De problemen van een kleine(re) club - deel 2.

Geschreven door Henk Doppenberg op . Geplaatst in Columns

Enkele weken geleden las ik via de bekende sociale media een boeiend verhaal. Een herkenbaar verhaal over hoe het er in het amateurvoetbal te veelvuldig aan toe gaat. Het verhaal was geschreven door Henk Doppenberg. Via Google was Henk Doppenberg snel gevonden en voor mij als liefhebber van het amateurvoetbal opende zich een speelgoedwinkel. Een speelgoedwinkel in de vorm van een website met o.a. fictieve voetbalverhalen die allemaal op de tegenwoordige tijd geplaatst kunnen worden. Ik besloot er een mailtje aan te wagen om in contact te komen met Henk die, zo bleek op zijn website www. henk-doppenberg.nl, ook een vijftiger bleek te zijn. Al snel kwam er antwoord op mijn vraag of Puurvoetbalonline zijn verhalen mocht publiceren waarbij bronvermelding een vanzelfsprekendheid was. Het antwoord van Henk was positief en vandaar dat ik met regelmaat een verhaal van Henk zal publiceren. Verhalen die allemaal letterlijk uit het 'voetbal' leven zijn gegrepen zoals ook deze met als titel: De problemen van een kleine(re) club - deel 2
Henk Doppenberg www.henk-doppenberg.nl
Als ze de volgende keer bij elkaar zitten, blijkt dat iedereen zijn huiswerk meer dan goed heeft gedaan. Er zijn namelijk al een aantal zaterdagen en doordeweekse avonden geprikt voor toernooien en trainingen. De lokale en regionale kranten zijn al benaderd en de eerste artikelen over de vereniging zijn ook al verschenen. Plus dat er nog een aantal interviews in de planning zitten. De sponsormensen hebben nog geen succes gehad en dat zit Edward en Ingrid ontzettend hoog. Als Teun hen vraagt hoe het is gegaan, vliegen ze dan ook nog bijna uit hun vel van kwaadheid.

 'Wat een volk, die sponsorcommissie. Ze doen net of we concurrenten van elkaar zijn. Eerst wilden ze niet eens met ons samenwerken. Gisteravond belde die Erik dat het toch goed was, maar we moesten wel alles wat we wilden gaan doen eerst met hun overleggen. Ik weet alleen niet of dat een succes gaat worden, want die mensen hebben weinig verstand van zaken en willen gewoon helemaal niets. Het lijkt wel of ze jaloers op ons zijn. Ingrid had van iemand op haar werk een opzetje gekregen om een sponsorclub op te richten, maar dat kon volgens hen helemaal niet.'

 'Waarom niet, dan?'

 'Zij vonden dat je zoiets niet alleen voor de jeugd moest doen. Toen we zeiden dat het ook onze bedoeling was om de hele vereniging hierbij te betrekken, kwamen ze met het verhaal dat ze er eerst nog een keer met elkaar, dus zonder ons, over wilden vergaderen of zo'n sponsorclub wel iets voor ANN'34 was. Het kan meevallen, maar we rekenen er dus niet op dat die bedrijvenclub van de grond gaat komen. Ik heb er straks nog met Ingrid over gesproken, maar we hebben eigenlijk ook helemaal geen zin om nog een keer met die mensen om tafel te gaan. Zij doen net of ze alles weten. Kletsen werkelijk als kippen zonder koppen en het ergste is dat ze van het bestuur de vrije hand hebben gekregen om te doen wat ze willen. Ze voelen zich dus oppermachtig en daarom heeft samenwerken voor ons geen zin. Tenminste, zo denken wij erover.'

 Teun zucht een keer diep en strijkt met een ontstemd gezicht door zijn haar.

 'Ik was eerlijk gezegd al een beetje bang dat ze zo zouden reageren. Het probleem is echter, dat we wel met hen moeten samenwerken als het om de sponsoring gaat. Als zij en jullie bij hetzelfde bedrijf gaan vragen of ze iets voor de club willen doen, slaan we namelijk een enorme flater.'

 'Dat begrijpen Edward en ik natuurlijk wel, maar kan het hoofdbestuur dan niet een keer met ze praten? Het is toch niet goed, dat zij zich zo afwijzend opstellen naar ons toe? We zijn één vereniging, maar daar was tijdens het gesprek met hen echt niets van te merken. Het leek wel of ze zich door ons aangevallen voelden.'

