Verbazing maakt plaats voor respect

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Vorige week kwam het bericht door dat er enkele arbiters in het betaald voetbal ‘gezakt’ waren voor hun conditietest. Iets wat mij verbaasde maar ook nieuwsgierig maakte. Nieuwsgierig naar wat er precies moest gebeuren om een duel in het betaald voetbal te mogen leiden. Op de site van de als assistent-scheidsrechter fungerende Jeroen Sanders vond ik vervolgens het onderstaand artikel.
je profielfoto
Regelmatig krijg ik de vraag of wij scheidsrechters nog de Coopertest lopen. De Coopertest is een test waarbij de conditie wordt bepaald door te meten hoeveel afstand iemand in 12 minuten af kan leggen. Een intensieve duurloop dus. Deze manier van testen is eigenlijk niet geschikt om de conditie te meten die een scheidsrechter nodig heeft. Een scheidsrechter legt veel kortere afstanden af en heeft ook rustmomenten. Dit heet interval. Tegenwoordige conditietesten meten ook op die manier. We hebben inmiddels de shuttle-run test en het interval shuttle-run test gehad. Tegenwoordig wordt onze conditie gemeten met de FIFA-test, speciaal ontwikkeld voor scheidsrechters. Deze test bestaat uit twee delen. In deel één wordt het sprintvermogen getest. In deel 2 komt het uithoudingsvermogen aan de beurt. De test wordt altijd uitgevoerd op een sintelbaan.

Deel 1 bestaat uit sprintjes van 40 meter. Je sprint 40 meter en moet als scheidsrechter deze afstand afleggen binnen 6,2 seconden. Voor assistenten is dat 6,0 seconden. Je wandelt terug naar het begin en gaat opnieuw. Dit herhaalt zich zes keer. Wanneer je er eentje mist, loop je er één extra. Haal je tweemaal de tijd niet, dan heb je de conditietest niet gehaald.

Na het sprintgedeelte en een korte rust volgt deel 2. Je legt in een groepje een afstand van 150 meter af in 30 seconden (18 kilometer per uur). Vervolgens wandel je 50 meter in 35 seconden. De rustperiode voor assistenten is 40 seconden. Dit wordt twintig keer achter elkaar herhaald. Wanneer het je niet meer lukt om op tijd te zijn bij het einde van de 150 meter, val je uit.

Deze conditietest leggen de scheidsrechters en assistent-scheidsrechters tweemaal per jaar af: aan het begin van het seizoen en in maart. Internationale scheidsrechters lopen daarnaast ook bij de UEFA verschillende testen. Wat in deze tests dus niet getest wordt, is je maximale conditie. Er wordt alleen getest of je herstelvermogen goed genoeg is om deze test te doorstaan. Als dat lukt, ben je in feite conditioneel sterk genoeg om Betaald Voetbal te fluiten.

Het bovenstaande legde ik vervolgens voor aan looptrainer Jaap Smit. Jaap gaf commentaar op de link die ik plaatste en die ook een paar vragen stelde. ‘Om eerlijk te zijn deel 1 gaat nog wel maar gekoppeld aan deel 2 is dat een ander verhaal. Dan mogen we spreken over een zware test. Een test wat betekent dat de heren arbiters in totaal 4 kilometer moeten sprinten. Dat is zwaar en ook niet relevant want een arbiter sprint echt geen 4 kilometer volle bak in een wedstrijd. Hij sprint wel maar niet op 100%. Ik bergrijp dat het een FIFA-test is. Dan mag je de arbiters op die lijst, en eventuele kandidaten voor die lijst, die test wel laten doen maar niet meer die niet in de FIFA-ranking voor komen. Ik zou de arbiters liever aan het eind seizoen en voor de winterstop testen. Dan is het beeld veel completer. Maar om heel eerlijk te zijn, dat er arbiters zijn die deze test niet gehaald hebben verbaasd mij niets.