Ik kan helaas niet wat mijn vader graag wil

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Vanmorgen las ik op de website www.henk-doppenberg.nl een verhaal die mij bijna kippenvel deed bezorgen. Want ik stelde mij de vraag hoeveel ‘Remco’s’ er over een paar weken weer aan een seizoen vol ellende beginnen. Een seizoen vol ellende omdat het  er ook nu weer naar uitziet dat er  steeds meer ouders komen die hun zoon als de hoofdprijs in een loterij of de jackpot in het Casino en waar dit fictief verhaal een mooi voorbeeld van is.


Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl
'Hoe laat moeten jullie morgen voetballen?'

 'Volgens mij elf uur.'

 'Weet je dat niet eens zeker?'

 'Nee, alleen dat we er om tien uur al moeten zijn.'

 'Vind je dat te vroeg?'

 'Nee, dat niet.'

 'Heb je het wel naar je zin in de D1?'

 'Nee.'

 'Joh. Wat dan?'

 'Mijn medespelers zijn niet aardig en die andere ouders doen niets anders dan mopperen.'

 'Dat valt toch wel mee.'

Echt niet. Als je iets fout doet, begint iedereen gelijk te schelden.'

 'Speel je daarom veel minder goed dan vorig seizoen?'

 'Dat heeft er wel mee te maken. Ik vraag me door al dat gemoppe 'Echt r trouwens ook af of ik wel goed genoeg ben voor dat team.'

 'Natuurlijk wel. Je moet alleen even doorzetten. Als je een paar goede wedstrijden hebt gespeeld, hoor je namelijk niemand meer en gaan ze echt wel aardig tegen je doen. Je moet daarom stoppen met zeuren en even tonen dat je een grote kerel aan het worden bent. Als je nu afhaakt, krijg je volgend jaar niet nog eens een kans in de D1 hoor. '

 'Ik vond het vorig seizoen gewoon veel leuker.'

 'Dat kan wel zijn, maar nu speel je in de D1 en dat is schitterend. Iedere voetballer wil toch immers zo hoog mogelijk spelen.'

 Ik kijk mijn vader aan en zou graag willen dat ik hem op andere gedachten kon brengen. Trouwens ook een aantal andere mensen van de vereniging, want ze hebben me een jaar te vroeg naar de D1 gedaan en dat red ik gewoon niet. Ten eerste kan ik volgens mij helemaal niet zo goed voetballen als iedereen zegt en ten tweede ben ik gewoon erg bang om iets fout te doen bij die grotere en oudere jongens, want schelden kunnen ze allemaal als de beste. Plus dat de ouders van die jongens ook niet allemaal zo vriendelijk zijn. Heel anders dan bij de E1. Toen waren alle vaders en moeders er elke week bij en hadden we allemaal hartstikke veel lol  met elkaar.  Dat is nu echter voorbij en komt niet eerder dan volgend seizoen pas weer terug. Als ik dan tenminste weer in mijn oude team kom, maar dat zal wel. Tegen die tijd zal iedereen immers wel een keer hebben gezien dat mijn team van nu helemaal niets voor me is. Het wordt dus doorbijten voor me, want ik zal het wel niet voor elkaar kunnen krijgen dat ze me nu gelijk of over een paar weken alweer terugzetten naar de E1. Misschien dat het helpt als ik nog slechter ga spelen dan de afgelopen weken, maar dat is aan de andere kant ook weer niet zo heel verstandig. De jongens zullen dan namelijk nog meer op me gaan mopperen dan ze nu al doen en daar zit ik echt niet op te wachten. Ik zal dus gewoon moeten proberen om er het beste van te maken.  Al is dat wel gemakkelijker gezegd dan gedaan, want ik zie nu al tegen de wedstrijd van morgen op en vrees dat ik zo bij het eten, net als verleden week, weer geen hap door mijn keel kan krijgen. Het liefst zou ik daarom een smoes verzinnen en een paar uur weggaan, zodat ik die ellende in ieder geval niet hoef mee te maken. Ik ben echter al te laat, want ik zie op de klok dat het bijna zes uur is en hoor dat mijn moeder de tafel aan het dekken is. Omdat er dus geen andere mogelijkheid is, loop ik maar vast naar de keuken. Als ik daar zie dat we spruitjes eten, begint mijn maag echter helemaal te protesteren.

 'Ik heb niet zo'n trek hoor, mam. Doe dus maar een klein beetje.'

 'Je moet eten jongen.'

 'Doe ik morgen wel weer.'

 'Waarom heb je dan wel trek en nu niet?'

 'Weet ik niet.'

 'Echt niet? Vorige week vrijdag hoefde je namelijk ook al geen eten.'

 'Ik heb gewoon geen honger.'

 'Is er iets waar je jezelf druk over maakt?'

 'Nee hoor.'

