer aan mij?' 'Ik geef niemand de schuld, maar constateer alleen een feit.' 'Je doet maar. Voor die kleding moet je trouwens Lisa hebben en volgens mij liep ze net naar de bestuurskamer.' 'Dan ga ik daar kijken. Bedankt.'

In de bestuurskamer treft Roel voor het eerst vanmiddag iemand die wel op een normale manier over het vrouwenvoetbal praat.

'Ik weet dat de kleding heel slecht is, maar ben afhankelijk van de sponsorcommissie. Die bepalen namelijk aan welke teams de sponsors worden gekoppeld en je zult al wel begrepen hebben, dat de vrouwen hier binnen de vereniging op de allerlaatste plaats komen.' 'Ik had al wel eens het één en ander gehoord, maar sinds vanmiddag weet ik zeker dat de vrouwen hier alleen maar goed zijn om contributie te betalen en verder nergens voor. Nieuwe kleding zal er dus wel niet in zitten.' 'Het enige wat ik je aan kan raden, is zelf een sponsor te zoeken en die goed op het hart te drukken dat hij alleen jullie wil sponsoren en niemand anders.' 'Oké. Bedankt voor de tip. Ik heb volgende week een kennismakingsavond met de vrouwen en dan breng ik het ter sprake. Het kan immers best zijn, dat één van hen wel een ondernemer kent die iets voor ons wil doen.' 'Succes. Ik hoop echt dat jullie het voor elkaar kunnen krijgen.' 'Bedankt en tot ziens.'

Gedreven door het gebrek aan steun vanuit de vereniging, doen Roel en zijn vrouwen hun uiterste best om hun zaakjes voor de nieuwe competitie zo goed mogelijk te regelen en met succes. Een trainer is namelijk al vrij snel gevonden en na een paar gesprekken zijn er ook een aantal, dat het team willen voorzien van nieuwe tenues, trainingspakken en sporttassen. Als Roel met de namen van deze ondernemers naar de sponsorcommissie gaat, wacht hem echter weer een nieuwe ergernis. 'Het is niet de bedoeling dat leiders van teams zelf met de sponsors gaan praten. Als iedereen dat zou doen, kunnen wij er namelijk wel mee stoppen en wordt het een zootje.' 'Ik vind dat je nu een beetje overdrijft, want we hebben alleen maar aan die mensen gevraagd of ze ons nieuwe spullen wilden geven en verder niet.' 'Als wij met ze hadden gepraat, hadden we om geld gevraagd.' 'Nou, wij niet.' 'Dat klopt, want jullie denken alleen aan jezelf.' 'Helaas zijn we dat wel verplicht, want anders lopen we over vijf jaar nog in die oude rommel. Je weet nu echter dat we de sponsoring rond hebben, dus ik neem aan dat jullie de rest regelen.' 'Als jullie buiten ons om naar sponsors gaan, dan doe je alles maar zelf.' 'Best. Ik regel het zelf wel, want dan weet ik tenminste zeker dat het goed gebeurt.'

Roel wacht niet af of de man nog antwoord geeft, maar loopt meteen weg en gaat naar huis. Daar zit hij een hele tijd na te denken over waar hij toch in vredesnaam aan begonnen is. Het is dat hij zijn dochter en haar drie vriendinnen er een heel groot plezier mee doet, want anders stopte hij er ook zeker vandaag nog mee. De volgende dag barst de bom echter alsnog. Dan belt namelijk één van de sponsors en die vertelt dat hij iemand van de sponsorcommissie op bezoek heeft gehad en gevraagd is om in plaats van trainingspakken de vereniging te sponsoren met geld. Als Roel een uurtje later hoort dat hun sponsor van sporttassen hetzelfde is gevraagd, is de maat vol voor hem. Hij roept daarom dezelfde avond nog alle vrouwen bij elkaar en samen besluiten ze om als team over te stappen naar een vereniging uit een dorp verderop en daar worden ze met open armen ontvangen en meer dan gewaardeerd.