Is mijn club belangrijker dan mijn vrouw?

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Weer een verhaal van Henk Doppenberg  uit de wondere wereld van ons voetballand met deze keer aandacht voor een bestuurslid die denkt dat hij onmisbaar is.

Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl
'Heb je er nog aan gedacht dat we donderdagavond weg moeten?'' Waar moeten we heen dan?' 'Je hebt er dus niet meer aan gedacht.' 'Nee, eerlijk gezegd heb ik geen idee wat je bedoelt. ''Je schoonzus is jarig.' 'Dan zal je alleen moeten gaan, want ik heb een bespreking over het voetbalkamp.' 'Ja, jij bent een lekkere. Ik heb pas alle verjaardagen op de kalender gezet en nog vergeet je ze. Kun je die vergadering niet afzeggen?' 'Nee. Ik heb me opgegeven voor die commissie en ik zit in het bestuur, dus wil ik er bij zijn.' 'Hoe laat begint het dan?' 'Half acht.' 'Kun je niet vragen of ze een half uur of een uur eerder beginnen? Des te eerder ben je klaar en kun je alsnog naar die verjaardag komen. Je laat mij altijd alleen gaan en daar baal ik enorm van.'

Kees slaat een arm om zijn vrouw Jeanette heen en probeert haar tevreden te stellen. 'Ik weet niet of het lukt om die vergadering te vervroegen, maar ik doe mijn best om zo vroeg mogelijk op die verjaardag te komen.' 'Daar hou ik je aan en zaterdagavond gaan we trouwens uit eten met de buren. We worden om zes uur in 'de Lantaarn' verwacht. Als je om een uur of vijf thuis bent, is dus vroeg genoeg. Houd er alleen wel rekening dat je niet te veel drinkt op het voetbalveld, want anders is het halverwege de avond gebeurd met je en dat is natuurlijk niet de bedoeling.' 'Had je niet wat later af kunnen spreken?' 'Waarom? Je kunt toch gemakkelijk om vijf uur thuis zijn? Het voetballen is immers om kwart over vier afgelopen.' 'Weet ik wel, maar het is altijd erg gezellig om nog even na te praten.' 'Dat doe je dan volgende week maar weer.'

Hoewel Kees enorm de smoor in heeft dat hij zaterdag niet in de kantine kan blijven hangen, knikt hij alleen een keer en loopt hij naar boven om zich te gaan douchen. Als hij een half uurtje later weer beneden komt en op de klok ziet dat het kwart voor zeven is, besluit hij direct door naar het voetbalveld te gaan. De JO19-1 moet namelijk om half acht een wedstrijd spelen en die wil hij graag zien. 'Ik ga hoor. ''Best. Ben je laat thuis? ''Uiterlijk half tien.' 'Gezellig, dan hebben we nog even tijd om samen iets te drinken.' 'Doen we.'

Als Kees tien minuten later op het voetbalveld komt, staat de leider van de JO19-1 al op hem te wachten. 'Ik had al een vermoeden dat je zou komen. Wil jij vanavond voor ons vlaggen? Erik is er namelijk niet, want hij heeft een half uurtje geleden zijn auto in elkaar gereden. Op de schrik na heeft hij zelf gelukkig niets, maar hij moet allerlei dingen regelen en kan hier dus niet zijn.''Best. Ik doe het wel, maar hebben jullie een trainingspak en voetbalschoenen voor me? Anders moet ik eerst nog weer naar huis.' 'Loop maar even mee naar het materialenhok voor een trainingspak en welke maat schoenen moet je hebben?' 'Vierenveertig.' 'Die heb ik wel achter in de auto liggen. Ik zal ze meteen even pakken.' 'Goed.'

