Geen woorden maar daden

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Enkele weken geleden las ik via de bekende sociale media een boeiend verhaal. Een herkenbaar verhaal over hoe het er in het amateurvoetbal te veelvuldig aan toe gaat. Het verhaal was geschreven door Henk Doppenberg. Via Google was Henk Doppenberg snel gevonden en voor mij als liefhebber van het amateurvoetbal opende zich een speelgoedwinkel. Een speelgoedwinkel in de vorm van een website met o.a. fictieve voetbalverhalen die allemaal op de tegenwoordige tijd geplaatst kunnen worden. Ik besloot er een mailtje aan te wagen om in contact te komen met Henk die, zo bleek op zijn website www. henk-doppenberg.nl , ook een vijftiger bleek te zijn. Al snel kwam er antwoord op mijn vraag of Puurvoetbalonline zijn verhalen mocht publiceren waarbij bronvermelding een vanzelfsprekendheid was. Het antwoord van Henk was positief en vandaar dat ik met regelmaat een verhaal van Henk zal publiceren. Verhalen die allemaal letterlijk uit het 'voetbal' leven zijn gegrepen zoals ook deze met als titel: Geen woorden maar daden

Profielfoto van Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl

Als de voorzitter de bijzondere ledenvergadering opent, is duidelijk aan zijn gezicht te zien dat hij weinig goeds te melden heeft en dat blijkt ook zo te zijn.  'Goedenavond allemaal. We hebben jullie voor vanavond uitgenodigd omdat we slecht nieuws te vertellen hebben. Misschien dat jullie er in het geruchtencircuit al iets over gehoord hebben, maar de club zit in ontzettend zware financiële problemen. Het is zelfs zo erg, dat het voortbestaan van de vereniging in gevaar lijkt te komen. Wat is er dan aan de hand, zult u denken. Nou, het volgende: We hebben verleden jaar december controle gehad van de belastingdienst en daarbij zijn meerdere zaken aan het licht gekomen. Ik zal u alle feiten niet noemen, maar wel dat we een naheffing krijgen die minimaal twee tot tweeënhalve ton is en met wat pech nog verder kan oplopen. Het onderzoek loopt namelijk nog en de definitieve aanslag wordt daarom over enkele maanden pas verwacht.'

De voorzitter wacht even om een slokje water te nemen en vervolgt dan: 'Iedereen die een beetje gevoel voor cijfers heeft, zal begrijpen dat we door dit alles als vereniging grote moeite zullen krijgen om de financiële eindjes aan elkaar te kunnen blijven knopen. Er zijn namelijk tegelijk ook twee redelijk grote sponsors afgehaakt, omdat zij niet bij een club met dit soort problemen betrokken willen zijn. De club staat er dus ontzettend slecht voor, maar we hebben verleden week met het dagelijks bestuur bij elkaar gezeten en menen dat het probleem nog wel op te lossen is. Als we tenminste op korte termijn heel veel geld bij elkaar weten te halen. Ik weet dat dit gemakkelijker gezegd dan gedaan is, maar het is wel de enige manier om onze vereniging overeind te houden. Wij hebben daar echter jullie hulp voor nodig en daarom hebben we dus deze bijzondere ledenvergadering uitgeschreven. Voor ik ga vertellen wat onze precieze plannen voor vanavond zijn, krijgen jullie echter de gelegenheid om vragen te stellen.'

 Het blijft nu eerst even stil, maar dan steekt Aris, één van de oudere leden van de vereniging, zijn hand op.  'Zeg het maar, Aris.'
 'Ik zou graag willen weten waar de problemen door zijn ontstaan.'
 'Daar kan ik zonder in detail te treden heel kort over zijn. Het komt omdat de inkomsten uit de kantine en de entreegelden niet goed opgegeven zijn en verder heeft het met de salarissen van de trainers en de vergoedingen van de selectiespelers te maken.'
'Zijn het fouten of zijn er bewust verkeerde bedragen aangegeven?'
'Het zijn geen fouten en daarom is de penningmeester uit het bestuur gezet.'
'Is er met de belastingdienst nog iets van een regeling te treffen?'
 'We moeten sowieso betalen. We willen echter wel proberen om een betalingsregeling te treffen en ik neem aan dat dit lukt. Een volgend punt is echter, dat we ons dan wel aan die gemaakte afspraken moeten houden en er dus geld moet zijn om te kunnen betalen. Daarom zouden we graag zien, dat iedereen binnen de club helpt om de financiële rommel op te ruimen.'