 'Het probleem is, dat we een hele tijd geen sponsorcommissie hebben gehad en het bestuur blij is dat zij er nu zitten. Ze zullen hen dus zo min mogelijk in de weg leggen, want ze zijn veel te bang dat ze de sponsoring anders binnenkort weer zelf moeten gaan doen.'

 'Zouden er dan geen echt geen andere mensen zijn die dat willen doen?'

 'Weet jij iemand?'

 'Nee, maar ik blijf het vreemd vinden dat er zo weinig vrijwilligers zijn.'

 'Iedereen is druk.'

 'Dat is waar, maar zou ons bestuur de zaken ook niet wat moderner moeten gaan benaderen? Ik heb namelijk sterk het gevoel dat er een enorme muur tussen hen en de leden staat.'

 'Je hebt misschien wel gelijk, maar we dwalen af. Zal ik het probleem met het hoofdbestuur gaan bespreken?'

 'Best.'

Omdat er verder niet meer zo heel veel te bespreken valt, zijn ze tegen negen uur klaar met vergaderen en besluit Teun om gelijk de voorzitter van het hoofdbestuur maar te bellen.

 'Met Ton.'

 'Hoi, met Teun. Stoor ik?'

 'Nee hoor. Zeg het maar. Wat is er aan de hand?'

 'Ik heb vanavond vergadering gehad met de nieuwe bestuursleden en kreeg van Ingrid en Edward een nogal vervelend verhaal over de sponsorcommissie te horen. Ik rekende erop dat een samenwerking tussen hen geen probleem moest zijn, maar blijkbaar heb ik me vergist. Mijn mensen hebben dan ook weinig zin om nog een keer met hen te gaan praten en dat is jammer, want we zijn een kleine vereniging en hebben elkaar daarom allemaal heel hard nodig.'

 'Ik heb er iets van gehoord en snap de sponsorcommissie eerlijk gezegd wel een beetje. Zij hebben altijd trouw en, volgens mij, heel goed hun werk gedaan en nu komen er ineens twee mensen die hen vertellen dat zij het allemaal veel beter kunnen.'

 'Zo is het volgens Ingrid en Edward niet gegaan.'

 'Volgens de sponsorcommissie wel.'

 'Is het dan niet verstandig, dat wij de volgende keer bij hun overleg zijn?'

 'Misschien.'

 'Waarom niet?'

 'Zie jij het dan zitten om zo'n sponsorclub op te richten?'

 'Ik wel. Jij niet?'

 'Nee. Het zal best wat geld opleveren, maar we hebben wel elke keer die sponsors op de stoep en op dat gezeur zit de club volgens mij helemaal niet te wachten.'

 'Meen je dat echt?'

 'Ja, anders zei ik het niet.'

 'Als we hogerop willen, goede trainers aan willen stellen, onze eigen mensen een cursus aan willen bieden en het nodige voor onze voetballertjes willen organiseren, zullen we toch geld moeten hebben en kunnen we volgens mij niet om sponsoring heen. Zeker omdat de penningmeester ook zoveel geld niet meer heeft.'

 'Als we wat voor de leden willen doen, dan is daar geld voor. Wat de rest betreft, vraag ik me af of het wel zo verstandig is om daar veel geld aan uit te geven. Tijs traint de A1 en zijn cursus hebben we betaald, in ruil voor drie seizoenen gratis trainen. De andere teams worden getraind door mensen zonder diploma en ik zou niet weten wat daar niet goed aan is. Denk jij nu echt, dat ze het met een papiertje ineens veel beter gaan doen? En waarom moeten we trouwens nieuwe trainers aanstellen? We hebben er toch genoeg?'

 'Nu wel, maar Tijs moeten we na dit seizoen óf gaan betalen óf geen contract geven en een ander nemen. Zijn drie seizoenen gratis trainen, zitten er namelijk op. Wij zouden liever een ander hebben met wat meer ervaring, maar die zal meer geld vragen als Tijs zal doen. Plus dat we volgend seizoen ook een B hebben en daar willen we eigenlijk ook een gediplomeerde trainer op.'

 'Gaat Taco dan niet met de C1 mee omhoog?'

