Vervroegd over naar de senioren?

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Enkele weken geleden las ik via de bekende sociale media een boeiend verhaal. Een herkenbaar verhaal over hoe het er in het amateurvoetbal te veelvuldig aan toe gaat. Het verhaal was geschreven door Henk Doppenberg. Via Google was Henk Doppenberg snel gevonden en voor mij als liefhebber van het amateurvoetbal opende zich een speelgoedwinkel. Een speelgoedwinkel in de vorm van een website met o.a. fictieve voetbalverhalen die allemaal op de tegenwoordige tijd geplaatst kunnen worden. Ik besloot er een mailtje aan te wagen om in contact te komen met Henk die, zo bleek op zijn website www. henk-doppenberg.nl, ook een vijftiger bleek te zijn. Al snel kwam er antwoord op mijn vraag of Puurvoetbalonline zijn verhalen mocht publiceren waarbij bronvermelding een vanzelfsprekendheid was. Het antwoord van Henk was positief en vandaar dat ik met regelmaat een verhaal van Henk zal publiceren. Verhalen die allemaal letterlijk uit het 'voetbal' leven zijn gegrepen zoals ook deze met als titel: Vervroegd over naar de senioren?
Profielfoto van Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl
Als Leen de kantine binnenkomt, wordt hij direct aangeschoten door Evert, de voorzitter van de technische commissie senioren. 'Hoi, heb je even?'
 'Jawel. Zeg het maar? Wat is er aan de hand?'
 'Ik ben gisteren gebeld door de hoofdtrainer of het mogelijk was om Thijs uit de A1 in de winterstop over te doen naar de senioren. We hebben er met onze TC al over gesproken en wij staan er honderd procent achter, maar ik weet natuurlijk niet hoe jullie erover denken en de jongen zal het zelf ook moeten zien zitten.'
'Ik weet natuurlijk niet wat mijn collega's ervan vinden, maar ik ben er in ieder geval op tegen.'
'Waarom dan? Omdat de A1 hierdoor zwakker wordt? Ik vind wel dat je in het belang van de vereniging moet denken, want het eerste heeft door de blessure van Anton geen spits meer.'
Leen is een beetje gepikeerd geraakt en dat is te merken.
 'Bij de senioren roepen ze altijd dat er in het belang van de club gedacht moet worden, maar dat doen ze alleen omdat zoiets bijna altijd in jullie eigen voordeel is. Ik ben het in dit geval trouwens ook oneens met die kreet, want ik zie het clubbelang niet.'
 'Dat valt me van je tegen. We willen toch allemaal graag dat het eerste niet degradeert?'
 'Natuurlijk, maar moeten we daar een jongen van zeventien voor opofferen? Als Thijs een echte versterking voor het eerste was, zou ik geen enkel probleem hebben met zijn tussentijdse overgang. Ik denk echter dat hij nog helemaal niet aan die stap toe is en het puur paniekvoetbal is dat jullie hem erbij willen hebben. Hebben jullie bij de senioren geen andere spits?'
 'Volgens de trainer zijn die slechter dan Thijs.'
 Omdat het ondertussen drukker in de kantine is geworden, lopen de heren naar de bestuurskamer om daar hun gesprek voort te zetten.
 'Wij rekenen erop dat Thijs het eerste in de derde klasse zal houden.'
 'Dat mag je niet van die jongen verwachten. Bedenk wel dat hij in een slecht draaiend team komt en ik begrijp dat de sfeer in de groep ook ronduit slecht is. Wat als hij het niet redt? Je kunt hem na een paar wedstrijd niet meer terugzetten naar de A en op de reservebank gaat die jongen kapot.'
 'Hij krijgt een basisplaats voor de rest van het seizoen.'
 'Wie zegt dat?'
'De trainer.'
'Dat kan hij niet maken. Als de jongen slecht speelt, zal hij kritiek krijgen van het publiek en van zijn medespelers en dat mag je zo'n jonge knul niet aandoen.'
 'Wij hebben alle vertrouwen in hem.'
 'Ja, als jullie dat niet hadden, zou het nog gekker zijn. Wij komen er in ieder geval niet uit. Ik zal het binnen de TC jeugd en het jeugdbestuur bespreken en dan hoor je het wel. Plus dat onze trainer zijn toestemming natuurlijk ook nog moet geven.'