De spullen zijn vlug geregeld en daarom staat Kees een minuutje of tien later al op het veld. Het vlaggen gaat prima en hij vindt het ook enorm leuk om te doen. Vooral het gevoel dat hij iets voor het team kan betekenen en erbij hoort, doet hem goed. Daarom denkt hij na afloop van de wedstrijd geen minuut meer aan de afspraak met zijn vrouw en gaat hij met de leider en trainer mee naar de kantine. Daar vindt hij het zo gezellig, dat hij pas tegen half elf op zijn horloge kijkt. Als hij ziet hoe laat het is, schrikt hij zich rot en stuurt hij gelijk een berichtje naar huis dat hij onderweg is. Omdat zijn vrouw in tegenstelling tot normaal dit keer niet antwoordt, begint hij al snel te vermoeden dat ze boos is en als hij thuiskomt en ziet dat alles donker is, weet hij zeker dat ze woest is. Normaal blijft ze immers altijd beneden tot hij thuis is. Aan de ene kant vindt hij haar reactie wel wat overdreven, maar aan de andere kant heeft hij een hekel aan ruzie en daarom gaat hij snel naar binnen. Als hij boven in hun slaapkamer komt, ziet hij echter dat ze daar niet is en dus naar de logeerkamer is verhuisd. Daaruit maakt hij op dat ze nu toch wel echt heel boos is en daarom besluit hij maar naar beneden te lopen en nog even televisie te gaan kijken. Als hij op de bank zit, denkt hij echter gelijk weer aan zijn vrouw en opeens baalt hij behoorlijk van haar. Natuurlijk was hij ruim een uur later thuis dan afgesproken, maar zo heel erg is dat toch ook weer niet. Als zij gaat winkelen is ze immers ook wel eens later thuis dan normaal en dat vindt zij altijd de gewoonste zaak van de wereld. Hoe meer hij hierover nadenkt, des te groter zijn frustraties worden en daarom loopt hij maar naar de koelkast om een biertje te pakken. Normaal doet hij dit nooit op een doordeweekse avond, maar nu neemt hij er na zijn eerste flesje nog een paar en valt hij uiteindelijk op de bank in slaap. Niet lang, want tegen twee uur wordt hij wakker en besluit hij alsnog naar boven te gaan. Daar slaapt hij gelijk weer verder, maar hij heeft alleen vergeten zijn wekker te zetten en daarom wordt hij pas tegen half acht wakker. Hij beseft meteen dat hij zich verslapen heeft en daarom springt hij snel zijn bed uit, wast hij vliegensvlug zijn gezicht en rent hij in volle vaart naar beneden. Daar zit zijn vrouw al te ontbijten.'Kon je me niet even wakker maken?'' Waarom? Jij denkt toch ook niet aan mij?' 'Ben je nu nog steeds boos over gisteravond?' 'Ja, maar dat zal je wel niet begrijpen.''Nee precies. Ik had je even moeten bellen, maar dat ben ik vergeten en dat kan toch.' 'Zeker en als gisteravond een uitzondering zou zijn geweest, had ik er absoluut niets van gezegd. Je bent de laatste tijd echter vaker op het voetbalveld dan thuis en afspraken zijn er niet meer met je te maken.'

Kees wil eerst wat terugzeggen, maar beseft dan weer dat hij al te laat is voor zijn werk.

'Ik vind dat je gigantisch overdrijft, maar moet naar mijn baas. We hebben het er vanavond nog wel over.' 'Wat mij betreft hoeven we het er niet meer over te hebben. Je moet alleen eens gaan beseffen dat je naast het voetballen ook nog een vrouw hebt.''Doe ik dat dan niet?' 'Denk daar vandaag op je werk nog maar eens over na.' 'Ik zal wel zien. De groeten.' 'Ja, tot vanavond.'

Als Kees de deur uit loopt, is hij zijn vrouw al vrij snel vergeten en de rest van de dag denkt hij ook amper meer aan haar. Pas als hij 's avonds op weg is naar huis, vraagt hij zich weer af in welke stemming hij haar zo aan zal treffen. Er lijkt echter niets meer aan de hand te zijn en daarom doet hij zelf ook zo vriendelijk mogelijk. Omdat er vanavond toch weinig bij de vereniging te doen is, besluit hij zelfs maar een keer thuis te blijven en blijkbaar waardeert zijn vrouw dat wel, want ze doet enorm haar best om er een gezellige avond van te maken en dat lukt haar meer dan goed. Ook de volgende avond is er niets aan de hand. Hoewel het donderdag is en Jeanette dus zo alleen naar de verjaardag moet, is ze namelijk prima te spreken.'Heb je nog kunnen regelen dat ze iets vroeger met de vergadering beginnen?' 'Ze zouden proberen om er rond kwart over zeven te zijn.' 'Dat scheelt in ieder geval een kwartier en met een uurtje zal alles toch wel besproken zijn?' 'Veel langer zal het niet duren.' 'Zal ik anders thuis op je wachten? Dan ga ik ook iets later.' 'Doe dat nu maar niet, want het kan best een kwartiertje uitlopen en dan zit jij hier maar te wachten.' 'Je kunt toch ook na een uurtje naar huis gaan.''Dat doe ik liever niet.'