 'Nee, want ten eerste wil hij het team 's zaterdags niet begeleiden en ten tweede zijn we ook niet zo kapot van zijn trainingen. Hij laat ze eerst een kwartiertje lopen, dan even op doel schieten en vervolgens een partijtje, maar hij leert ze verder helemaal niets.'

 'Sorry, maar hier ben ik het niet mee eens. Die jongen heeft het altijd goed gedaan, dus kun je hem nu niet zomaar aan de kant zetten. Plus dat de leiders die groep 's zaterdags toch ook kunnen begeleiden?'

 'Nee, want ten eerste hebben die totaal geen verstand van voetbal en een trainer moet bij de wedstrijden zijn om te kijken of de spelers iets van zijn trainingen opgestoken hebben en waar hij de komende week op moet trainen. Plus dat een goede trainer zijn spelers tijdens de wedstrijd ook aanwijzingen kan geven, waardoor het betere voetballers worden. Dat is, zeker nu we hogerop willen, heel belangrijk.'

 'Je hebt het steeds over hogerop, maar waarom vinden jullie dat zo belangrijk?'

 'Wil jij dan door blijven modderen, op de manier zoals we dat de laatste jaren hebben gedaan?'

 'Teun, jongen. Ik ben nu bijna zestien jaar voorzitter en weet uit ervaring, dat er na een aantal slechte jaren vanzelf weer goede jaren komen. Dat is altijd al zo geweest en zal nu niet anders zijn. Daarom stel ik voor om niet alles overhoop te trekken, maar gewoon te blijven doen wat jullie altijd deden. Dus geen vrijwilligers wegsturen en inruilen voor dure krachten en zeker niet onnodig heel veel geld uitgeven. Verder moeten we een eenvoudige club proberen te blijven, zoals we dat altijd al zijn geweest en zorgen dat we zelf baas blijven in plaats van allerlei wazige sponsors. Als die lui er na een jaar mee stoppen, zitten wij namelijk met de gebakken peren.'

Teun ergert zich inmiddels mateloos aan de voorzitter, maar begint zich ook af te vragen waar hij en zijn mensen in vredesnaam aan begonnen zijn. Hij is echter niet van plan om zich zomaar gewonnen te geven.

 'Dus je bent tegen onze plannen en hoe denk je trouwens dat je medebestuursleden hierover denken?'

 'Mijn bestuur denkt er net zo over als ik. Tenminste Evert, Joop en Arie wel. Wij moeten nog tot de komende jaarvergadering en hebben weinig zin meer om nog wat nieuws aan te halen. Ik geloof er eerlijk gezegd ook helemaal niets van dat jullie plannen slagen, maar onze opvolgers zijn jonger en denken er vast anders over.'

 'Je bedoelt dus dat we beter kunnen wachten tot er na de jaarvergadering een nieuw bestuur is geïnstalleerd.'

 'Dat zou ik wel doen.'

 'Dan weet ik genoeg. Tot ziens Ton.'

 'Dag Teun.'

 Als Teun de verbinding heeft verbroken, zit hij eerst een hele tijd verdwaasd voor zich uit te kijken. Hij wist wel dat Ton een behoudende denkende man was, maar met zijn reactie van een paar minuten geleden had hij geen moment rekening gehouden. Opeens vraagt hij zich af of hun plannen dan niet te vooruitstrevend zijn en ze er beter mee kunnen stoppen. Als hij de andere leden van het jeugdbestuur belt, praten zij hem die gedachten echter weer snel uit zijn hoofd. Ze besluiten dan ook om het voorlopig even kalm aan te doen, maar na het aantreden van de nieuwe bestuursleden vol gas verder te gaan en hier is ook Teun het helemaal mee eens.

Het wordt helaas voor hem, maar ook voor zijn collega's, een bittere teleurstelling. Na een vier uur durend gesprek, komen de mensen van het jeugdbestuur namelijk tot de conclusie dat er niets is veranderd. Ook de nieuwe bestuursleden gaan namelijk voor alleen gezelligheid en zo min mogelijk gezeur, met het voetballen als een leuke bijzaak. Hier is Teun eerst verschrikkelijk ziek van, maar dan dringt het langzaam tot hem door dat het nooit wat zal worden met zijn club. Om te presteren, heb je namelijk prestatief ingestelde mensen met een voetbalvisie nodig en daar ontbreekt het gewoon aan.