'Maak er alsjeblieft wel een beetje haast mee, want we willen hem vanaf begin januari gelijk met het eerste mee laten trainen.'
'Laten we eerst maar afwachten wat de andere jeugdmensen van de zaak vinden.'
Als Leen de bestuurskamer uitloopt, botst hij bijna tegen de jeugdtrainer aan.
'Hé Arie. Heb je een momentje voor me?'
 'Jawel, maar wat is er toch aan de hand? Je kijkt zo somber. Krijg ik soms mijn ontslag?'
'Dat niet, maar misschien neem je het zelf wel.'
'Vertel.'
'Ze willen Thijs in de winterstop overhalen naar het eerste.'
 'Dat lijkt me niet verstandig.'
'Mij ook niet.'
 'Ten eerste kan hij dat niveau nog niet aan en ten tweede mist hij ook nog karakter. Als hij in de A een tikje krijgt laat hij zijn koppie al meteen hangen en bij het eerste gaat het er nog een beetje harder aan toe. Zeker nu ze de rest van het seizoen degradatievoetbal moeten spelen, want handhaven zal een hele klus voor ze worden.'
'Ik ben het helemaal met je eens. Die jongen moet nog lekker een half jaar in de jeugd blijven, want ten eerste kan hij bij jullie nog genoeg leren en ten tweede is een goede tweede seizoenshelft in de A ook goed voor zijn zelfvertrouwen. Zo'n kerel is het namelijk nog niet.'
'Maar wat nu?'
'We hebben komende dinsdag vergadering met het jeugdbestuur en de TC. Kom na jullie training dus maar even langs, dan praten we verder.'
'Afgesproken.'
Tijdens de vergadering beseft Leen al snel dat de senioren behoorlijk aan het lobbyen zijn geweest om hun gelijk te halen en daar baalt hij flink van. Het gaat hem er namelijk helemaal niet om dat hij het eerste of wie dan ook tegen wil werken, maar alleen om Thijs. Hun voorzitter, die prima zijn werk doet maar heel weinig met voetbal heeft, blijkt echter wat gemakkelijker tegen de zaak aan te kijken.
'Ik vind dat we als jeugd trots moeten zijn dat we een speler opgeleid hebben, waarvan door iedereen verwacht wordt dat hij ons eerste in de derde klasse gaat houden.'
Dat zeggen de mensen van de senioren, maar wij als TC-jeugd denken daar heel anders over en zijn er op tegen dat de jongen de overstap maakt.'
'De jeugd en de senioren moeten elkaar toch helpen, Leen. We zijn immers één vereniging.'
'Weet ik, maar wij komen voor het belang van Thijs op en dat doen de senioren niet.'
 'Zij zullen het niet leuk vinden als we niet akkoord gaan met hun voorstel.'
 'Ja, daar kan ik ook niets aan doen.'
'Kunnen we de senioren dan helemaal nergens in tegemoetkomen?'
'Daar gaat het niet om. We willen het eerste altijd helpen, maar niet ten koste van Thijs.'
 'Ik zal het aan ze doorgeven.'
 'Doe dat.'
 Als de vergadering voorbij is en de bestuursleden naar de kantine lopen, ziet Leen de hoofdtrainer en de jeugdtrainer samen aan de bar staan. Omdat hij wel kan raden waar de beide heren het over hebben, loopt hij naar ze toe.
 'Heren. Willen jullie wat drinken?'
 'Doe mij maar een cola.'
 'En mij ook. En zijn jullie eruit gekomen?'
 'Als je de zaak Thijs bedoelt, wel. Ik moet je alleen teleurstellen. Wij zien jullie plannen met de jongen niet zitten.'
 'Jammer, want we hebben die jongen echt nodig. Ik heb namelijk geen enkele speler die een goal kan maken en dat kan hij wel.'
 'Dat is waar, maar volgens ons is de jongen zowel fysiek als psychisch nog niet in staat om de stap te maken en we willen hem niet in een half seizoen kapot maken.'
De hoofdtrainer denkt even na.