Jeanette zucht een keer, want eigenlijk vindt ze dit onzin. Om de stemming niet te bederven, besluit ze er echter maar niets meer van te zeggen en daarom gaat Kees tegen zeven uur in een prima humeur op weg naar het voetbalveld. De vergadering wordt alleen een drama. Ten eerste omdat twee van de vijf mensen om onduidelijke reden verstek laten gaan, ten tweede omdat er nog iemand twintig minuten te laat komt en tot slot kunnen ze het bijna nergens met elkaar over eens worden. Het is dan ook al tien over tien geweest als ze eindelijk klaar zijn en Kees zo snel hij kan naar zijn schoonzus fietst. Als hij daar komt, ziet hij gelijk dat zijn vrouw inmiddels weg is en omdat de rest ook niet echt aardig tegen hem doet, besluit hij een half uurtje later al om naar huis te gaan. Dit keer is zijn vrouw nog niet naar bed, maar aan haar gezicht ziet hij direct dat ze woest is. 'Zo en wat heb je dit keer voor smoes?' 'Geen één, want er kwamen er twee niet opdagen, één twintig minuten te laat en het was ontzettend moeilijk om het met elkaar over dingen eens te worden.' 'Dat geloof ik allemaal wel, maar waarom kwamen er twee niet?' 'Die hadden blijkbaar wat anders.' 'Jij ook, maar jouw leven bestaat alleen uit die voetbalclub en hoe je vrouw zich voelt interesseert je niets.' 'Je overdrijft.' 'Echt niet. Als je echt aan mij dacht, had je wel gezorgd dat je uiterlijk om negen uur bij je schoonzus was.''Ik kon de boel daar toch niet zomaar in de steek laten.' 'Dat doen die anderen toch ook. Zoveel zal je met z'n drieën trouwens niet besloten hebben.' 'Nee en daarom duurde het zo lang.''Jij had gewoon moeten zeggen dat je op tijd weg moest. Dan hadden ze die vergadering kunnen verzetten naar een avond waarop iedereen wel kon en was er niets aan de hand geweest.'

Kees zwijgt, want hij weet dat zijn vrouw gelijk heeft. Zij is alleen nog niet uitgepraat. ‘Ik weet niet hoe lang je nog met gedoe door wil gaan, maar ik begin er zo onderhand genoeg van te krijgen en houd mijn hart al vast voor komende zaterdag. ‘Waarom?' 'Je hebt me beloofd dat je om een uur of vijf thuis zou zijn en zonder al te veel drank op, maar eerlijk gezegd geloof ik niet dat daar veel van terecht zal komen.' 'Dus je vertrouwt me niet.' 'Is dat raar?' 'Ik ben wel eens later thuis dan afgesproken, maar heb ik je verder ooit bedrogen?' 'Daar gaat het niet om.' 'Waar dan wel om?' 'Dat je alleen maar aan die voetbalclub denkt en verder nergens anders rekening mee houdt.' 'Ik kom zaterdag voor vijf uur en nuchter thuis.' 'Dat zou ik ook wel doen als ik jou was.'

De felheid waarmee Jeanette deze laatste woorden uitspreekt, zorgt ervoor dat Kees haar verbaasd aankijkt.   'Wat bedoel je daarmee?' 'Ik heb deze week al twee keer vergeefs op je zitten wachten. Je denkt toch niet dat ik dit ook nog een derde keer doe?' 'Denk je echt dat ik je zaterdag weer laat zitten?' 'Ik houd er wel rekening mee en dat lijkt me niet vreemd.' 'Nou, ik vind eigenlijk dat je onnodig problemen veroorzaakt. Het is deze week twee keer fout gegaan, maar verder heb je wat afspraken betreft weinig tot niets over me te klagen.' 'Omdat ik niet elke keer ruzie wil maken en alles van je accepteer, maar je maakt er toch al weken een rommeltje van. Vorige week ben je bijvoorbeeld elke avond en de hele zaterdag naar het voetbalveld geweest en zaterdagavond kwam je ook nog eens met een flinke slok op thuis. Plus dat je de hele zondag voetballen hebt zitten kijken en nog te beroerd was om de hond uit te laten.' 'Verleden week was een uitzondering.' 'Echt niet. Waarom denk je dat ik voor de zaterdagavond nooit meer iets met iemand afspreek en wanneer ben je, op de vrijdag na, voor het laatst een avond thuis geweest?' 'Als jij zegt dat ik nuchter thuis moet komen, dan doe ik dat. Het probleem is dat iedereen me 's zaterdags wil spreken en dat gaat altijd onder het genot van een biertje.' 'Je vergadert al vier, vijf avonden per week. Moet dat 's zaterdags dan ook nog eens en jij kunt in plaats van bier ook wel eens fris nemen.' 'Ja en me uit laten lachen.' 'Nee, je kunt beter ruzie met je vrouw hebben en haar leven verprutsen.' 'Doe ik dat?' 'Je bent al een mooi eind op weg.' 'Zaterdag ben ik voor vijf uur en nuchter thuis.' 'Ik hoop het.'