 "Ik wil toch wel dat je een beetje eet.'

 'Nou goed, maar niet heel veel.'

 Als mijn moeder het bord voor me zet, begin ik zo snel mogelijk te eten. Des te eerder is het immers op en ben ik weer voor een week van dit eetdrama af. Ik moet wel flink slikken en doorzetten om alles naar binnen te krijgen, maar het lukt en gelukkig stellen mijn vader en moeder verder geen vervelende vragen. Om te voorkomen dat ze dit na het eten wel gaan doen, help ik eerst even snel de tafel afruimen en ga ik daarna meteen door naar mijn kamer. Gelukkig heb ik daar tv, zodat ik me de rest van de avond redelijk vermaak. Al blijf ik wel voortdurend aan de wedstrijd van morgen denken en zal ik blij zijn als het voetballen er weer op zit. Na een nachtje met heel weinig slaap, ben ik voor zes uur al klaarwakker en het eerste waar ik aan moet denken, is die ellendige voetbalwedstrijd van straks. Omdat het nog veel te vroeg is om op te staan, zet ik de tv maar aan en gelukkig zijn er al wat leuke tekenfilmpjes. Zo gaat de tijd gelukkig toch nog redelijk snel voorbij en is het al eerder half acht dan ik had verwacht. Ik ga er daarom maar uit en besluit om beneden even snel te eten en dan meteen naar het voetbalveld te gaan. De E1 moet namelijk om negen uur spelen en ik vind het ten eerste ontzettend leuk om vooraf even met mijn medespelers van vorig seizoen te kletsen en ik wil ze ten tweede ook wel graag weer eens zien voetballen.  Ik ben precies op tijd bij de voetbalclub, want mijn beste vriend van vorig seizoen komt er ook net aan.

 'Hoi Remco. Wat ben je vroeg? Jullie hoeven toch pas om elf uur?'

 'Klopt, maar ik kom bij jullie wedstrijd kijken.'

 'Leuk joh. Dan komen wij straks met z'n allen bij jou kijken. Vind je het leuk in de D1?'

 'Niet zo.  Eigenlijk vind ik er helemaal niets aan.'

 'Echt niet?'

 'Nee. Het team is niet leuk en het is me ook nog niet gelukt om een beetje goed te voetballen.'

 'Dat is balen. Waarom voetbal je eigenlijk niet goed? Je bent toch immers veel beter dan die spelers van de D1.'

 'Echt niet.'

 'Natuurlijk wel. Of ben je in de vakantie soms een stuk slechter gaan voetballen?'

 'Nee, volgens mij niet.'

 'Nou, dan wil ik straks wel eens zien waarom het in de D1 niet goed met je gaat.'

 Omdat er meer jongens bij komen, stoppen we met ons gesprek. Al blijf ik er wel over nadenken, want eerlijk gezegd geloof ik Johan meer dan mijn vader en al die andere grote mensen bij de club. Ik besluit daarom om vandaag toch nog maar weer eens extra mijn best te doen, want wie weet lukt het dit keer wel en ben ik eindelijk van het gezeur van mijn medespelers en die fanatieke ouders af. Aan de andere kant vraag ik me trouwens af of goed voetballen wel iets helpt. Die jongens zijn namelijk allemaal arrogante kwasten en hun ouders vervelende mensen en die veranderen echt zomaar niet.  Als ik na gezellig de wedstrijd van de E1 te hebben gekeken, tegen tien uur met mijn voetbaltas naar de  kleedkamer loop, voel ik me na een paar minuten alweer diepongelukkig. Vooral als mijn trainer me even apart neemt en me natuurlijk nog weer eens extra duidelijk moet maken, dat ik tot op heden nog maar heel weinig gepresteerd heb. 'Ik heb je de eerste twee wedstrijden wel goede dingen zien doen, maar je bent nog niet de speler die je vorig seizoen was. Dat is natuurlijk ontzettend vervelend, maar ook weer niet zo'n heel groot probleem. Ik denk en hoop namelijk dat het gewoon een kwestie van wennen is. Al moet je wel proberen om wat meer aan het spel mee te doen. Je loopt er de meeste wedstrijden namelijk wat verloren bij en dat moet natuurlijk niet. Je lijdt ook veel te vaak balverlies. Ben je soms erg moe?'  Ik schud mijn hoofd een paar keer en wil doorlopen en me gaan verkleden, maar de trainer heeft nog meer ellende voor me in petto.  'Ik ben bang dat de stap van de E naar de D toch wat te groot voor je is geweest en daarom heb ik besloten om je vandaag een halve wedstrijd rust te gunnen. Je kunt al je krachten dus gebruiken voor de tweede helft en ik verwacht dan ook eindelijk weer eens de Remco van vorig seizoen te zien. Komt dat goed?'

 'Ik doe mijn best.'

