Een toernooi naar de knoppen.

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Enkele weken geleden las ik via de bekende sociale media een boeiend verhaal. Een herkenbaar verhaal over hoe het er in het amateurvoetbal te veelvuldig aan toe gaat. Het verhaal was geschreven door Henk Doppenberg. Via Google was Henk Doppenberg snel gevonden en voor mij als liefhebber van het amateurvoetbal opende zich een speelgoedwinkel. Een speelgoedwinkel in de vorm van een website met o.a. fictieve voetbalverhalen die allemaal op de tegenwoordige tijd geplaatst kunnen worden. Ik besloot er een mailtje aan te wagen om in contact te komen met Henk die, zo bleek op zijn website www. henk-doppenberg.nl, ook een vijftiger bleek te zijn. Al snel kwam er antwoord op mijn vraag of Puurvoetbalonline zijn verhalen mocht publiceren waarbij bronvermelding een vanzelfsprekendheid was. Het antwoord van Henk was positief en vandaar dat ik met regelmaat een verhaal van Henk zal publiceren. Verhalen die allemaal letterlijk uit het 'voetbal' leven zijn gegrepen zoals ook deze met als titel: Een toernooi naar de knoppen
Profielfoto van Henk Doppenbergwww.henk-doppenberg.nl
'Met Aalt.'
 'Hoi, met Michiel. Ik heb een probleem.'
 'En dat is?'
 'We hebben morgen dat toernooi bij SOVA, maar ik heb spelers te weinig.'
 'Daar kom je wel laat achter. Hoeveel heb je er?'
 'Negen.'
 'Dan mis je er dus vier.'
'Klopt.'
 'Zijn die ziek?'
 'Jim wel, Erik is met vakantie en Joep en Tijs zijn een weekendje weg.'
 'Hoor je dat nu net pas?'
 'Nee woensdag, maar ik ben vergeten te bellen. Bel jij naar SOVA om af te zeggen?'
 'Ik denk er niet over. Je probeert maar twee spelers erbij te krijgen en anders ga je maar met negen of tien man. We gaan nu namelijk niet meer afzeggen en hun toernooi verknallen.'
Michiel is het duidelijk niet met Aalt eens.
'Dat meen je toch niet. Wat hebben we er nu aan om er met negen of tien spelers heen te gaan? We treffen behoorlijk sterke tegenstanders en gaan op die manier elke wedstrijd flink de boot in.'
 'Als je dat wil voorkomen, ga je maar aan het bellen om spelers te lenen van andere teams.'
 'Die hebben toch allemaal zelf een toernooi en ik moet trouwens zo weg.'
 'De C2 moet ook naar SOVA, maar heeft volgens mij vijftien spelers en de C3 is vrij. Je doet je best dus maar en dat je nu niet weg kunt, is je eigen schuld. Had je woensdag gelijk maar moeten bellen.'
 'Wat doe ik als ik er toch niemand bij kan krijgen?'
'Niets, want je zorgt maar dat je er genoeg bij elkaar krijgt en als het helemaal niet lukt, mag je terugbellen.'
'Nou, bedankt voor de hulp en voor het verprutsen van mijn vrijdagavond.'
'De schuld ligt echt bij jezelf, man.'
Als Aalt zijn telefoon op tafel heeft gelegd, zit hij er nog een heel tijdje over na te denken dat iedereen tegenwoordig zo gemakkelijk is. Vroeger was een afspraak nog een afspraak, maar die tijd is al heel lang voorbij en afzeggen voor een toernooi deed je al helemaal niet. Dat was juist een feest voor de voetballers en hij vond het als leider trouwens ook altijd geweldig leuk. Dat is echter niet meer zo, want de laatste jaren hoor je steeds meer dat toernooien ontsierd worden door afzeggingen. Een nachtmerrie voor de organisatie, maar daar trekt blijkbaar zo goed als niemand zich nog iets van aan.
Aalts collega Jan-Willem, van OKB, staat net op het punt om met zijn vrouw uit te gaan eten als zijn telefoon gaat.
'Met Jan-Willem.'
 'Hoi, met Peter. Ik heb een probleem. We hebben morgen dat toernooi bij SOVA en ik heb geen vervoer.'