Jeanette loopt zwijgend naar boven, maar Kees pakt een biertje voor zichzelf en gaat nog even op de bank zitten om over de woorden van zijn vrouw na te denken. Hier wordt zijn stemming alleen niet beter door. Integendeel zelfs, want hij begint steeds meer te vinden dat ze enorm zeurt. Toen hij voor het bestuur gevraagd werd, hebben ze het er immers samen over gehad dat hij dan regelmatig weg zou zijn en daar had ze toen geen enkel probleem mee. Misschien dat hij nu best iets vaker weg is dan hij vooraf tegen haar heeft gezegd, maar zo heel erg is dat toch ook weer niet. Plus dat hij best wel eens een biertje drinkt, maar dronken is hij het laatste jaar niet meer geweest. Al denkt zijn vrouw daar dus anders over, maar die vindt iemand met meer dan twee biertjes op bij voorbaat al dronken. Het valt voor zijn gevoel dus allemaal best mee en daarom gaat hij een uurtje later zonder zorgen naar bed en ook de volgende dag denkt hij amper nog over de woorden van Jeanette na. Als hij 's zaterdags om een paar minuten voor negen naar het voetbalveld gaat en haar gedag zegt, begint ze er echter zelf weer over.' Denk je vandaag nog een paar keer over alles wat je afgelopen donderdag hebt gezegd?' 'Wees maar niet bang. Ik ben op tijd thuis.' 'Oké en ook nuchter?' 'Jammer dat je zo blijft zeuren, maar ik zorg dat je niets over me te klagen hebt. Al moet je me beloven dat je niet de hele avond op me gaat zitten letten.' 'Doe ik dat dan?' 'Ja. Als ik thuis kom en één keer ergens tegenaan stoot, zeg jij al dat ik dronken ben.'

Jeanette knikt alleen een keer, maar zegt niets en loopt naar boven. Ze heeft er geen greintje vertrouwen in dat Kees zich vandaag aan zijn woord houdt en daarom zou ze de buren het liefst meteen afbellen. Het probleem is alleen dat ze niet weet welke smoes ze moet verzinnen en daarom denkt ze daar nog even over na. Alleen niet lang, want opeens gaat haar telefoon en krijgt ze de buurman aan de lijn die vertelt dat zijn vrouw ziek is en het etentje vanavond dus niet door kan gaan.

Hoewel ze niets laat merken, is ze hier enorm blij mee. Als Kees nu onder invloed thuiskomt, kan hij immers naar boven gaan en de hele avond slapen zonder dat zij er last van heeft. Al knapt ze wel bijna uit elkaar van woede als ze hem tegen half drie al aan ziet komen fietsen, want het eerste wat ze denkt is dat hij nu al dronken is. Al verander ze snel weer van gedachten, want hij ziet er vrij nuchter uit en daarom denkt ze dat hij misschien ook wel ziek kan zijn. Als hij een paar tellen later de kamer binnenkomt, ziet ze echter meteen dat hij kerngezond is en daarom wacht ze gigantisch nieuwsgierig op wat hij te vertellen heeft. 'Wat ben je vroeg?' 'We gingen toch uit eten?' 'De buurman heeft afgebeld.' 'Dan gaan we samen.' 'Kom je echt alleen zo vroeg thuis omdat we zouden gaan eten?' 'Ik heb vanochtend een wijze les geleerd.' 'Vertel.' 'Ik heb een paar uur met Frans zitten praten.' 'Die man die samen met je in het bestuur zit.' 'Ja.' 'Wat had hij dan te vertellen?' 'Hij is net als ik zo goed als elke avond op het voetbalveld en we gaan 's zaterdags altijd tegelijk naar huis en ook hij slaapt de meeste zaterdagavonden. Zijn vrouw heeft alleen wat minder geduld met hem gehad dan jij met mij. Toen hij gistermiddag uit zijn werk kwam, was ze namelijk vertrokken en volgens Frans was ze niet van plan om nog weer terug te komen. Omdat ik naar aanleiding van zijn verhaal opeens ging beseffen hoe belangrijk jij voor me bent, heb ik besloten om met ingang van vandaag mijn leven totaal te veranderen. Ik blijf wel wat bij de club doen, maar ga er alleen nog op maandagavond en zaterdagmiddag heen. Plus dat ik nooit meer de hele zaterdagavond wil slapen. Het voetbal is leuk en de mensen op de club zijn top, maar ze halen het namelijk in de verste verte niet bij jou. Sorry dat ik je zo vaak alleen heb laten zitten. Het zal nooit meer gebeuren.' Jeanette zegt niets, maar pakt Kees alleen vast en lijkt hem nooit meer los te willen laten.