 'Mooi, ga je dan nu maar verkleden.'

Het liefst zou ik naar huis gaan, maar dat durf ik niet. Mijn vader zou het trouwens ook niet goed vinden, want die vindt het volgens mij hartstikke leuk dat ik in de D1 zit en zal zeker ontzettend balen als ik niet meer wil voetballen. Ik denk er echter wel steeds vaker over na om er maar mee te stoppen, want deze narigheid kan me eerlijk gezegd gestolen worden. Wat het allemaal nog beroerder maakt, is dat de jongens van de E1 straks komen kijken en ik niet eens mee mag doen. Al is dat aan de andere kant misschien ook wel een voordeel, want zo zien ze het tenminste ook niet als het helemaal fout gaat en als de tweede begint, zullen ze toch al wel naar huis zijn.  Terwijl we ons aan het verkleden zijn, maakt de trainer eerst de opstelling bekend en daarna vertelt hij zoals iedere week wat we vandaag wel en zeker niet moeten doen. Tenminste dat denk ik, want het dringt totaal niet tot me door wat hij zegt. Ik denk namelijk maar aan één ding en dat is eerst een half uur op de bank zitten, dan een half uur voetballen en daarna zo snel mogelijk naar huis. Gelukkig hoeven we pas dinsdag weer te trainen, zodat ik de eerste paar dagen in ieder geval aan iets anders kan denken.Als ik vijf minuten later op het veld kom en mijn vader zie, loop ik eerst even bij hem langs.

 'Ik sta de eerste helft reserve.'

 'Waarom dat?'

 'De trainer vindt dat ik rust moet hebben.'

 'Ben je moe dan?'

 'Nee. Hij denkt dat dat de stap van de E naar de D te groot voor me is geweest en er was nog meer, maar dat ben ik vergeten.'

 'Dan zal ik het zo wel even aan hem vragen. Je moet in de tweede helft trouwens wel zorgen dat je goed speelt, want anders sta je volgende week weer wissel en dat moeten we niet hebben. Zeker omdat je erg goed kunt voetballen, want dat heb je vorig seizoen vaak genoeg laten zien. Verpruts het dus niet omdat je niet met je medespelers overweg kunt, maar wees een vent.'

 Ik knik een keer en loop met een brok in mijn keel door om te beginnen met mijn warming-up. Wat een ellende toch en wat voel ik me alleen. Het lijkt namelijk wel of alle grote mensen en zeker mijn vader alleen maar aan goed en zo hoog mogelijk voetballen denken en er helemaal niemand beseft hoe ongelukkig ik me voel. Natuurlijk wil ik zelf ook wel graag goede wedstrijden spelen, maar daarnaast wil ik plezier hebben en moet het gezellig zijn en dat is het in de D1 zeer zeker niet. Tenminste niet voor mij. Ik weet alleen nog steeds niet hoe ik dit probleem op moet lossen en daarom word ik  opeens zo intens verdrietig dat de tranen me over mijn wangen stromen. Natuurlijk probeer ik ze direct weg te vegen, maar blijkbaar lukt me dat niet erg goed.

 Als we vijf minuten later naar de kleedkamer gaan en ik in het gangetje mijn oude trainer van de E1 tegenkom, ziet hij namelijk direct dat ik gehuild heb. Hij komt dan ook met een bezorgd gezicht naar me toe en als ik zijn arm om mijn schouders voel, begin ik weer te huilen en het lijkt net of ik niet meer kan stoppen.  'Wat is er toch jongen? Heb je verdriet? Is er iets met je ouders? Ben je soms ziek? Als je niet kunt voetballen, dan moet je het zeggen hoor. Ik loop dan wel even naar je leider.'

 Ik ben nog steeds niet in staat om wat te zeggen, maar hou Ronald, mijn oude trainer zo stevig vast, dat hij blijkbaar wel in de gaten heeft dat er echt iets met me is. Hij trekt me namelijk zachtjes met zich mee en hoewel ik me heel goed besef dat ik eigenlijk bij mijn team moet zijn, loop ik toch met hem mee naar een leeg kamertje bij de kantine. Daar laat hij me eerst nog even huilen, maar als ik na een aantal minuten wat rustiger wordt, begint hij te praten.  'Vertel me nu maar eens wat er is. Moet ik je vader soms even roepen?'

 'Nee, die begrijpt me toch niet.'

 'Wat is er dan?'

 'Ik vind het vreselijk in de D1 en zag zo tegen de wedstrijd op, dat ik afgelopen nacht heel slecht geslapen heb.'

 'Hoe komt dat dan?'

 'De jongens zijn niet leuk, hun ouders zijn helemaal niet vriendelijk en ik ben hartstikke bang dat ik iets fout doe, want dan beginnen ze allemaal te mopperen. Het voetballen gaat trouwens ook helemaal niet goed en vandaag moest ik daarom de eerste helft reserve zijn. Ik moet trouwens terug naar het team, want mijn leider weet niet waar ik ben.'