 'Hoeveel auto's heb je?'
 'Twee en ik moet er minstens vier hebben.'
'Wie hebben er afgezegd?
Niemand. De anderen konden gewoon niet.'
 'Je wilt toch niet zeggen dat je ze vanmiddag pas gebeld hebt?'
'Jawel, maar dat is toch vroeg genoeg?'
'Nee, natuurlijk niet. Als je een dag van te voren belt, is het risico toch veel te groot dat de mensen al iets anders hebben afgesproken.'
'Ik dacht dat het nog best kon, maar dat is dus niet zo. We zullen dus af moeten zeggen en eigenlijk komt me dat heel goed uit, want de ouders van mijn vriendin zijn morgen vijfentwintig jaar getrouwd.'

 'Nee Peter, dat is me te gemakkelijk. Het is nu half zeven, dus je hebt nog tijd genoeg om twee auto's te regelen. Probeer het maar eens bij de spelers van de senioren, want die hoeven morgen geen van allen te spelen.'
'Ik heb geen tijd meer om te bellen, want mijn vriendin zit op me te wachten.'
 'Dat is dan jammer, want je zorgt maar dat je een paar auto's krijgt.'
 'Als ik mijn vriendin laat wachten, heb ik het hele weekend ruzie.'
'Dat zal nog wel eens vaker gebeuren. Je hebt je verplichtingen tegenover je team, dus je zorgt maar dat het vervoer voor elkaar komt. Ik reken op je.'
'Nou, mooi. Volgend seizoen zoek je maar een andere leider.'
 'Daar spreek ik je nog wel over. Tot ziens.'

Peter verbreekt zonder te groeten de verbinding en Jan-Willem maakt zich hier zo kwaad over, dat hij er even aan denkt om de jongen hierover te bellen en hem op zijn onbeschofte gedrag aan te spreken. Natuurlijk zal de knaap het vervelend vinden om zijn vriendin nu af te moeten zeggen en als haar ouders morgen vijfentwintig jaar getrouwd zijn, zal hij best graag de hele dag naar haar toe willen, maar hij heeft ook zijn verantwoordelijkheid ten opzichte van OKB. Plus dat het allemaal zijn eigen schuld is, want hij had dat vervoer ook aan het begin van de week kunnen regelen. Dat zielige gedoe van hem slaat dus helemaal nergens op. Als hij ziet dat zijn vrouw buiten op hem staat wachten, besluit hij niet meer aan het voetballen te denken en met haar mee te gaan. Hij hoort morgenmiddag immers vanzelf wie er voor de C1 gereden hebben en als Pieter niemand kan krijgen, belt hij aan het einde van de avond immers vanzelf weer terug.

 Karel, de toernooicoördinator van SOVA, is al weken met zijn toernooi voor de C junioren bezig. Het was namelijk een hele klus om twintig teams te vinden en toen hij het anderhalve maand geleden voor elkaar dacht te hebben, kreeg hij ineens drie afzeggingen. Gelukkig waren daar snel vervangers voor gevonden, maar veertien dagen geleden had hij opeens weer een probleem. Toen hij het programmaboekje via e-mail verstuurde, kreeg hij namelijk nog eens twee afzeggingen. Ook hier heeft hij echter weer nieuwe deelnemers voor gevonden en omdat er zich daarna niemand meer heeft afgemeld, rekent hij er vast op dat alle teams er morgen zijn. Voor alle zekerheid kijkt hij rond half elf nog een keer op zijn computer of er geen afzeggingen via de mail zijn binnengekomen. Dit is echter niet het geval en daarom gaat hij een half uurtje later met een gerust hart naar bed.

De volgende ochtend is hij al vroeg wakker. Als hij op zijn telefoon kijkt en ziet dat het pas kwart over zes is, beseft hij dat het nog geen tijd is om op te staan. Het lukt hem echter niet meer om rustig te blijven liggen en daarom besluit hij om er een half uurtje later toch maar uit te gaan. Hoewel hij pas om half negen bij de club hoeft te zijn en dus meer dan vroeg genoeg is, gunt hij zich toch amper tijd om zich te douchen en met de hond uit te gaan. Hierdoor zit hij voor half acht al kant en klaar in de kamer en besluit hij tien minuten later om maar vast te gaan. Hij rekent er namelijk op, dat de mensen van de kantine er al wel zijn.