 De voorzitter gaat na opnieuw een slokje water weer verder.  'Waarschijnlijk hebben velen van jullie wel plannen hoe we op een niet al te moeilijke manier geld binnen kunnen halen. Als we iedereen zijn idee uit zouden laten leggen, zou de avond echter te lang duren en daarom hebben we iets anders bedacht. Jullie krijgen zo namelijk allemaal een papier om één of meerdere ideeën op te schrijven.  Tevens vraag ik jullie om bovenaan het formulier in te vullen of jullie bereid zijn mee te helpen bij het opzetten, uitvoeren of organiseren van één of een aantal van deze plannen. We komen dan volgende week met de mensen die zich hiervoor opgegeven hebben bij elkaar om alles verder uit te werken. Heeft iemand nog vragen?'

Omdat er niemand reageert, geeft de voorzitter een seintje aan drie medebestuursleden dat ze de formulieren uit kunnen delen en gaat hij op het hoekje van de bar zitten wachten tot iedereen zijn of haar idee opgeschreven heeft. Dat duurt een heel tijdje, want er zijn mensen die aan één formulier niet genoeg hebben en er daarom nog één komen halen. Als iedereen uiteindelijk klaar is, neemt hij eerst nog een slokje water en loopt hij vervolgens weer naar de microfoon.  'Als er nog iemand iets zeggen wil over wat hij of zij net opgeschreven heeft, dan kan dat. U mag het echter straks na deze bijeenkomst ook persoonlijk komen doen. Wie mag ik het woord geven? Heer Larikman?'
 'Ja, ik wil graag wat zeggen. Ik hoop dat iedereen die hier is, net op het formulier aangegeven heeft dat hij of zij mee wil helpen bij het realiseren van alle plannen die vanavond gemaakt zijn. De vereniging is namelijk van ons allemaal, dus moeten we er nu ook samen voor zorgen dat ons clubje blijft bestaan. Daarom vraag ik de mensen die zich nog niet opgegeven hebben om dit alsnog te doen. Denk eraan dat het voor een goede zaak is.' 

Er barst nu een daverend applaus los, waar de voorzitter enthousiast aan mee doet. Na een paar minuten maant hij de mensen echter met een paar handbewegingen tot stilte om vervolgens de bijeenkomst af te sluiten.  'Na alle doffe ellende van de laatste maanden, was dit voor mij eindelijk weer eens een fijne avond. Ik ben namelijk heel erg blij met de volle kantine en ook met alle ideeën die jullie op papier hebben gezet. Bedenk echter wel, dat we onze plannen eerst om moeten zetten in daden voor ze echt geld opleveren. Het moet dus nog gebeuren, maar met de inzet van iedereen moet het goed komen. Wij gaan als bestuur deze week nog alle door jullie ingeleverde formulieren doorlezen en vervolgens maken we daar een overzicht van, wat vandaag over twee weken met alle mensen die zich net opgegeven hebben zal worden besproken. Is er nog iemand die iets vragen of zeggen wil? Niemand? Dan bedank ik jullie allemaal voor jullie aanwezigheid en graag tot over veertien dagen.'

 Als de leden naar huis zijn en het bestuur de ingeleverde formulieren vluchtig doorleest, valt hen meteen op dat er ontzettend veel mensen zijn die aangegeven hebben dat ze willen helpen en dat doet hen erg goed. De secretaris spreekt zelfs van een historische avond, maar de al wat oudere voorzitter is iets voorzichtiger.  'Het begin is goed, maar laten we niet te vroeg juichen.'
 'Ben je nu niet wat negatief
 'Misschien, maar dat zal blijken.'
'Waarom ben je niet zo enthousiast dan?'
'Dat heeft geen echte reden, maar ik weet uit ervaring dat mensen op een avond als vanavond heel snel iets roepen en hun medewerking toezeggen. Als ze er over twee weken nog net zo over denken en hun belofte nakomen, dan is dat natuurlijk geweldig en ben ik ook enthousiast. Zover is het echter nog niet.'
De secretaris knikt een keer, maar lijkt zijn voorzitter nog niet echt te begrijpen. 'Ik tel net dat er tachtig mensen zich hebben opgegeven om verder mee te helpen. Verwacht jij dat die mensen er over veertien dagen niet allemaal zijn?'
'Ik hou er wel rekening mee. Als er dertig zijn, vind ik het top en als er meer komen, ben ik dolgelukkig.'
'Als je jezelf ergens voor opgeeft, dan kom je toch?'
 'Zo zou het wel moeten zijn, maar het werkt soms echt anders. Al hoop ik natuurlijk wel, dat ik wat dit betreft te negatief over de mensen denk.'
'Dat begrijp ik.'
Als het bestuur twee dagen later bij elkaar komt om alle formulieren te ordenen, blijken de leden ontzettend veel  verschillende plannen op te hebben geschreven. Zo hebben veel mensen een contributieverhoging in gedachten, wil men zowel de prijzen in de kantine als de entreeprijzen voor de wedstrijden van het eerste elftal omhoog doen en noemt men heel veel acties, die per stuk niet ontzettend veel, maar samen een behoorlijk bedrag op kunnen leveren. Verder blijken er ook leden te zijn die voor het grote geld gaan. Zo wordt er voorgesteld om leningen aan te gaan bij een aantal behoorlijk vermogende clubleden, wil men op zoek naar heel grote sponsoren en de andere sponsorbedragen fors verhogen en is er iemand die een oefenwedstrijd tussen twee topclubs uit het nationale en internationale voetbal wil. Nadat alles gelezen is, kennen de meeste bestuursleden geen twijfels meer en het is de secretaris die de mening van zijn collega's heel goed weergeeft.  'Ik denk dat we het er wel over eens mogen zijn, dat we hulp genoeg hebben om alle kleinere acties die voorgesteld zijn uit te kunnen voeren. Verder lijkt het me perfect om de prijzen voor de sponsoring, de entree, de contributie en de kantine aan te pakken. Het meest enthousiast ben ik echter over die voetbalwedstrijd. Als we een internationale topclub hierheen weten te halen, kunnen we namelijk goud verdienen. Ik neem niet aan, dat er mensen zijn die hier anders over denken.