 'Jawel, die heeft gezien dat je met mij mee bent gelopen. Maak je daar dus maar geen zorgen over. Heb je er al met je leider en je ouders over gesproken dat je de D1 verschrikkelijk vindt?'

 'Wel met mijn vader, maar die zegt dat ik zeur en door moet zetten. Hij zal het ook zeker niet goed vinden als ik nu in een ander team ga spelen.'

 'Zou je wel weer bij ons in de E1 willen voetballen?'

 Ik word opeens helemaal warm van blijdschap.

 'Zou dat kunnen?'

 'Als het aan mij ligt wel, maar je trainer en het bestuur moeten er natuurlijk ook mee eens zijn. Ik beloof je om er  straks na de wedstrijd met ze over te gaan praten. Ik ga nu echter eerst je vader halen, want die zal zich vast wel afvragen waar je bent.'

 'Hij is natuurlijk hartstikke boos op me.'

 'Maak je daar maar geen zorgen om, want ik praat eerst wel even met hem. Ik ben zo weer terug.'

 'Goed.'

 Als mijn oude leider weggelopen is en ik alleen achterblijf, begin ik me al snel behoorlijk zorgen te maken. Mijn vader deed gisteren immers al aardig knorrig tegen me toen ik zei dat ik de D1 niet leuk vond en dat zal nu nog wel erger zijn. Zeker als hij hoort dat ik eigenlijk weer terug naar de E1 wil en het heel misschien ook wel kan. Ik hoop daarom dat hij maar snel komt, want des te eerder is zijn gemopper over. Gelukkig hoef ik niet lang te wachten, want een paar minuten later hoor ik al iemand aankomen en als de deur open gaat, blijkt het wel degelijk mijn vader te zijn. Hij is echter alleen en kijkt helemaal niet vrolijk.

 'Wat is er aan de hand? Waarom zit je hier? Waarom heb je gehuild? Moet je niet voetballen? Je mocht de tweede helft toch meespelen?'

 'Waar is Ronald?'

 'Die moest even wat mensen spreken en komt zo. Je hoeft echter toch niet op hem te wachten voor je wat zegt?  Ik ben je vader hoor en hij niet.'

 'Hij wil me helpen.'

 'Denk je dat ik dat niet wil? Ik weet alleen niet eens wat er aan de hand is, want je hebt blijkbaar meer tegen hem dan tegen mij verteld.'

 Ik vind het verschrikkelijk dat mijn vader zo tegen me praat en ben daarom dolblij dat Ronald weer binnenkomt.  'Nou, het is voor elkaar. Je mag met ingang van vandaag weer terug naar de E1.'

 'Daar ben ik het helemaal niet mee eens.'

 'Waarom niet meneer?'

 'Omdat Remco een erg goede voetballer is, die in de D1 veel meer kan leren dan in de E1. Hij moet nu dus niet zeuren en gewoon even door de zure appel heen bijten. Ik heb toen ik vroeger voetbalde ook altijd voor mijn plekje moeten knokken, dus wil ik niet dat hij zomaar opgeeft. Hij kan een goede voetballer worden, maar hij moet wel karakter tonen.'

 Terwijl ik zelf van wanhoop niet meer weet wat ik doen of zeggen moet, begint Ronald rustig te praten.  'U heeft helemaal gelijk, meneer. Remco is een goede speler en voetballend kan hij zeker met de D1 mee. Hij moet het echter wel leuk vinden en er als kind aan toe zijn om een niveau hoger te voetballen.  U vergeet namelijk even dat hij nog niet eens tien jaar is. Als hij op die leeftijd hier zit te huilen in plaats van blij op het voetbalveld te rennen, dan doen wij als club en u als vader iets niet goed. Ons hoofddoel moet namelijk zijn om de jongen een plezierige voetbaltijd te bezorgen en als hij daarnaast goed leert voetballen, dan is dat mooi meegenomen. Dit laatste mag echter nooit het belangrijkste worden en eigenlijk weet u dat net zo goed als ik.'

 'Je zult wel gelijk hebben. Kom jongen, ga je maar verkleden.  Het is inmiddels elf uur en dus de hoogste tijd om naar huis te gaan.'

Natuurlijk ben ik dolblij dat mijn nare avontuur in de D1 verleden tijd is. Door de reactie van mijn vader kan ik er echter nog niet van genieten en dat lukt me ook de volgende weken niet. Op een gegeven moment ga ik me zelfs afvragen of ik toch niet beter in de D1 had kunnen blijven. Mijn vader komt namelijk nooit meer bij me kijken en heeft ook thuis nog maar heel weinig aandacht voor me.