 Die zijn er echter niet, maar dat vindt hij geen probleem. Het is immers schitterend weer en als er toernooien zijn, is hij nu eenmaal liever een half uur te vroeg dan vijf minuten te laat. Lang hoeft hij niet te wachten, want tien minuten later is de kantinebaas er en weer vijf minuten later zit hij al aan de koffie. Het wordt nu snel drukker en als Jan, de man waar Karel al jaren samen de toernooien mee doet, er tegen half negen ook is, lopen ze samen naar het wedstrijdsecretariaat om op de komst van de deelnemende teams te wachten.
'Heb je voldoende programma's?'
 'Ja, ik heb er dertig. Tien voor de scheidsrechters en natuurlijk voor onszelf en twintig voor de teams.'
 'De clubs hebben toch al een programma per mail gehad?'
 'Ja, maar dat heb ik door die afzeggingen weer moeten veranderen. Ik heb ze daarom afgelopen week allemaal weer een berichtje gestuurd dat ze vandaag een nieuw programma krijgen.'
 'Zou iedereen komen?'
'Ik hoop het. Volgens mij komen daarginds de eerste teams al aan.'
Het blijft nu doorlopen en die gezellige drukte maakt Karel heel gelukkig. Tot zijn telefoon gaat en hij met een bang voorgevoel opneemt.
''Met Karel Fransen.'
 'Hallo met Aalt Talsma van PV 2000. Ik heb slecht nieuws voor je. De leider van onze C1 belt me net dat hij mensen tekort heeft en niet kan spelen. Hij is vanaf gistermiddag bezig geweest om vervangers te zoeken, maar dat is hem niet gelukt.'
 'Dat is balen, maar niets aan te doen. Ik ga het programma aanpassen.'
 'Nogmaals sorry.'
 'Volgende keer beter.’ 
Karel loopt zo snel hij kan naar zijn collega Jan, die al in de gaten heeft dat er wat fout is gegaan.
 'Heb je een afzegger?'
 'Ja, PV 2000 komt niet. In die ene poule zitten nu nog maar vier teams. Ze spelen dus nu een wedstijd minder, maar wel vijfentwintig in plaats van twintig minuten. Zo zijn ze allemaal gelijk klaar voor de finales en voetballen ze net zo lang als de andere teams. Dat programma had ik voor alle zekerheid al gemaakt en staat hier op de computer. Ik ga meteen even wat printjes maken en kom zo snel mogelijk weer terug.'
 'Goed.' Als Karel naar de bestuurskamer draaft om nieuwe programma's uit te draaien, kijkt hij op zijn horloge en ziet hij dat het inmiddels half tien is geweest. Hij heeft dus nog wel even tijd, maar niet lang meer. Om tien uur moeten ze immers beginnen en hij heeft er een verschrikkelijke hekel aan als er te laat gestart wordt. Een paar minuten kan nog, maar meer zeker niet. Dat levert namelijk alleen maar gezeur voor de organisatie op, want mensen hebben nu eenmaal een hekel aan wachten. Gelukkig zijn de printjes snel gemaakt en lijkt het probleem opgelost, maar niets is minder waar. Als Karel terugkomt bij Jan, hoort hij dat OKB en JJV er nog niet zijn.
 'Ik weet niet hoe laat die hun eerste wedstrijd moeten spelen.'
 'Tien uur. Ze spelen heel toevallig tegen elkaar en ze zitten ook nog eens in die poule van vier.'
'Nou, dat zit dan niet mee.'
 'Nee, zeg dat. Als ze maar komen. Zal ik ze anders eens bellen?'
'Doe maar.'
Als Karel zijn telefoon pakt en OKB belt, wordt er direct opgenomen.
'Met Jan-Willem Jansen.'
 'Hallo, met Karel Fransen van SOVA. Jullie C1 zou vandaag aan ons toernooi meedoen en moet over ruim tien minuten spelen, maar ze zijn er nog niet. Komen ze wel?'