 Iedereen knikt, behalve de voorzitter.  'Ik ben het ermee eens dat we de kleinere acties zoveel mogelijk door moeten laten gaan en één of meerdere niet al te dure leningen om op korte termijn de problemen met de belasting op te lossen, lijkt me ook top.  Al betwijfel ik of er veel mensen staan te springen om ons zoveel geld te lenen, maar dat ervaren we vanzelf. Verder ben ik het er ook mee eens dat we moeten proberen om nieuwe en als het kan wat grotere sponsors binnen te halen, maar de anderen dingen raad ik af.'

 De secretaris is opnieuw verbaasd.  'Waarom dan? Het grote geld laat je op deze manier namelijk liggen.'

 'Dat lijkt erop. Als we de prijzen zoals voor de sponsoring, de kantine en de contributie omhoog doen, raken we namelijk de mensen die het al niet echt breed hebben en dat moeten we niet doen. De kans dat ze het niet meer kunnen betalen en afhaken of stoppen met voetballen is immers veel te groot. Een gezin met een paar kinderen heeft bijvoorbeeld al kosten genoeg en zit echt niet op die prijsverhogingen te wachten. Plus dat ik wel sponsors ken die uit clubliefde sponsoren, maar die daar zakelijk gezien vandaag nog mee zouden moeten stoppen. Al die mensen hebben we in de toekomst heel hard nodig en moeten we nu niet wegjagen om onze problemen op te lossen.'
 Iedereen lijkt overtuigd, maar de secretaris geeft zich nog niet over.  'En dan die wedstrijd.'

 'Heel leuk. Wel ontzettend veel werk om zoiets te organiseren en dus niet iets voor de korte termijn, maar het is zeker de moeite van het proberen waard.'
 'Dat vind ik ook.'
'Heb je echter wel aan de kosten gedacht?'
Die halen we er met sponsoring, catering en kaartverkoop dik uit. Er komt namelijk gemakkelijk zes, zevenduizend man op zo'n wedstrijd af. Zeker in de vakantie.'
 'Heb je al sponsors en weet je zeker dat er zoveel mensen komen? Als het regent of onweert, komen er misschien niet meer dan twee of drieduizend.'
'Die Larikman schrijft dat hij met een paar vrienden garant staat voor de eventuele verliezen.'
'Als jij dan eens links en rechts informeert wat zo'n wedstrijd ongeveer kost.'
'Je wilt het dus wel doen.'
 'Dat zeg ik niet, maar ik wil voor we iets met een club afspreken wel een schriftelijke garantie van die Larikman dat hij ook echt garant staat. Dat zal wel via zijn bank moeten, maar daar kan ik wel even naar informeren.'

De andere bestuursleden blijken het toch wel met hun voorzitter eens te zijn en omdat alles inmiddels keurig op papier staat, maakt de voorzitter een einde aan de vergadering. Het wachten is nu op de avond met de mensen die toegezegd hebben om te helpen met de financiële acties en die begint met een vreselijke tegenvaller. Van de tachtig mensen die zouden komen, zijn er namelijk geen dertig zoals de voorzitter zei, maar negentien en de heer Larikman is er ook niet. Als men hem belt,  blijkt hij zelfs net op het punt te staan om zijn lidmaatschap op te zeggen en van die voetbalwedstrijd wil hij opeens niets meer weten.  Hoewel de voorzitter deze ontwikkeling dus al een beetje voorzien had, is het toch wel een enorme teleurstelling voor hem. Hij laat hier echter niets van merken en doet zijn uiterste best om samen met de mensen die wel aanwezig zijn een goede eerste aanzet te geven voor een aantal lucratieve acties. Omdat dit voor zijn gevoel heel erg goed is gelukt, gaat hij tegen tien uur met een bijzonder tevreden gevoel naar huis. Hij heeft echter wel weer ervaren, dat je in nood niet alleen je vrienden maar ook je clubvrienden leert kennen.