 'Jullie kennen de jongen beter dan ik en daarom denk ik dat het goed is om het dan maar anders te doen. Als we hem nu gewoon in de A laten en ik hem zoveel mogelijk meeneem als wissel. Ik laat hem om te beginnen dan een kwartiertje of iets langer spelen en dan zien we wel wat het wordt. Als hij het oppakt, kunnen we zijn speeltijd uitbreiden en eventueel één keer in de week met ons mee laten trainen en anders stoppen we na een paar weken gewoon met het experiment. Hij kan zo in ieder geval wennen aan het voetbal in de senioren en er ligt lang niet zoveel druk op hem. Wat vinden jullie daarvan?'
Leen en de jeugdtrainer kijken elkaar een keer aan en knikken allebei.
'Wat ons betreft is dat geen probleem, maar het belangrijkste zijn we nog vergeten.'
'En dat is?'
 'We moeten nog met de jongen en zijn ouders gaan praten. Plus dat ik de technische commissie en het jeugdbestuur nog even van de veranderde plannen op de hoogte moet brengen. Praat jij als zijn trainer met Thijs, dan zal ik zijn ouders wel even bellen en de rest inlichten.'
 'Goed, maar wanneer doen we dat?'
'Gelijk. Ik zie Thijs net naar zijn fiets lopen.'
 'Dan ren ik hem snel achterna.'
Omdat iedereen akkoord is, worden er verdere afspraken gemaakt en kijken Thijs en diverse anderen binnen de club reikhalzend uit naar zijn eerste invalbeurt. De laatste zaterdag van januari is het dan eindelijk zover. Tien minuten na de pauze stuurt de trainer Thijs bij een 0-1 achterstand onder luid gejuich de dug out uit voor zijn warming-up en een kwartiertje later roept hij de jongen bij zich om in te vallen. Als Leen ziet dat hij met een spierwit gezicht het veld in komt, stoot hij de jeugdtrainer, die naast hem staat, aan.
 'Moet je kijken hoe wit hij is.  Hij is bloednerveus, maar goed dat we onze poot stijf hebben gehouden en hij maar hooguit twintig minuten mee hoeft te doen.'
'Precies. Dit moet voor  hem te  doen zijn.'
Een paar minuten later springen de mannen elkaar echter wild van vreugde om hun nek. Bij de eerste de beste aanval weet Thijs namelijk met een snoeihard schot de 1-1 op het bord te brengen en daarmee is het feest nog niet voorbij. Een minuut voor het einde kopt hij namelijk ook nog een voorzet binnen en daarmee stelt hij de overwinning definitief veilig. Als de scheidsrechter heeft afgefloten, rennen de supporters dan ook bijna allemaal dolgelukkig het veld in om de goaltjesdief te feliciteren en ook Leen is blij.
Als ze even later in de bestuurskamer na zitten te praten en er iemand van de TC senioren bij komt zitten, is het met zijn blijdschap echter snel gedaan.
'Besef je nu dat de TC senioren toch meer verstand van voetbal heeft dan jullie? Hoe heb je nu toch zo moeilijk kunnen doen over de overgang van die jongen? Iedereen ziet toch dat die Thijs een topper is. We zijn één vereniging, maar jammer dat jij alleen aan jezelf denkt. Ik ben blij dat dit gezeur nu echter voorbij is, want met ingang van aankomende week zit de jongen definitief bij het eerste.'
Leen vliegt op en wil iets heel onaardigs zeggen, maar dat is al niet meer nodig. De hoofdtrainer is hem namelijk voor en zet de man van zijn eigen TC flink op zijn nummer.
'Nu overdrijf je behoorlijk, want ik heb juist ervaren dat de mensen van de jeugd wel heel erg met ons meedenken. Zij denken echter ook aan het belang van hun spelers en niet zoals veel anderen, alleen maar aan winnen en vooral niet degraderen. Voor de club zou het goed zijn, als er nog meer mensen met dezelfde visie als hen rondliepen. De afspraak die ik met de jeugd had, blijft dan ook staan. We brengen Thijs rustig, dus volgende week weer een minuut of twintig, en zien dan vanzelf wel hoe het zich allemaal ontwikkelt.’ 
Het wordt ineens heel stil in de bestuurskamer en een paar minuten later is iedereen vertrokken.