 'Die leider heeft me gisteren gebeld dat hij vervoersproblemen had, maar hij zou wat gaan regelen en me anders terugbellen. Ik heb niets gehoord, dus had ik eigenlijk verwacht dat ze al bij jullie zouden zijn. Het enige wat ik kan doen, is de leider even bellen en dan bel ik daarna gelijk terug.'
 'Goed bedankt. Bel dan trouwens het nummer van de vereniging, want ik moet zelf nog een andere club bellen die er ook niet is. Mijn toestel kan dus in gesprek zijn.'
 'Best.'
 Voor Karel de volgende vereniging wil bellen, pakt Jan hem bij zijn arm.
 'Kun je niet beter even omroepen dat we vanwege het nog niet aanwezig zijn van een paar teams wat later beginnen. Anders komt iedereen zo hier vragen wat er aan de hand is en hebben we nog veel meer gezeur.'
'Je hebt gelijk. Ik doe het meteen. Wat zullen we doen? Een kwartiertje later beginnen?'
 'Doe maar een half uur. De kans is namelijk heel groot dat je het programma nog een keer aan moet passen.'
 'Best.'
Als Karel de microfoon heeft gepakt en iedereen staat te vertellen waarom ze nog even moeten wachten voordat er gevoetbald kan worden, ziet hij dat zijn collega Jan aan de telefoon zit en krijgt hij meteen het gevoel dat OKB toch niet komt. Helaas blijkt dat ook zo te zijn.
 'Volgens die kerel heeft hun leider tegen zijn team gezegd dat het niet doorging en verder niets meer gedaan. Hij baalde er wel flink van en bood weet ik hoe vaak zijn excuses aan, maar daar hebben we natuurlijk niets aan.'
'Nee precies. Ik ga nu dat JJV bellen, maar dat zal de volgende wegblijver wel zijn.'
 'Ben er ook bang voor.'
 'Je zou hier toch stapelgek van worden.'
 'Zeker.'
Helaas komt het voorgevoel van de twee mannen uit. Als Karel de man van JJV aan de telefoon krijgt, heeft hij echter wel verschrikkelijk veel moeite om zich in te houden.
 'Goedemorgen, met Tanninga.'
 'Hallo met Karel Fransen van SOVA. Wij zitten hier op jullie C2 te wachten.'
'Waarom?'
'Omdat ze ingeschreven zijn voor ons toernooi.'
'Dan heeft u dat zeker met mijn voorganger afgesproken, want ik weet nergens van.'
 'Ik heb u toch eerst een bevestiging en later het toernooiprogramma toegezonden?'
 'Ja, dat heb ik gezien en vond ik al zo raar.'
'Had u dan niet even kunnen reageren?'
 'Misschien wel, maar daar heb ik geen moment aan gedacht. Sorry. Moet ik nog proberen om een team bij elkaar te krijgen. Als ik een uurtje ga bellen, lukt dat misschien wel.'
 'Nee, laat maar. De groeten.'
Karel is zo kwaad, dat hij eerst een rondje om het gebouw loopt om af te koelen. Als hij weer binnenkomt, heeft hij zijn emoties echter weer redelijk in bedwang en overlegt hij met Jan wat ze nu het beste kunnen doen. Ze besluiten om de twee overgebleven teams uit de poule van de afzeggers bij de andere C1 poule te voegen. Daarmee kan het originele programma definitief in de prullenbak, maar een nieuwe is vrij snel gemaakt en het kopieerapparaat is gewillig. Plus dat ze tegen kwart voor elf eindelijk kunnen beginnen en dat is na al dat gezeur van die wachtende mensen ook een hele opluchting. Het plezier waar ze de dag mee begonnen, is er voor beide heren echter af en daarom zijn ze blij als de prijzen 's middags zijn uitgereikt en alle teams weer naar huis zijn. Zelfs het gebruikelijke biertje na afloop smaakt ze niet echt en daarom gaan ze even voor zes uur teleurgesteld naar huis. Ook Jan-Willem van OKB en Aalt van PV 2000 hebben geen fijne dag. Zij voelen zich er namelijk verantwoordelijk voor dat hun club voor veel ongemak op het toernooi van SOVA heeft gezorgd en besluiten om dit voorval op de eerstvolgende jeugdleidersvergadering uitgebreid aan de orde te brengen. Of het veel zal helpen weten ze alleen niet.